Spetters!
16/03/2007
🖋: 

Aangezien we toch verslaafd blijken te zijn aan allerlei spelletjes, wordt het hoog tijd dat SMS mee op de kar springt. Mail ons het juiste antwoord door op de vraag: wat werd er de afgelopen maand NIET aangetroffen op de vloer van een gevangenis hier ten land? a) een stuk zeep, b) een GSM-toestel of c) een zuignap van de kolossale, 450 kg wegende inktvis die vorige maand gevangen werd in Nieuw-Zeeland. Stuur ons het juiste antwoord op en win exclusief een verrassingspakket met huisraadartikelen, deze morgen vers opgevist uit het Verrebroekdok!

Een Japanner heeft ruim drie weken in de wildernis overleefd zonder te eten of te drinken, en wel door een soort winterslaap te houden. Toen hij eind oktober werd gevonden op de berg Rokko had de vermiste Mitsutaka Uchikoshi bijna geen polsslag. Zijn organen functioneerden nog nauwelijks en zijn lichaamstemperatuur was slechts 22 graden Celsius. De man in kwestie herinnert zich niets meer, maar volgens de dokters moet hij tijdens zijn wandeltocht opeens zijn gestruikeld en bewusteloos zijn geraakt. Hij ondervindt waarschijnlijk geen blijvende gevolgen van zijn winterslaap... op een paar aanbiedingen van de inrichters van de Japanse versie van 'Big Brother' na tenminste.

 

Aan de universiteit van het Duitse Freiburg werd het examenreglement wel heel strikt toegepast. Een 27-jarige student met problemen aan de urinewegen mocht tijdens een examen de aula niet verlaten om naar het toilet te gaan. Men dreigde hem zelfs te buizen indien hij dit toch zou doen. Ondanks het feit dat de student zijn situatie toelichtte, reikte het medeleven van de opzichters niet verder dan de student toe te laten om ter plekke en in de aanwezigheid van zijn medestudenten zijn kleine boodschap in een lege plastic fles te deponeren. De universiteit zelf heeft reeds haar excuses aangeboden voor het onbehouwen gedrag van haar personeelsleden, doch deze laatsten zien geen graten in hun gedragingen. "Reglement is reglement; en als ze bij het examen hun gezeik op papier kwijt kunnen, dan kunnen ze dat ook in een flesje!", zo klonk het.

 

Nog meer Duitse weetjes: een boer eist 4900 euro schadevergoeding van drie jongeren omdat die zijn mannelijke struisvogel de schrik van zijn leven hadden bezorgd. De jongelui hadden vlak naast hem vuurwerk afgestoken en volgens de boer had dit het dier zo sterk aangegrepen dat zijn libido voor een periode van zes maanden – excusez le mot – beneden alle peil bleef. Op die manier liep de boer naar eigen zeggen op zijn minst veertien nakomelingen (aan 350 euro per stuk) van zijn prijsbeest mis. Impotentie ten gevolge van te luid vuurwerk... misschien een ideetje voor de seminariescholen?

 

In Pakistan is de politie op zoek naar een psychisch gestoorde man die het twee jaar oude lijk van zijn vader had opgegraven. Volgens zijn familie speelde de man al langer met het waanidee om zijn vader terug tot leven te wekken. Nu maar hopen dat dit de familie Pfaff niet op ideeën brengt.



uittredend Amerikaans ambassadeur Tom C. Korologos
16/03/2007
🖋: 

Op 6 februari vertrok Tom C. Korologos definitief terug naar de Verenigde Staten. De uittredend ambassadeur in Brussel vond vlak voor zijn vertrek nog de tijd voor een gesprek over zijn ambtstermijn in ons Belgenland.

U begon uw termijn als ambassadeur in juli 2004. Kunnen we dit tijdstip omschrijven als een historisch dieptepunt in de bilaterale relaties?

Tom C. Korologos Ik weet niet of ik het als een historisch dieptepunt zou omschrijven. Ik was hier niet ten tijde van de rakettencrisis in de jaren tachtig toen er 800.000 mensen op straat stonden te betogen. Maar inderdaad: de relaties waren zeker niet goed te noemen. Toen ik hier aankwam lagen onze beide landen met elkaar in de clinch over een groot aantal zaken. Je had bijvoorbeeld het protest tegen de oorlog in Irak, waarbij zelfs het vervoer van Amerikaanse militaire uitrusting langs de haven van Antwerpen ter discussie werd gesteld. Er was ook een groot aantal financiële en economische onderwerpen waarin we met elkaar van mening verschilden. Nu hebben we echter een punt bereikt waarbij we weer met elkaar praten en over veel zaken akkoord gaan. Op bepaalde punten hebben we nog steeds een lange weg af te leggen, maar vandaag zijn onze relaties met België weer vergelijkbaar met degene die we met andere Europese landen hebben.

 

Belangrijke handelspartners

Hoe belangrijk is België eigenlijk voor de VS, en omgekeerd?

Korologos Als we dit gesprek twee weken geleden gevoerd zouden hebben, zou ik je hebben verteld dat België de twaalfde belangrijkste handelspartner van de VS is; de voorbije weken zijn jullie zelfs opgeschoven naar de elfde plaats. België en de VS hebben een grote economische en culturele verbondenheid.

 

Zijn er zaken waar u liever meer vooruitgang mee had geboekt?

Korologos Deze baan is eigenlijk één lange estafettewedstrijd: je geeft de stok door aan je opvolger. Er is dus altijd wel iets dat nog voor verbetering vatbaar is. De zakenrelaties hadden nog beter gekund, hoewel er al een merkbare vooruitgang is: de invoering van de notionele interest, het ondertekenen van een verdrag om dubbele belastingen te vermijden… De farmaceutische industrie voelt zich ook al wat beter in haar vel, maar ze zou toch nog beter behandeld kunnen worden. Het investeringsklimaat is nog steeds redelijk goed, maar de loonkosten zijn veel te hoog. Dat is natuurlijk een interne Belgische aangelegenheid. Het enige dat wij kunnen doen is op tafel slaan en van ons laten horen. Op militair vlak zou de samenwerking ook nog moeten verbeteren: we hebben meer hulp nodig.

 

België en de VS hebben een grote economische en culturele verbondenheid.

 

In uw toespraken heeft u altijd veel aandacht besteed aan de verbetering van het investeringsklimaat. Denkt u dat u een invloed hebt gehad op de verbeterde handelspositie van België met de VS, of ziet u nog andere redenen?

Korologos Er is zeer zeker een verbetering merkbaar. Drie dagen geleden hadden we nog een zakenontbijt in mijn residentie: daar zaten de farmaceutische industrie, de Amerikaanse Kamer van Koophandel, chemiebedrijven en nog veel andere grote bedrijven mee aan tafel. Ze waren allemaal heel tevreden over het verbeterde investeringsklimaat in België. Nu moet je weten dat Amerikaanse bedrijven nooit helemaal tevreden zullen zijn voor ze alles gekregen hebben wat ze willen: de belastingen zouden nog wat naar omlaag moeten, er zou iets moeten gedaan worden aan de te strenge arbeidsvoorwaarden, de openingsuren zouden wat soepeler mogen, enzovoort. Er is met andere woorden al veel verbetering merkbaar, maar alles kan natuurlijk steeds beter. Perfectie kan je nooit bereiken, hoewel het uiteraard iets is om naar te streven.

 

War on Terror

Vindt u dat België haar rol in de ‘War on Terror’ te weinig opneemt?

Korologos Die rol wordt wel opgenomen, maar niet helemaal zoals het zou moeten. België heeft hard meegewerkt op het vlak van anti-terreurmaatregelen: in Antwerpen hebben we het container security initiative opgezet en de megaportsmachines geïnstalleerd die stralingen meten. Ik ben wel een beetje teleurgesteld in wat België gedaan heeft op militair vlak: we krijgen wel Belgische NAVO-troepen, maar onder de beperking dat ze niet in gevaar gebracht mogen worden. Hoe kan een generaal nu een leger leiden en een slagveld overzien zonder dat hij zijn troepen in de strijd kan brengen? België zou zulke beperkingen dus moeten opheffen, maar we hopen dat er op dat gebied na de verkiezingen meer gewerkt zal worden. Mij moet je verkiezingen niet uitleggen: ik ben opgegroeid met politiek en stembusgangen, dus we oefenen nog even geduld uit. De VS geeft heel veel aan de NAVO en verwacht hetzelfde van de andere bondgenoten.

 

President Bush kondigde onlangs een verhoging van het aantal troepen in Irak aan. Denkt u dat men de moeilijkheden voor de VS om tot een positief resultaat in Irak te komen aanvankelijk onderschat heeft?

Korologos Het gevecht waar we in 2003 in zaten is niet hetzelfde gevecht als vandaag. De zaken zijn veranderd: iemand probeert ons te saboteren. Iran, Syrië, Jemen, Saoedi Arabië...: iemand is de normale gang van zaken aan het verstoren. Ondertussen zijn de leden van de Baath ontevreden, de soennieten ontevreden, de sji’iten ontevreden, de Koerden ontevreden… Ik heb in mijn leven nog nooit zoveel ontevreden mensen gezien als daar. Op een bepaald moment zullen ze toch samen aan tafel moeten gaan zitten om een uitweg te zoeken. Zijn er fouten gemaakt? Ja, we hebben onderschat hoe slecht de zaken zouden worden. Daarom heeft de president ook beslist om in te grijpen, in plaats van verder te blijven gaan in deze neerwaartse spiraal. De enige andere mogelijkheid was onze troepen terugtrekken, wat tot een catastrofe zou hebben geleid. Daarom gaan we nu helpen om het Iraakse leger en de regering weer op te bouwen, zodat ze zelf het heft in handen kunnen nemen. Er zijn ondertussen reeds aanduidingen dat de zaken verbeteren: zo is er bijvoorbeeld een buurt die door het Iraakse leger zelf werd opgekuist, zonder onze hulp. Ik weet niet wat er gaat gebeuren. We weten dat succes niet volledig zeker is, maar we weten ook dat het een complete nederlaag wordt als we nu vertrekken.

 

Voormalig minister van Buitenlandse Zaken Henry Kissinger verklaarde op woensdag 30 januari voor een senaatscommissie dat de VS moest proberen om met Iran en Syrië rond de tafel te gaan zitten omtrent Irak. U was adviseur van interim-gouverneur Paul Bremer in Irak: ziet u gemeenschappelijke belangen tussen die landen en het uwe in Irak?

Korologos Met Syrië hebben we al diplomatieke relaties, zoals bijvoorbeeld een attaché die regelmatig overleg pleegt met Damascus. Wat je echter niet mag vergeten is dat Iran geen democratie naast de deur wilt. Moeten we praten? Zeker niet zolang Iran de holocaust ontkent, Israël van de kaart wil vegen, haar buren blijft bedreigen en op de thee gaat bij Chavez in Venezuela. Ahmedinejad moet wat goodwill tonen en zijn nucleaire opbouw stoppen. Er zijn in het verleden al bezoeken geweest aan Teheran, maar het heeft niets uitgehaald. Mensen praten voortdurend met de Iraniërs en hun minister van Buitenlandse Zaken is op bezoek geweest bij de EU in Brussel. Ik zou België bij deze trouwens willen feliciteren voor haar houding ten opzichte van Iran, en dan vooral jullie voorzitter in het sanctiecomité van de VN die mee de aanzet heeft gegeven voor sancties tegen Iran.

 

Kissinger staat natuurlijk bekend als een groot verdediger van realpolitiek. Kunnen we zeggen dat de principiële verschillen met Iran volgens u echter veel te groot zijn om samen te werken in Irak?

Korologos Dat klopt waarschijnlijk. Ik kan je niet vertellen wanneer en waarover er gesprekken zullen zijn tussen de VS en Iran, maar deze zullen in elk geval wel pas gehouden worden wanneer Iran zich begint te houden aan de VN-resoluties en stopt met kernwapens te maken. Niemand wil een nucleair Iran, ook Europa niet. Europa ligt veel dichter bij Iran dan de VS.

 

Diversiteit

In november 2005 organiseerde u een uitwisseling tussen Amerikaanse en Belgische moslims. Dit initiatief was meteen een Europese primeur. Waarom vond u dit nodig en bent u tevreden over het resultaat?

Korologos Toen ik in Brussel aankwam, merkte ik dat vijf à zes procent van de Belgische bevolking moslim is. Ik ben dan eens beginnen rondkijken en zag dat het in Frankrijk tien procent was, in Duitsland ook nog een heel aantal en dan heb je uiteraard Turkije nog. Door de migratiegolven zijn moslims dus een aanzienlijke bevolkingsgroep geworden in Europa en ze worden ook steeds belangrijker. Daarom ben ik eens met een aantal mensen in Washington gaan samenzitten en hebben we het gehad over de nadruk die zij legden op hun pogingen om de publieke opinie in het Midden-Oosten te beïnvloeden. Ik merkte toen dat niemand probeerde de moslims in Europa te bereiken. Ik vond – en mijn regering ook – dat het dringend tijd werd om de hand uit te steken naar de Europese moslims. Daarom hebben we dertig Amerikaanse en zeventig Belgische moslims bij elkaar gebracht om ervaringen en meningen met elkaar uit te wisselen. In België zijn moslims met zeventien of achttien parlementsleden bijvoorbeeld beter vertegenwoordigd in de politiek; in de VS hebben we er maar één en die is pas in november verkozen. Amerikaanse moslims zijn dan echter weer beter vertegenwoordigd in academische en zakelijke milieus, ze zijn beter geassimileerd in de gemeenschappen; bij Belgische moslims was dat veel minder het geval. Er werd ook gediscussieerd over beeldvorming, vrouwenrechten, identiteit… De vraag wat ze van elkaar konden leren werd de drijvende kracht achter de conferentie; later volgden er dan nog verschillende bilaterale uitwisselingen van studenten, imams...

 

Over immigratie gesproken: u bent zelf geboren in een Grieks migrantengezin in de VS. Toch hebt u een succesvolle carrière achter de rug. Hoe schat u de verhouding in tussen enerzijds het probleem van sociale discriminatie en anderzijds de persoonlijke verantwoordelijkheid om iets van je leven te maken?

Korologos Ik denk niet dat het aan de Amerikaanse ambassadeur is om zich te mengen in het Belgische maatschappelijke debat…

 

Misschien kunt u enkele goede ervaringen uit de VS aanreiken?

Korologos In de VS hebben we inderdaad enkele positieve ervaringen opgedaan. De VS is een migrantenland: men moet elkaar leren kennen en vertrouwen. De burgemeester van Dearborn, Michigan was aanwezig op onze conferentie in 2005 en hij had een foto meegenomen van een straat uit zijn stad. Op die foto stonden een katholieke kerk, een joodse synagoge, een Grieks-orthodoxe kerk… Allemaal mooi naast elkaar. En niemand valt de ander lastig. Een ander aspect hier is het grote werkloosheidsprobleem bij moslimjongeren. Hopelijk kunnen we hen leren beter in de maatschappij te komen met behulp van taallessen. Misschien kan het Engels zelfs dienst doen als katalysatortaal. Immigratie is natuurlijk een wereldwijd vraagstuk, alle landen worden er mee geconfronteerd: kijk maar naar ons en de situatie met latino’s. Elkaar leren kennen en vertrouwen, dat is het belangrijkste.

 

Belgisch Compromis

U heeft ondertussen een zeer lange carrière achter de rug. Gaat u nu met pensioen?

Korologos Ik hoop het. Bij ons heb je echter iets wat ze brandweerpaarden noemen: die trokken vroeger de karren van de brandweer. Als ik dus het alarm hoor afgaan, loop ik naar de kazerne. Ik ben uiteraard nog steeds bereid mijn land te dienen als ze mij vragen, net zoals ik gedaan heb tijdens mijn jaren in de luchtmacht en te Washington, Bagdad en Brussel. Laten we zeggen dat Brussel toch fijner was dan Bagdad, maar ik sta nog steeds klaar om te vertrekken naar waar men mij nodig heeft.

 

Als u binnen een paar jaar terugdenkt aan uw verblijf in België, wat zal dan volgens u het voornaamste zijn dat u hier geleerd hebt?

Korologos Ik heb geleerd geduldig te zijn. En ik heb hier ook iets zeer interessants opgepikt: het Belgisch compromis. Je zit met vijf verschillende mensen in een kamer, allemaal met een verschillende mening, en wanneer het Belgisch compromis gesloten wordt, krijg je een akkoord waarvan iedereen denkt dat hij gewonnen heeft. Dat vind ik fascinerend om zien.



16/03/2007
🖋: 
Auteur

Baarmoederhalskanker kan zich op een triest palmares beroemen: wereldwijd worden elk jaar 500.000 nieuwe gevallen van deze kanker ontdekt en elke twee minuten sterft een vrouw aan de gevolgen ervan. In België gaat het om 667 tragische diagnoses en 326 sterfgevallen per jaar. Dat maakt van baarmoederhalskanker de meest voorkomende kanker bij vrouwen, na borstkanker.

Grote boosdoener is het humaan papillomavirus. Zonder dit seksueel overdraagbare virus kan er geen sprake zijn van baarmoederhalskanker. Geschat wordt dat ongeveer 80 procent van de bevolking er ooit mee in aanraking komt in de loop van zijn of haar leven, wat dit virus meteen bombardeert tot de meest voorkomende seksueel overdraagbare aandoening wereldwijd. Gelukkig weert het verdedigingssysteem van de meeste vrouwen het humaan papillomavirus automatisch af. Bij sommige vrouwen veroorzaakt dit virus naast genitale of anale wratten ook kanker van de schaamlippen, vagina, aars of baarmoederhals. Slechts in 1 procent van de gevallen geven deze infecties aanleiding tot een kwaadaardig letsel.

 

Wetenschappers zorgden echter voor een lichtpunt in de woekerende duisternis en dit in de vorm van een vaccin. Op dit moment is er één vaccin op de markt: Gardasil. Een tweede vaccin, Cervarix, wordt in de loop van dit jaar verwacht. Vaccins als deze bestaan uit een virusachtig partikel dat dezelfde structuur heeft als het virus – zonder echter het virale genoom te bevatten – en dit zorgt ervoor dat het lichaam antistoffen aanmaakt. Er bestaan meer dan honderd verschillende types van het humaan papillomavirus. Het vaccin biedt bescherming tegen de types die verantwoordelijk zijn voor driekwart van de gevallen van baarmoederhalskanker.

 

Aangezien het vaccin preventief werkt en het humaan papillomavirus seksueel overdraagbaar is, zouden vrouwen gevaccineerd moeten worden voor ze seksueel actief zijn. Uit een Brits onderzoek blijkt dat 7,5 procent van de jongeren op dertienjarige leeftijd al geslachtsgemeenschap heeft gehad. Wetenschappers pleiten er dan ook voor om meisjes tussen 9 en 12 jaar op grote schaal in te enten. Bij vaccinatie van vrouwen die reeds seksueel actief zijn, daalt de effectiviteit van het vaccin sterk. Of het zin heeft om ook voor die vrouwen te investeren in Gardasil, is voorlopig dan ook onduidelijk en vergt bijkomend onderzoek. Ook over de doeltreffendheid van het vaccin bij mannen is men op dit moment niet zeker, maar recente berichten zijn hoopvol. Het humaan papillomavirus zou immers ook verantwoordelijk zijn voor anale kanker: een fatale ziekte die vooral homoseksuele mannen treft. Amerikaanse onderzoekers gaan na of Gardasil ook voor deze kanker preventief zou kunnen optreden.

 

De ontwikkeling van dit vaccin betekent een grote doorbraak in de strijd tegen kanker. Het Europese Geneesmiddelenagentschap verleende in september 2006 haar goedkeuring aan Gardasil en diezelfde maand sprak men op de Geneeskundige Dagen van Antwerpen reeds over "het einde van baarmoederhalskanker". Op dit moment is het vaccin nog niet opgenomen in het Rijksvaccinatieprogramma van het ministerie van Volksgezondheid. “Bijkomend onderzoek is nodig,” luidt het daar. Het vaccin is wel beschikbaar in België. Voorlopig betalen de ziekenfondsen het gedeeltelijk uit eigen zak terug, maar dat kost hen miljoenen euro’s. Helaas hanteert ieder ziekenfonds een verschillend terugbetalingsschema, wat bij veel vrouwen tot verwarring leidt.

 

De euforie omtrent Gardasil dient volgens sommige critici – waaronder het Syndicaat Vlaamse Huisartsen (SHV) – getemperd te worden. Men kan immers nog niet met zekerheid zeggen of het vaccin effectief bescherming biedt tegen baarmoederhalskanker. Nadat de infectie heeft plaatsgevonden, duurt het vijf tot vijftien jaar alvorens de kanker zich ontwikkelt. De eerste vaccins werden te recent toegediend om met zekerheid te kunnen zeggen of de kanker verslagen is. Baarmoederhalskanker ontwikkelt zich echter in verschillende stappen en wetenschappers wijzen erop dat het vaccin beschermt tegen de voorloperletsels. Zij gaan er dan ook van uit dat het eveneens bescherming biedt tegen baarmoederhalskanker zelf en benadrukken dat het ethisch onverantwoord zou zijn om dertig jaar te wachten om te zien of het vaccin effectief werkt.

 

Diezelfde wetenschappers laten geen kans onbenut om het blijvende belang van screening aan te strepen: Gardasil beschermt immers slechts tegen driekwart van alle types van baarmoederhalskanker. Die screening is niet bepaald populair bij de Belgische vrouwen. Alle vrouwen tussen 25 en 65 jaar zouden om de drie jaar een uitstrijkje moeten laten nemen; in België houdt amper 59 procent zich aan die raadgeving. Met dit povere resultaat bengelt ons land aan het Europese staartje: in Finland laat bijvoorbeeld maar liefst 93 procent van de vrouwen zich op regelmatige basis screenen. Mochten meer vrouwen deelnemen aan een screening, dan zou baarmoederhalskanker veel sneller kunnen worden opgespoord en zou het aantal sterfgevallen ten gevolge van deze kanker drastisch dalen. Gynaecologen betreuren dat er in België geen georganiseerde structuur bestaat die vrouwen stimuleert om regelmatig uitstrijkjes te laten nemen. Een dergelijk systeem zou vrouwen die dat niet doen kunnen aanschrijven, opdat ze alsnog bij de gynaecoloog zouden terechtkomen.

 

Dankzij het vaccin zal die gynaecoloog met een pak minder afwijkende uitstrijkjes geconfronteerd worden. Als dit vaccin wijdverbreid geraakt, althans. Zullen de overheid en de ziekenfondsen de moed kunnen opbrengen om te investeren in iets wat pas over dertig jaar rendeert?

 

 

Met medewerking van prof. Dr. Wiebren Tjalma, gynaecologisch oncoloog en borstchirurg van het Universitair Ziekenhuis Antwerpen. Wiebren heeft meegewerkt aan studies naar de ontwikkeling van het vaccin tegen baarmoederhalskanker.



Boekhandel wil problemen oplossen
16/03/2007
🖋: 

Leesboeken, handboeken, tekstboeken: je vindt ze bij Acco. Als ze daar echter niet te verkrijgen zijn, heb je een probleem. Al geruime tijd ondervinden studenten en professoren hinder van onvolledige of late bestellingen. Tijd om even poolshoogte te nemen.

Dit wordt geen reclame voor Acco en dit wordt geen modder gooien naar Acco. Feit is dat er problemen zijn of waren met de levering van studieboeken. Er waren er bijvoorbeeld te weinig, zodat niet iedere student een exemplaar kon kopen, of boeken kwamen te laat binnen. Dat zorgde voor praktische problemen tijdens colleges: de professoren van Engelse literatuur hadden zelfs zoveel last dat ze naar boekhandel De Groene Waterman zijn overgestapt. “We hadden daar al eens eerder een bestelling gedaan en dat was ons goed bevallen”, zegt professor Luc Herman.

 

Acco betreurt de beslissing van de afdeling Engelse literatuur. Herman: “Ik werd gecontacteerd door de hoofdafdeling van Acco in Leuven met de vraag of ik toch de bestellingen bij hen wilde blijven doen. Ik ben daar niet op ingegaan, omdat het de afgelopen semesters moeilijk lesgeven was door de leveringsproblemen bij Acco.” Professor en studiebegeleider Engels Betty Devriendt is bij Acco gebleven en heeft de indruk dat het sinds het begin van het tweede semester beter gaat. Ze heeft geen klachten meer gehoord van studenten of collega’s over onvoldoende boeken of late bestellingen.

 

Vorig academiejaar was de situatie echter anders: studentenvertegenwoordiger Maja Vande Velde trok aan de alarmbel na verscheidene klachten van medestudenten. Onder andere het handboek Italiaans Italvoc I en Le lys dans la vallée van Balzac lagen niet of te laat in de winkel. Samen met professor Devriendt stapte ze naar Acco. Er is toen een vergadering geweest met directeur-uitgever Rob Berrevoets en een aantal medewerkers van Acco; zij beloofden beterschap.

 

Een deel van het probleem ligt in het feit dat de boekhandel moeilijk op tijd te weten komt hoeveel studenten welke studierichting gaan volgen. Studenten kunnen zich tot eind september inschrijven, waardoor definitieve cijfers pas later bekend zijn. “Dan is het voor ons te laat om te beginnen met boeken te bestellen bij de uitgeverijen”, aldus Els De Keyzer, verantwoordelijke voor de winkel in Antwerpen.

 

Ondanks de belofte van vorig academiejaar waren er het eerste semester van dit jaar problemen: er waren niet genoeg exemplaren van het boek Overzicht van het burgerlijk recht voor de colleges van professor De Corte. Ook twee verplichte boeken van James Joyce en Maria op de markt voor eerste Bachelor Theater-, Film- en Literatuurwetenschappen waren niet of te laat binnen.

 

Studentenvertegenwoordigers trokken aan de alarmbel na verscheidene klachten van medestudenten.

 

Devriendt en Vande Velde namen weer contact op met Acco. De boekhandel heeft toen zijn verontschuldigingen aangeboden en een verklaring gegeven voor de problemen. “Mijn collega en ik werken hier pas sinds de paasvakantie van vorig academiejaar en we hadden van de vorige verantwoordelijke te horen gekregen om voorzichtig te bestellen”, legt De Keyzer uit. “Het is niet altijd gemakkelijk om overschotten terug te sturen naar de uitgeverij. Als dat niet kan, verliezen we daarop.” “Het boek Overzicht van het burgerlijk recht wilde de uitgeverij echter wel terugnemen, als daar exemplaren van zouden blijven liggen”, verzekert professor De Corte. Directeur-uitgever Berrevoets geeft toe dat voorzichtig bestellen niet het enige probleem is of was: “Ook de communicatie met professoren en studenten moeten wij verbeteren.”

 

Studentenvertegenwoordiger Vande Velde brengt daar tegenin dat Acco de cijfers van studentenaantallen via het studentensecretariaat kan opvragen en op de internetsite van de universiteit kan zien welke boeken nodig zijn voor welke studierichting. Contact met professoren en studenten zou dan niet noodzakelijk zijn.

 

Dat is niet waar volgens Acco. “De gegevens op de site zijn niet altijd actueel", zegt Berrevoets. "We willen daarmee niet de schuld op de universiteit steken, we willen er alleen mee zeggen dat contact met de professoren dus wél nodig is. Als we ons enkel op de gegevens van de site zouden baseren, zouden we verkeerd bezig zijn." De Keyzer: “We beginnen steeds in juni of juli met de bestellingen. We schrijven dan naar de professoren met de vraag welke boeken ze gaan gebruiken gedurende het volgende academiejaar. De nieuwe bestellingen baseren we vooral op de verkoopcijfers van vorige jaren. Aan het begin van dit academiejaar hebben we daar inderdaad fouten mee gemaakt: we hebben te voorzichtig ingekocht. Volgend jaar zullen we minder voorzichtig zijn met boeken te bestellen.” Acco wil ook de communicatie met de universiteit verbeteren: "We denken er ernstig aan om ook een vertegenwoordiging van de professoren en studenten uit de UA in onze Raad van Bestuur op de nemen." Er zouden gesprekken zijn met een aantal professoren, maar omdat er nog geen definitieve afspraken zijn gemaakt, noemt Berrevoets liever geen namen.

 

Net als Betty Devriendt ziet ook Maja Vande Velde een positieve verandering in het tweede semester van dit jaar. “Ik heb geen klachten meer gehoord van studenten.” Ze plaatst echter wel een kanttekening: “Vaak moeten we in het eerste semester meer boeken kopen dan in het tweede. We zullen dus het eerste semester van komend jaar moeten afwachten, maar momenteel ben ik voorzichtig positief.”



16/03/2007
🖋: 
Auteur extern
Lin en Lieze

Hola chica,

 

Maart in Valencia betekent Las Fallas en dus feest! Feestcomités in verschillende buurten maken enorme poppen uit papiermaché met binnenin vuurwerk, de zogenaamde fallas. Op 19 maart is er ter ere van Sint-Jozef een grote parade in de stad en ‘s nachts worden alle poppen in brand gestoken. Jong of oud, hét gespreksonderwerp in de straten is dit festival. Elke dag om 14u zijn er mascletás op Plaza del Ayuntamiento. Er wordt dan op een ritmische manier vuurwerk afgeschoten, wat echter vooral veel lawaai en rook oplevert. En je mag je vingers niet in je oren stoppen, want dat zou onbeleefd zijn. Bommetjes zijn hier ook populair. Ik schrik me steeds verrot als een bende jongeren achter me zo’n bommetje afsteekt. Overal wapperen Valenciaanse vlaggetjes en op elke hoek van de straat duiken er standjes met churros en porras op - het best te vergelijken met een uitgerekte smoutenbol die je in warme chocolademelk doopt. Een ware caloriebom!

 

En dan is er de America’s Cup, het tweede evenement van het jaar. De Valencianen zijn fier dat ze deze belangrijke zeilwedstrijd mogen hosten in hun haven. Hotels, restaurants, hippe bars en lounges rijzen als paddenstoelen uit de grond. Zelfs de huurprijzen schieten de hoogte in.

 

De zoektocht naar een roommate verliep redelijk hectisch: heel veel kandidaten kwamen over de vloer om ons appartementje te inspecteren. Uiteindelijk is het een vriendin geworden van mijn Franse kamergenoot. Nu woon ik dus samen met twee Parisiennes, wat overigens best meevalt. En ja hoor, onderling spreken we Spaans!

 

En het is zomer! Korte rokjes, blote armen en zonnebrillen kleuren het straatbeeld en overal openen plots heladeria’s met artisanale ijsjes. De thermometer heeft zelfs al 30 graden Celcius aangewezen, maar dat was een uitzondering. Voorlopig toch…

 

Hou je goed.

 

Besos,

 

Lin

 


 

Liefste Lin,

 

Ik weet niet hoe het in Valencia zit, maar hier begint het stilaan te zomeren. De eerste vrije zondag boven 20 graden Celcius kon onmogelijk onopgemerkt voorbijgaan. Vrienden, rivier en een gezellige bar lokten me zondagochtend uit bed. Iets te laat, weliswaar: de vrienden waren reeds vertrokken en achterna komen was bijgevolg de boodschap. Sonya en ik bereikten vol goede hoop de rivier, om dan te ontdekken dat onze entourage zich aan de andere kant bevond. Vrolijk stonden ze te zwaaien vanop 'linkeroever' en de eerst volgende brug was op 15km wandelen...

 

Maar geen probleem voor Lieze en Sonya, ik zit niet voor niets bij de scouts! Een eenvoudig plan werd uitgedokterd. Stap 1: Vlot bouwen om de handtassen veilig aan de overkant te krijgen. Stap 2: Kleren uit, bikini aan. Stap 3: Rivier in en schoolslag alsof je leven ervan af hangt. Dit geniale idee kon onmogelijk mislukken... dachten we. Jammer genoeg was de stroming net iets te sterk en het vlot net iets te zwaar. Dat werd dan ook halverwege gedumpt. Het begon me stilaan te dagen dat dit niet zo goed zou aflopen, de handtassen waren al kleddernat. Spartelend probeerden we het hoofd en de sjakossen hoog te houden en vooral niet af te drijven naar de mini-waterval. Voel je al nattigheid? Ik belandde in de waterval en raakte ongeveer elke rots die je kunt raken met gekneusde ledematen en blauwe plekken als gevolg. Bovendien heb ik mijn schoenen en GSM aan moeder natuur moeten afstaan. Sonya kwam er een tikkeltje beter vanaf maar hield er toch ook een behoorlijke kater aan over. Toen ik later blootsvoets, zielig en bebloed thuiskwam, was er gelukkig dokter Alessandro die me liefdevol ontsmette met de hulp van Mado die de volgende wijze woorden sprak: Who do you think you are? Fucking Indiana Jones?

 

Wat leerden we hieruit? Kunnen sjorren verrijkt je leven niet, vrienden op linkeroever zijn een gevaar, Fucking Indiana Jones had een hard leven en vooral en bovenal: blijf veilig binnenshuis op de eerste vrije zondag boven 20 graden Celcius.

 

Hoe staat het met jouw ledematen, beste vriendin?

 

Beso, Indiana Jones in spe.



Gekunsteld
16/03/2007
🖋: 

Wat is mijn favoriete kunstwerk? Moeilijke vraag. Ik heb niet echt een ultiem favoriet kunstwerk. Ik zou mezelf eerder ‘fan’ noemen – een grote fan, van veel. Misschien nog wel het meest van muziek. Van de contratenor Andreas Scholl en van Bach en Chopin (wiens graf ik trouwens onlangs heb bezocht in Père Lachaise in Parijs).

Hoe subliem deze componisten zijn is echter alom bekend. Misschien kan ik een passie voor iets onbekenders met onze lezer delen? Wat dacht u van het Kronos Quartet? Mocht u ooit Requiem For a Dream gezien hebben – een film uit 2000 van Darren Aronofsky (de man heeft trouwens net zijn volgende film uit: The Fountain) – dan zult u zich die enerverende, bijna psychedelische strijkersmuziek van Clint Mansell vast wel herinneren. Nu, het Kronos Quartet – een klassiek geschoold strijkerskwartet dat onlangs haar dertigjarige bestaan vierde – heeft naast deze filmmuziek een uitgebreid oeuvre uitgevoerd. Het repertoire van het Kronos Quartet is eclectisch: gaande van muziek (of althans pogingen tot) uit de Griekse Oudheid over middeleeuwse liederen en de polyfonie van de Renaissance tot uitvoeringen van hedendaagse componisten als Arvo Pärt en Alfred Schnittke – in een tijd als deze gaat alles a priori samen met alles. De mannen van het Quartet durven ook over de grenzen van de westerse scène te kijken: dit culturele uitstapje resulteerde twee jaar geleden in een plaatje met een meesterlijke uitvoering van muzikale hits uit Bollywood, waarvoor zij beroep deden op het schriele zangtalent van de Indiase schone Asha Bushle. Naast De Groten uit de twintigste eeuw - als daar zijn: Webern, Shostakovich en Bartok – huldigden zij ook jazzlegenden als Thelonious Monk en Charles Mingus.

 

Het is duidelijk dat het Kronos Quartet de grenzen van een klassiek strijkkwartet (dat zijn ze ook, ze mogen zich immers de trotse bezitter noemen van een Grammy voor beste kamermuziekperformance) heeft afgetast, overschreden en verlegd. David Harrington, eerste violist uit het kwartet, omschrijft het treffend als volgt: “I’ve always wanted the string quartet to be vital, and energetic, and alive, and cool, and not afraid to kick ass and to be absolutely beautiful and ugly if it has to be. But it has to be expressive of life. To tell the story with grace and humor and depth. And to tell the whole story, if possible…

 

www.kronosquartet.org



16/03/2007
🖋: 
Auteur

De diepere vragen des levens stel je op de meest onverwachte plaatsen en momenten: mij overkwam het na een bezoekje aan herenkapper Hassan.

Op een regenachtige dag zat ik op de bus. Het beloofde weer een vermoeiende lesdag te worden. Dromerig staarde ik uit het aangedampte raam, tot iets me plots in het oog sprong: in een kapperszaak waar we voorbijreden zag ik drie mannen op horizontaal uitgestrekte kappersstoelen liggen. Ze lagen daar gewoon te rusten, met de kappersschort nog rond hun nek. Een grappig gezicht: zo had ik alleszins nog nooit bij een kapper gezeten. Ik was meer gewend aan een kapper waar oude dametjes zaten te praten over de laatste geruchten uit één of ander roddelblad, waar je nooit langer dan een halfuur bleef en je je toch nog druk maakte dat het niet snel genoeg ging. Mijn nieuwsgierige geest was geprikkeld en ik besloot deze kapper eens een kans te geven.

 

Ondertussen ben ik al vier keer bij de Herenkapper geweest, waar Hassan met de schaar en de eeuwige glimlach de heer des huizes is. Wie spreekt er nog over “naar de kapper gaan”? Eens je bij Hassan bent geweest, ga je niet meer naar de kapper, maar naar een verteller, een luisterend oor, een filosoof, een vriend. Je komt niet op afspraak, maar je springt gewoon eens binnen. Het eerste dat opvalt is een grote houten tafel vol kranten. De mensen zitten niet ongeduldig hun beurt af te wachten, maar ze maken een praatje met elkaar, ze lezen een krant en ze genieten van het zonnetje dat binnenschijnt. Op zaterdagochtend liggen er zelfs koffiekoeken voor de klanten. Hassan bestelt er geen grote, maar kleintjes. “Anders durven de klanten ze niet nemen, zoals tijdens die praatprogramma’s op zondagochtend”, zegt hij. Er is ook koffie, thee of iets fris voor wie daar zin in heeft. Maar wie zich echt thuis wil voelen, moet natuurlijk ook de handen af en toe eens uit de mouwen steken. Zo stond ik tijdens mijn eerste bezoekje al na twee minuten in de keuken te helpen de glazen af te wassen. Naast kranten en lege koffietassen ligt er sinds kort ook een album vol reacties van klanten op de tafel. Een reactie die me bijbleef kwam van een man die bij zijn eerste bezoek slechts vijf minuten de tijd had voor een knipbeurt. Hij moest namelijk nog langs kantoor. “Vanaf de eerste seconden dat ik hier binnenkwam was het beter dan thuis. Wat maar vijf minuten had moeten duren, heeft liefst anderhalf uur geduurd… En God weet dat ik nog langer had willen blijven!” Iets gelijkaardigs is ook mij overkomen. Op een stormachtige donderdagmiddag ging ik langs bij Hassan. Ik was de enige klant, dus hij nam rustig de tijd voor een babbel en een koffietje. We praatten over de dingen des levens, zijn zaak, de maatschappij, verschillende godsdiensten, enzovoort. Hij vertelde me dat iedereen altijd zo gehaast is, en stelde zich de vraag waarom. “Het leven is al zo kort, en wij hollen van hier naar ginder. Daarom zie je bij mij geen klok hangen,” zegt hij. “Maar goed, wie gehaast is, mag dat zeggen en is even welkom.” Zelf heb ik er uiteindelijk drie uur gezeten.

 

Deze kapper met een visie, zoals een andere klant hem noemde, kan wel eens gelijk hebben. Een aantal vragen doken plots ook bij mij op. Waarom zijn we eigenlijk zo gehaast? Waarom moet er zo gepresteerd worden? Waarom hebben we het gevoel dat we nooit genoeg hebben? Waarom vinden we toestellen uit die ervoor zorgen dat we dingen sneller kunnen doen? We krijgen erdoor toch niet meer vrije tijd, we werken gewoon iets harder…

 

Na elke knipbeurt heeft Hassan de gewoonte een korte hoofdmassage te geven. Nadien gooit hij je stoel achterover zodat je horizontaal komt te liggen, om even te rusten en te genieten van de muziek. Als ik dan mijn hoofd draai en naar buiten kijk, vind ik het maar een grappig gezicht: over de Grote Steenweg, een slagader van openbaar vervoer, zie ik talloze stampvolle bussen en trams rijden. Mensen die zich allemaal van of naar hun werk haasten, hun school of iets anders. Ze zouden beter eens naar de kapper gaan.



Gesprek met berucht journalist Douglas De Coninck
16/03/2007
🖋: 
Auteur

“Volgens mij heeft Douglas De Coninck al meer misdaden opgelost dan de federale politie”, schrijft een anonieme lezer in Humo’s lezersbrievenrubriek. Een boude stelling, maar ver zal de briefschrijver in kwestie er heus niet naast zitten.

De Coninck staat immers bekend als dé speurneus van de Vlaamse journalistiek. Controversiële dossiers die niet door hem onder de loep zijn genomen, zijn op één hand te tellen. En het mag gezegd worden: maar al te vaak haalt De Coninck nieuwe elementen of getuigenissen naar boven. Het maakt hem tot ’s lands meest notoire onderzoeksjournalist, wat meteen voldoende aanleiding is voor een gesprek. Hoewel er eerst iets rechtgezet diende te worden.

Douglas De Coninck Ik ben geen onderzoeksjournalist.

 

(lacht)

De Coninck Echt niet.

 

(met stijgende verbazing) Nee?

De Coninck Ik vind van niet. Ik probeer onderwerpen misschien vanuit een andere invalshoek te benaderen, maar maakt dat me een onderzoeksjournalist? Er komt vaak iets voorbij in het nieuws dat geen steek houdt. Zo voel ik dat toch aan. Dan ga ik dieper graven: nieuwe bronnen raadplegen of eens andere betrokkenen aan het woord laten. Het verbaast me juist dat niet meer journalisten dat doen.

 

Je collega’s zullen het graag horen.

De Coninck Vraag me niet waarom Vlaamse journalisten vaak niet verder kijken dan hun neus lang is. Ik kan het ook niet goed verklaren. Er heerst zo’n beetje een ons-kent-ons-cultuur die de berichtgeving enorm eenzijdig maakt. Voor De Morgen ben ik nog redacteur geweest voor de regio Brussel. Daar waren ook nog redacteurs van pakweg De Standaard, Het Nieuwsblad, Het Volk, ik zeg maar iets. Op persconferenties waren altijd dezelfde tien journalisten present. Na verloop van tijd beginnen die elkaar te helpen, of aan te vullen waar nodig. Informatie wordt volop uitgewisseld. Ik zeg niet dat dat zo’n schande is, maar bevorderlijk voor de objectieve journalistiek kan het niet zijn, zo’n clubje dat nauw samenwerkt. Na de regio Brussel te verslaan, heb ik ook nog Luchtvaart gedaan. Daar waren het ook weer steeds dezelfde journalisten. En zo gaat het er overal aan toe, denk ik. Bij de journalisten die de rechtszaken doen of de mannen van sport, zal het echt niet anders zijn.

 

De Morgen heb je ondertussen voor Humo verruild.

De Coninck Bij Humo krijg je de kans om je ding te doen. Het is een weekblad, dus je moet altijd wel even wachten voor een van je primeurs gepubliceerd wordt: dat steekt soms wel een beetje. Maar ik werk er ontzettend graag. De laatste jaren was de redactie de progressieve oriëntatie wel wat uit het oog verloren. Het werd meer het blad van de betere BV, terwijl samenlevingsgerichte onderwerpen minder aan bod kwamen. Een kwalijke evolutie, maar er is nu toch opnieuw een en ander in beweging gezet.

 

De enige stommerik

Ook je artikels voor Humo lokken heel wat controverse uit.

De Coninck En wat dan nog?

 

Het stuk over Guido Demoor staat ons nog levendig bij. De man liet het leven bij een schermutseling op de bus. In tegenstelling tot de reguliere pers stelde je dat het niet enkel de schuld was van enkele jonge allochtonen die hem geslagen hadden.

De Coninck Na de moord op Guido Demoor is er een hetze door de media op gang gebracht die weinig plaats liet voor enige nuance. Ik zat in de wagen en hoorde plots op de radio dat zes allochtonen een man vermoord hadden, op klaarlichte dag, in een bus van De Lijn. Dat is erg, maar is daarmee alles gezegd? Een paar dagen later wordt er een immense klopjacht uitgevoerd in het migrantenmilieu van Antwerpen, door de antiterreureenheid, met de steun van een helikopter. Nadat de vermoedelijke daders opgepakt zijn, moet Verhofstadt zonodig het parket feliciteren met het uitstekende speurwerk. De storm gaat wat liggen, en dan komt de ene zogenaamde moordenaar vrij, en dan de volgende. Twee weken later zitten er nog maar twee mogelijke betrokkenen in de cel. Ben ik dan de enige stommerik die zich afvraagt: klopt dit wel? Hebben journalisten het totaalplaatje in beeld gebracht?

 

Door te stellen dat de schuld niet enkel bij de vermeende moordenaars ligt, ga je lijnrecht in tegen de consensus die de media wekenlang gepresenteerd heeft.

De Coninck Demoor is niet gestorven omdat hij wat klop heeft gehad van een paar allochtonen, denk ik. De nagel van zijn pink is gescheurd, hij heeft een vuistslag op de kin gekregen en hier en daar had hij nog een blauw plekje, maar daar stopt het. Dat die man de keel begon dicht te knijpen van een ventje dat twee koppen kleiner was, wordt nogal snel over het hoofd gezien. Na de schermutseling heeft Demoor een hersenbloeding gekregen. Ja, hoe je het ook draait of keert, uiteindelijk was dat niet meer dan een banaal incident. Er zal misschien wel ergens een causaal verband zijn, maar dat is niet erg duidelijk. Wie of wat zou mij dan moeten tegenhouden dat verhaal te brengen?

 

De weduwe van Demoor misschien; het lijkt me niet zo aangenaam met een dergelijk artikel geconfronteerd te worden in de rouwperiode.

De Coninck Ik denk ook niet dat het voor die zes onschuldige kinderen leuk was om gearresteerd te worden. Niemand denkt blijkbaar aan hún levens, hún familie. De weduwe van Guido Demoor heeft klacht tegen me ingediend bij de Raad voor Journalistiek.

 

De Raad achtte haar klacht gegrond.

De Coninck Je moet weten dat enkele collega’s van Demoor hun steun toen zijn gaan betuigen bij de familie thuis. Die mannen hebben daar een paar boeken zien staan die op zijn minst van bedenkelijke aard zijn. Nu schets ik de zitting van de Raad even voor je: de weduwe van Demoor komt binnen binnen met een aantal van die boeken, ploft ze op tafel neer en stelt dat dat onschuldige werken zijn. Een van die boeken was wel geschreven door de leider van het VNV tijdens de Tweede Wereldoorlog: één van ’s lands grootste neonazi’s, maar dat wist mevrouw Demoor blijkbaar niet. De Raad is haar niettemin gevolgd. Ze wou geen uitspraak doen over de essentie van mijn artikel, namelijk dat uit de autopsie bleek dat Guido Demoor overleden is aan een hersenbloeding en niets anders. Omdat er nog geen proces geweest is, zei de Raad. Maar dat argument geldt blijkbaar maar in één richting.

 

Je geniet er een zekere reputatie.

De Coninck (grijnst) Mochten ze ooit een rangschikking publiceren van journalisten waartegen de meeste klachten ingediend zijn, ik zou ongetwijfeld bovenaan prijken. Zo is er een topambtenaar die elke keer als ik iets over hem schrijf, een klacht neerlegt. Ik kan het me niet meer aantrekken.

 

Halen al die klachten je geloofwaardigheid niet onderuit?

De Coninck Af en toe maak je fouten als journalist. En als je dat niet durft toegeven, dan ben je niet integer bezig. Iedere journalist heeft zo bijvoorbeeld wel eens fout nieuws verspreid. Dat gebeurt vaak ten laste van het parket. Dat kan ook vragen geen nieuws te verspreiden: een voorbeeld hiervan is de zaak van X-getuigen.

 

De tanden erin zetten

Getuige X1, of Regina Louf, beweerde dat ze jarenlang misbruikt werd door een vermeende pedofielenbende, die leden tot in de hoogste regionen van de Belgische politiek had. Begin ’98 heb je samen met enkele collega’s van De Morgen de zaak voor het eerst naar buiten gebracht.

De Coninck Veel mensen denken dat Regina Louf voor het eerst opgedoken is in de Morgen. Maar dat is helemaal niet waar. Het is niet alsof wij plots met haar op de proppen kwamen. Voor ze in De Morgen aan bod kwam, was ze al zeventien keer ondervraagd door de politie, met psychiaters erbij. Er zijn drie onderzoeken heropend naar onopgeloste moorden, en er zijn ettelijke bijeenkomsten van de procureurs-generaal geweest. De gerechtelijke wereld vond dit belangrijker dan de Agusta-affaire, dan de Bende van Nijvel zelfs. Veel journalisten wisten dat er iets groots zat aan te komen. En dan viel het onderzoek plots stil. Zes maanden later hebben wij het verhaal naar buiten gebracht.

 

Waarom hebben jullie het wel gepubliceerd en de andere media niet?

De Coninck Je moet weten dat procureur Bourlet alle hoofdredacteurs samengeroepen had op een geheime vergadering. Hij smeekte ze voorlopig niets te schrijven over dit dossier, of over de nevendossiers. De kranten wisten ook niet precies wat er gaande was, enkel heel vage dingen. Nadat het onderzoek enkele maanden stil gelegen had, hebben we bij De Morgen onze tanden erin gezet. Na lang zoeken hebben we Regina Louf gevonden. Ook wij hadden onze twijfels bij haar getuigenis. Maar goed: het gerecht heeft haar al die maanden zo serieus genomen en heeft zoveel middelen gemobiliseerd. Waarom mochten wij dan niet hardop in de krant de vraag stellen: waarom eerst wel en opeens, van de ene dag op de andere, niet meer?

 

Wat ze beweerde over de internationale pedofilienetwerken, de daaruit resulterende moorden en de betrokkenheid van toppolitici, klonk niet altijd even waarschijnlijk.

De Coninck Bij De Morgen hebben wij nooit gesteld dat Regina Louf de volledige waarheid vertelde. Ik heb in die tijd vaak gepraat met slachtoffers van pedofilie en incest. Die mensen hebben heel wat meegemaakt in hun jeugd. Ze verdringen die gebeurtenissen, maar de herinneringen aan het misbruik blijven in hun achterhoofd rondspoken. Zoveel jaar na datum is het onmogelijk alles volledig en correct te verklaren. Maar wil dat daarom zeggen dat er niets van waar is? Regina Louf kende heel wat zaken over de vermoorde meisjes die verder niemand wist: dat lijkt me geen toeval.

 

Keien verleggen

Je hebt, samen met Annemie Bulté en Marie-Jeanne Van Heeswijck, een boek geschreven over de hele affaire.

De Coninck Er is ontzettend veel kritiek op gekomen vanuit de Belgische media, maar uiteindelijk heeft niemand dat boek gelezen, hoor. In het buitenland heeft het daarentegen wel de nodige aandacht gekregen. De BBC heeft het nog gebruikt als een draaiboek voor een reportage over het onderwerp. Ook Nederlandse, Franse en Duitse tv-zenders hebben er documentaires op gebaseerd. Het ging daar telkens om teams van topjournalisten die maanden aan de zaak gewerkt hadden en die net als wij slechts konden vaststellen dat het Belgische gerecht het vertikt om tientallen simpele vragen over oude kindermoorden op te helderen. Geen enkele van de moorddossiers die ten tijde van de zaak-X1 heropend werden, is achteraf opgehelderd.

 

Zal er ooit terug schot in de zaak komen?

De Coninck Nee, nooit.

 

Er is toentertijd heel wat te doen geweest over de berichtgeving van De Morgen omtrent de X-getuigen. Was je niet bang voor al te verontwaardigde reacties?

De Coninck Ik schat de reacties op mijn artikels altijd compleet verkeerd in. Maar sowieso vind ik niet dat een journalist zich moet bezighouden met te kijken naar wat zijn stuk teweeg brengt.

 

Je houdt er dus geen rekening mee dat je stukken een bepaalde invloed zullen hebben?

De Coninck Ik sta daar echt niet bij stil. Mijn stukken hebben meestal weinig politiek draagvlak, dus je kan me al niet verwijten de politieke agenda te bepalen. Als ik ergens het verschil gemaakt heb, dan is het met mijn stukken over gebonden ontwikkelingssamenwerking. Die gebonden hulp betekende dat de overheid Belgische bedrijven hielp aan contracten in ontwikkelingslanden. Ik ben dat eens beginnen uitvlooien. Het bleek dat het de bedoeling van die bedrijven was om compleet nutteloze fabrieken in Afrika te bouwen, en daar nog geld voor te krijgen ook. Als journalist is dat heel simpel: er staat hier al tien jaar een glasfabriek in Tanzania en tot op heden is er nog geen enkel stuk glas gemaakt. De fabriek heeft wel een heleboel geld gekost. Dan weet je het wel. Een parlementaire onderzoekscommissie heeft toen mijn artikels van a tot z uitgeplozen, en me gelijk gegeven. Die vorm van ontwikkelingssamenwerking is toen ook afgeschaft. Als ik ergens een kei in de rivier verlegd heb, dan is het daar wel.

 

Maar daar is het je dus niet om te doen?

De Coninck Ik vertrek toch liever vanuit mijn eigen verwondering, en ga dan kijken wat er aan de hand is. Het gaat er mij niet om de politieke agenda helemaal overhoop te gooien. Als de media weer uitblinkt in eenzijdige berichtgeving, dan wil ik het gewoon eens van een andere kant bekijken. Meer schuilt er echt niet achter.

 

Beloofd?

De Coninck Beloofd.



De Snor Van De Maand
15/03/2007
🖋: 
Auteur

Vanaf heden looft dwars elke maand De Snor uit aan wie zich op een uitzonderlijke manier in de actualiteit wist te werken. Omdat dwars vindt dat de verdiensten van sommige personen al te weinig in de kijker worden gezet en omdat dwars van snorren houdt. Van alle vormen van gezichtsbeharing is de snor namelijk zonder twijfel de meest karaktervolle. Lieve lezer, laat uw compulsieve wenkbrauwepilatiedrang voor wat hij is en dompel uzelf onder in de wondere wereld van de moustache, de sneusj, het sprekende neushaar, quoi. Net zoals deze maand OpenVLD’ster Margriet Hermans dat deed.

Wie Margriet Hermans zegt, denkt natuurlijk meteen aan haar senatorenambt, dat ze met verve vervult. Maar misschien kent u deze volksvertegenwoordigster ook nog als allround artieste. Haar omvangrijke muzikale oeuvre omvat hits als ‘Alle Mooie Mannen Zijn Zo Lelijk (Als Ik Jou Zie)’ en ‘Een Vriend’, en op de VRT was Margriet jarenlang een graag geziene gastvrouw, gekenmerkt door een gulle bulderlach en een brede maatschappelijke interesse.

 

Die maatschappelijke interesse vertaalde zich onlangs in een misschien wat krasse, maar zeker moedige uitspraak. In het vakblad ‘TV-Familie’ liet Margriet zich ontvallen dat drugsverslaafden door de staat “moeten behandeld worden als waanzinnigen.” Senator Margriet liet het natuurlijk niet bij deze ene, wat ongenuanceerde zin; veeleer werkte ze meteen een heel plan uit om ons mooie land te behoeden voor spuiters, slikkers en snuivers: “We moeten gevangenissen voor drugsverslaafden bouwen en die mensen behandelen en opsluiten tot ze volledig genezen zijn. En hen tijdelijk onvruchtbaar maken, zodat ze zich niet meer kunnen voortplanten.”

 

Kijk, daar heeft dwars alle respect voor. Het moet maar eens gedaan zijn met al die zwangere heroïnehoeren, die de stamcellen van hun kleine zouden ruilen voor wat paddestoelen als ze even konden. Als al die junks achter slot en grendel zitten, kunnen onze oma’s eindelijk weer veilig de straat op na het laatavondjournaal. U zal weer kunnen rondhuppelen in stadsparken allerhande, zonder de vrees om in een met hiv besmette naald te trappen.

 

Dat OpenVLD Margriets vooruitstrevende ideeën niet meteen volgt, is ongetwijfeld maar een kwestie van tijd. Wie kent immers niet de voortrekkersrol die deze onvervaarde politica binnen de blauwe partij speelt?

 

dwars weet meer dan zeker dat de liberalen Margriet nu nog steviger aan hun boezem zullen drukken. Waar vind je immers nog iemand die zo capabel de stem van het volk vertolkt? dwars wil Margriet bedanken voor haar moedige plan en kent haar daarom de Snor Van De Maand Maart toe. Een snor die zij niet zonder trots mag dragen, als bewijs van haar niet aflatende inspanningen om van deze wereld een mooiere plaats te maken. Beste Margriet, respect.



blijft er geen inhoud meer over...
21/02/2007
🖋: 

De geschiedenis wordt geschreven door de overwinnaar. Enkel de Jedi konden hieraan ontsnappen tijdens de keizerlijke overheersing, maar dan vooral omdat ze twee moon sized battle stations tot schroot hadden herleid. Lang vóór ‘a long time ago…’ was er echter een twist met iets meer… diepgang: Socrates versus de sofisten. Aangezien ‘sofist’ vandaag de dag ‘leugenaar’ betekent, lijkt het duidelijk wie er gewonnen heeft.

Met een hoofdredacteur die te pas en te onpas haar kandidaatsdiploma Filosofie in mijn gezicht smijt, moet ik oppassen met mijn uitspraken over ‘het leven’. Gelukkig is mijn persoonlijke overtuiging, die ik hier zal proberen neer te pennen, er één die dat gemakkelijk naast zich neer kan leggen. Die overtuiging – noem het een levensbeschouwing, zo u wil – leunt een stuk dichter aan bij de verguisde sofisten dan bij Socrates.

 

Aangezien ik niet veel plaats heb, wou ik het geheel zodanig simplificeren dat ik hoogst waarschijnlijk op de hit list van de filosofische wereld terecht zou komen. Na een bolwassing van mijn hoofdredacteur zal ik er echter geen enkele filosofische pretentie meer aan vasthangen, en de twee standpunten (die al dan niet iets met de Klassieke Oudheid te maken kunnen hebben) naakt tegenover elkaar plaatsen.

 

Aan de ene kant is er de mogelijkheid dat elke vraag en elk probleem één juiste oplossing heeft. Deze unieke oplossing, die gelijk is voor iedereen, valt niet makkelijk te bereiken, maar elke dag brengt ons dichter bij deze waarheden. Het impliceert dan ook een ultiem eindpunt, een moment waarop onze samenleving en onze culturele ontwikkeling ‘af’ zullen zijn.

 

Aan de andere kant kan men onze realiteit als voortdurend vormend zien: elk moment in ons bestaan herwerken we de antwoorden die we hebben, doen we sommige vragen af als achterhaald en komen er nieuwe vragen aan de orde.

 

Voor al te veel nuance heb ik niet echt plaats, mijn excuses. Ondertussen zegt de verantwoordelijke fotografie me dat een halve bladzijde wat weinig is om iets zinnigs te zeggen over een onderwerp waar al boeken en boeken over volgeschreven zijn. Tant pis, laat hem maar bij zijn filmrolletjes blijven.

 

Het eerste idee hangt op veel manieren samen met de god van onze monotheïstische religies: ik ben hem (of haar (of het)) reeds lang ontgroeid en hij (of zij (of het)) leidt geregeld tot bloedvergieten. Of wordt er alleszins als excuus voor gebruikt. Misschien laten we god tegen de volgende eeuw eindelijk vallen. Dan… *zucht* dan zijn we weer een klein stapje verder op de oneindige weg die het menselijke ras afwandelt. Sorry, mijn plaats is op.