De OS bij de ezel in een Antwerps stalleke

We zullen het allemaal geweten hebben: de Olympische Spelen moeten in 2016 naar Vlaanderen komen. En zelfs al zou de leuze ‘citius, altius, fortius’ elders weerklinken, dan nog zullen we die ‘altius’gevoeld hebben. In de tweede Latijnse betekenis van het woord dan wel; niet hoger dus, maar dieper. Een uitgediepte financiële put, die wij – ja, wij tegen die tijd – met een blauwe belastingsverlaging (Hoger, Lager, betalen doen we toch) sportief weer mogen opvullen. Die stunt wordt spelenderwijze uitgebroed door een Limburgs minister. Nee, voor één keer heeft Steve er niets mee te maken. Denk ik. Deze heet Marino. Een naam als een niet zo heilige dwergstaat voor een bestuurder van een dwergstaat die geeneens een dwergstaat is. Meesterbrein achter ‘s mans droomproject – fase één: de boel toegewezen krijgen – is een vijfentwintigjarige. Zo’n bengel krijgt zomaar alle middelen om uit zoeken of dromen geen bedrog zijn, en vervolgens, als hij niet wordt teruggefloten, de lakens en de poen uit te delen. Op je vijfentwintigste moet je dromen, maar laat de leiding over aan iemand die al wel een scheerapparaat nodig heeft. Er is in héél België maar één supertalent dat nog aan de Vitabis zit en dat ik internationaal iets wil laten organiseren, met name Vincent Kompany de verdediging van de Sporting. Die jongen is zelfs nog maar zeventien, en moet daags na een match op het bal der kampioenen ook gewoon weer op de schoolbanken zitten. Nietwaar Frank Raes?

Hoeveel talen spreekt u?

Uw reporters legden Christine Engelen, een vertegenwoordiger van het ICTL – het Interfacultair Centrum voor Toegepaste Linguïstiek – op de foltertafel. Ook al zegt de naam je niets, misschien ken je het wel als het instituut dat de taalcursussen organiseert op de stadscampus. Wat er allemaal te weten valt? Dat lees je hier:

Edit.

Al wie in de zomer stillag, heeft van oktober gebruik gemaakt om zich weer zoetjesaan op gang te trekken. Wat nieuwe cursussen – voor zover ze al beschikbaar waren – aangeschaft, een vers setje markeerstiften gekocht en hier en daar een lesje bijgewoond. Verder nog geproefd van wat bier op de vorige cantus en genoten van zorgeloos uitgaan tot halfzes. Maar wat is dat eerste semester toch kort en wat nestelen die examens zich ongegeneerd vroeg in het achterhoofd van de student. Van de meeste toch.

“De universiteit moet radicaal gaan voor kwaliteit”

Op 15 oktober jongstleden trok de eerste studentparade door de Antwerpse binnenstad. Bij aankomst aan de Rijnkaai kregen de meelopers in deze stoet een pakje friet. Gratis. Wilde weldoener was de Stad Antwerpen die hiermee het project Antwerpen Studentenstad lanceerde. Dat Antwerpen een echte studentenstad is, lijkt ons evident. Waarom dan zo’n project? Wie beter dan Robert Voorhamme, Antwerps onderwijsschepen en lid van de Hoge Raad van de UA, kan ons op die vraag – en vele andere – een antwoord geven.