kortverhaal

23/12/2025
[VERWONDERING] (© [Kaat Heylen] | dwars)
🖋: 

De muziek knalde door haar hoofdtelefoon terwijl ze haar pagina wou omdraaien en besefte dat haar cursusblok al helemaal vol was. Zuchtend zette ze haar muziek op pauze, nam haar hoofdtelefoon af en begaf zich naar het bureau van haar mama. Daar kon ze zeker een nieuwe cursusblok vinden. Het openen van de deur naar het bureau bleef gepaard met een overweldigende indruk, hoe vaak ze er ook kwam. Overal waar ze keek, lagen boeken van alle genres, verschillende krantenuitgaves en losse notities van een nieuw onderzoek waar haar moeder mee bezig was.

Ze wist dat als ze ooit een pen, inkt of papier nodig had, haar beste kans het grote, houten bureau aan het raam was. Als kind geloofde ze dat dit raam een portaal was naar een magische wereld en zelfs bijna vijftien jaar later twijfelde ze soms nog of dat niet echt zo was. Vanaf een meter van de vloer tot twintig centimeter van het plafond strekte het raam zich uit. De natuurlijke inval van het licht werd slechts onderbroken door enkele zwarte staven die het raam verdeelden in kleine rechthoeken, alsook de regenboogstickers die zij er als tienjarige samen met haar moeder op had bevestigd. Met de jaren leek de ruimte steeds kleiner te worden; ze kon nu met gemak door het gehele raam de tuin en achterliggende velden zien. De boekenkasten die bijna alle muren van de kamer besloegen, droegen minder geheimen met zich mee en werden nu zelfs regelmatig geraadpleegd voor haar eigen onderzoek – en voor ontspanning, maar daar had de blok nu een stokje voor gestoken.

Omdat ze alleen thuis was en niet afgeleid wou geraken, stapte ze resoluut richting het bureau, al moest ze daarvoor wel slalommen tussen de stapels nieuwe aankopen die haar moeder nog een plekje moest geven. Totdat haar knie kennismaakte met een stapel boeken die onstabiel op een doos balanceerde …

BOEM

“AUWCH”

CRASH

“SHIT”

Automatisch greep ze naar haar knie en tegelijk naar de boeken die de grond dreigden te raken, terwijl ze de rest van haar vloeken probeerde in te slikken. Gelukkig was haar moeder niet thuis om de onhandige vertoning waar ze momenteel in verkeerde aan te hoeven zien; haar dochter vloekend voorovergebogen in een jogging die ooit grijs was, maar nu een vreemde oranje schijn had en een T-shirt en oude scoutstrui waarvan de deadline voor de was al enkele weken was overschreden. Niet dat haar moeder het niet zou begrijpen – zelf spendeerde ze soms ook weken verscholen in deze kamer met als enige beweging een tocht naar de keuken voor een nieuwe tas thee of lading chocolade – maar ze wou zich liever de schaamte besparen. Nu de pijn in haar knie wegebde, kon ze de boeken oprapen die ze van de stapel had gestoten. Ze maakte er een – ietwat stabielere – constructie van. Toen ze het laatste boek wou wegleggen, werd ze tegengehouden door de titel die haar immens hard intrigeerde.

De Woorden van Verwondering

Nieuwsgierig opende ze het boek en sloeg ze de pagina’s om naar het eerste hoofdstuk. Er was echter geen tekst, of toch leek die er wel te zijn, tot ze de pagina opensloeg en die toen plots blanco werd. Een snelle zwaai van alle pagina’s leek handgeschreven tekst en gedetailleerde illustraties te onthullen, maar als ze door het boek bladerde, bleef ze verbaasd achter. Lege pagina na lege pagina staarde haar aan tot ze gefrustreerd het boek toesloeg. Deze harde beweging liet een klein stofwolkje ontstaan en zachtjes fladderde er een dieprood bloemblaadje vanuit de cover naar beneden.

Wat deed dit hier nu weer?

Met weinig geduld en vooral gefrustreerd door de onwetendheid greep ze het bloemblaadje uit de lucht en stak het in haar zak. Het boek nam ze onder haar arm en ze maakte aanstalten om de laatste stappen naar het bureau te zetten. Tot haar broekzak plots warm werd en er een zacht licht vanuit de pagina’s van het boek tevoorschijn kwam. Verbaasd legde ze het boek terug neer en opende de eerste pagina. Daar was plots wel een illustratie te zien; een bos met donkergroene bomen waarin het zonlicht precies op een opening viel met daarin zo’n typische rode kerstbloem. Ze nam het gevallen bloemblaadje uit haar zak en jazeker, het had dezelfde dieprode kleur als de bloem in het boek. Het licht werd warmer, de bloem groter en alles uit de tekening kwam als het ware tot leven.

Ze schudde haar hoofd. Wat was ze toch belachelijk aan het doen, ze had wel belangrijkere dingen aan haar hoofd dan wat dromen van een magische bloem in haar moeders bureau. Ze wou opnieuw rechtkomen om een cursusblok te nemen en verder te gaan studeren, maar besefte toen dat ze zich niet meer in het bureau bevond …

*

De velden waar ze nu in stond, herkende ze niet; die achter haar tuin waren doffer van kleur en bevatten niet zoveel bloemen als ze hier zag. Wat haar nog het meest verbaasde over deze nieuwe omgeving was de geur. Het rook naar vakantie in de bergen, naar vers gemaaid gras en rozen die net in bloei staan. Het rook er naar lente en zomer en herfst en zelfs winter tegelijk.

Ondanks de droomomgeving waar ze zich momenteel in begaf, was ze niet goed gezind. Ze had hier geen tijd voor, want ze liep al achter op haar planning en haar examen kwam er bijna aan. Zuchtend begon ze te wandelen.

Waarom had haar moeder dit nu weer op haar bureau laten slingeren?  

Als kind voelde het bureau altijd al magisch aan, dus ergens was ze wel blij dat het echt zo was, maar moest ze dat nu echt ontdekken in het midden van haar examenperiode?

Na wat voor haar aanvoelde als uren rondlopen, zonder dat de omgeving ook maar iets veranderde of herkenbaarder werd, ging ze zitten.

Ze wist niet meer wat te doen.

Haar tranen kon ze niet tegenhouden en dat wou ze ook niet meer. Ze was moe, emotioneel, gefrustreerd en boos op alles en iedereen die haar nu weghield van haar cursus. De examens waren nog maar net begonnen en ze had al het gevoel dat ze het niet ging halen. Haar gesnik weerklonk over de weide en zelfs dat klonk zachter dan ze verwachtte.

Waarom moest alles op deze plek zo perfect zijn en waarom kon ze daar nu niet van genieten?  

Toen ze plots een zachte hand op haar schouder voelde, sprong ze geschrokken recht. Ze dacht dat ze hier alleen vastzat, maar misschien was er toch hoop. Snel veegde ze de tranen uit haar ogen. Naast haar zag ze een kind staan.

Een kind, wat deed een kind hier? Was zij dit? Was ze in het verleden terecht gekomen? Maar als kind was ze hier toch ook nooit geweest.

“Al dat gepieker, daar moet je toch hoofdpijn van krijgen”, sprak het kind plots en dan werd duidelijk dat ze helemaal geen kind was. Nu ze de tranen uit haar ogen had weggeveegd, kon ze duidelijk de ogen zien van het kind en de wijsheid die daarin lag, was onmogelijk te vinden in de gemiddelde tienjarige. De vleugels die ze zachtjes op en neer zag gaan, gaven ook wel weg dat deze verschijning geen kind was en zelfs al helemaal niet menselijk.

“Sorry, ik wou je niet laten schrikken. Ik hoorde gesnik en wou kijken of ik kon helpen”, zei de fee zacht. “Ik ben Esmeralda trouwens.” 

Ze wist niet wat te zeggen. Zelfs in haar eigen dromen kon ze niet in vrede huilen, niet te geloven. 

Ze glimlachte vriendelijk naar het elfje en draaide zich om zodat ze weer verder op pad kon gaan. Ze moest er toch op een manier voor kunnen zorgen dat ze wakker werd uit deze nachtmerrie.

“Nachtmerrie?! Daarvoor ben je op de verkeerde plek. Mara komt hier nooit, gelukkig maar.”

Perfect, nu was ze ook niet meer veilig in haar eigen gedachten, kon het nog beter worden.

Gefrustreerd greep ze terug naar haar broekzak en haalde daar het verfrommelde bloemblaadje uit dat ze in haar moeders bureau had weggestoken. Dit had ervoor gezorgd dat ze hier was beland, dan moest dit ook voor een uitweg kunnen zorgen. Ze draaide het om in haar palm, hield het tegen het licht en probeerde er zelfs aan te likken, hopend dat het haar een aanwijzing kon geven die haar terug naar haar cursus zou leiden.

Opnieuw voelde ze die zachte hand op haar schouder.

“Sorry, ik wou je niet onveilig laten voelen. Ik was te enthousiast om je hier te zien en dacht niet na”, sprak Esmeralda met gebogen hoofd. “Ik weet waar dat blaadje vandaan komt. Zal ik je daar naartoe brengen, misschien kan het je helpen?”

Sprakeloos en onzeker of het wel echt een droom was, liet ze zich leiden door het feetje.

Onderweg slaagde Esmeralda er langzaam in om een gesprek gaande te houden. De grote zorgen die ze had over haar examens ebde zachtjes weg en ze kon steeds meer genieten van haar droom. Uiteindelijk kwamen ze aan in een opening in het bos. Het voelde niet dreigend, maar er hing wel een andere sfeer dan tijdens de rest van hun wandeling. In het midden van de opening stond een bloem die ze herkende van de cover van het boek.

“Dit is de amaryllis,” vertelde Esmeralda, “het draagt de kern van magie van deze gebieden en is niet makkelijk te beschadigen.” Toch kon ze zien dat er iets ontbrak aan de dieprode bloem. Een leemte waarin het bloemblaadje uit haar hand perfect paste. Ze vroeg zich af of zij dit beschadigd had, maar hoe kon dat zijn?  

Magie bestond niet echt, hoe kon zij dan de kern van deze magie beschadigen?  

“Ik snap je bezorgdheid, maar daar is waar je fout bent. Magie bestaat wel, maar niet op de manieren waarop jij het verwacht te zien”, Esmeralda kwam naast haar staan en sloot haar hand rond het bloemblaadje.

“Magie is terug te vinden in de kleine dingen.  
Kijk naar het vogeltje dat ’s ochtends aan je raam dag komt zeggen. 
Of die ene zonnestraal die tijdens het studeren recht op je gezicht belandt en daar warm blijft liggen.” Haar hand werd warmer en er scheen een zacht licht tussen haar vingers door.

“Magie verschijnt in de kleuren van de herfstbomen tijdens je fietstocht naar de les.  
En het verstopt zich in de eerste sneeuwvlok, die zich aan je zicht onttrekt door te durven neervallen als je slaapt.” Het bloemblaadje groeide, ze opende haar hand opnieuw en liet het naar de bloem toe zweven.  

“Bij het ontwaken ligt dit stukje magie te wachten, bijna barstend van plezier, tot je het gordijn opent en hem ziet. En dan ontploft hij …” Esmeralda sprak haar bemoedigend toe en ze liet het bloemblaadje naar de bloem toe vliegen.

“Laat het allemaal over je heenkomen, neem elk scherfje magie in je op en geniet van de schoonheid die het teweegbrengt.” Het blaadje verenigde zich met haar bloem en het licht ontplofte warm over hen heen. Esmeralda zweefde naar de amaryllis toe, plukte hem uit de grond, waarna een nieuwe bloem onmiddellijk terug uit de grond sprong, en vloog terug naar haar toe.

“En je lacht, want wat een geluk heb je wel niet dat je het hele jaardoor al deze soorten magie mag aanschouwen. Zelfs nu, nu de dagen donkerder worden en de kou je botten insijpelt, kan je magie terugvinden in kleine dingen.” Met die woorden drukte Esmeralda haar de amaryllis toe en omhelsde haar. Tranen van geluk liepen langs haar wangen en in de zorgzame omhelzing sloot ze haar ogen.

*

Het was alsof ze ontwaakte uit een droom. Omringd door al het papier in haar moeders bureau kwam ze recht. Alles zag er nog hetzelfde uit; de stapel die ze eerder omver had gestoten, stond nog steeds recht. Door het raam echter zag ze de hemel en de prachtig roze kleuren. Als een echt magisch portaal toonde het haar dat het moeilijkste van haar studieperiode erop zat. De nieuwe roos-paarse ochtend lachte haar bemoedigend toe en ze kon het haar precies horen zeggen.

“Dat is de magie van dromen, van de verhalen waarin woorden soms tekortkomen om je verwondering te beschrijven, ze geven je kracht om verder te klimmen, tot de top van je berg van zorgen en tot ver daarboven om er zeker van te zijn dat je het haalt.

En ja, die magie bevindt zich wel degelijk in je hoofd, maar het is dan ook aan jou om daar gebruik van te maken en je eigen verhaal te schrijven.” Het was haar moeder die deze laatste zin uitsprak, glimlachend vanuit de deuropening.

“Ik vroeg me al af wanneer je daarin verloren zou geraken”, sprak ze zacht terwijl ze naast haar dochter knielde en het boek overnam. Ze glimlachte en omhelsde haar moeder. “Dankje”



filosofische column

23/12/2025
[PONDERINGEN: DE OSSENMARKT] (© [Hanne Colémont] | dwars)
🖋: 

Om het half jaar speelt zich een ritueel af op de Ossenmarkt. Een zee aan bezorgde kopjes migreert er iedere ochtend overheen en druipt gedurende de dag weer af. De helft keert direct terug vanuit de lokalen naar zijn plaats van herkomst en de andere helft duikt de dranklokalen op het plein in. Voor zes weken in het jaar bevindt het plein zich in een cyclus van zorg en opluchting. De examenperiode.
 

Mocht je een kort strootje hebben getrokken en jezelf in de vroege uren op de Ossenmarkt bevinden, valt je wellicht iets op. Er hangt een grimmig sfeertje in de lucht. Mensen hebben stress, willen hun bed nog niet uit en slepen zichzelf schokkend en bokkend over de kinderkopjes. De onwil van het leven gutst uit de poriën. Een heuse rouwstoet. 

Tegen het middaguur begint de stemming enigszins te keren. De stress valt nog te proeven, maar het ongenoegen van dit alles op een vroege morgen te moeten beleven is eraf, en zodoende ook de ietwat bittere nasmaak. Er verschijnen nog late deelnemers van de rouwstoet, sommigen komen terug van een zware processie, maar het opkomen van de zon doet vaak wonderen. Helaas huilt de hemel vaak tijdens de eerste examenperiode. 

Vanaf de namiddag slaat het tij geheel om. De meesten hebben hun beproeving al gehad en zitten nu te proeven van wat schappelijker nat dan wat er uit de hemel komt gedonderd. Er zit een mix van mensen op het plein: de opgeluchten die hun beproeving goed hebben doorstaan en nu de hersencellen die ze daarvoor hebben gebruikt direct willen belonen, maar ook de verslagenen die het niet goed hebben doorstaan. Die laatsten zitten vaak fanatiek te drinken, alsof ze hun hersencellen willen straffen voor hun falen door ze in het geheel uit hun brein te spoelen. 

De stemming smaakt nu naar adem, adem waarvan het lijkt alsof die is ingehouden totdat de deelnemers van dit ritueel zich weer in dit toevluchtsoord bevinden. Wat in de ochtend het laatste herkenningspunt is voordat de donder losbreekt, is nu een prettige oase waar je in alle rust kan stoppen. Er hangt een verdringende lucht van alcohol, gepaard met een verduffende bewolking van nicotine. 

Ik bekijk dit alles altijd met een enorm genoegen. Zowel de rouwstoet als de climax, voordat het ritueel zich de dag erna weer herhaalt. Want vanwaar komen al deze emoties in hun extremen vandaan? Arbitraire punten van een arbitrair systeem, vanuit een arbitraire wereld gebaseerd op een arbitrair idee? Hoezo zouden we onszelf dat aandoen, waarom beginnen we niet eens met de climax? Wat als we het ritueel nou omdraaien en beginnen met het nat?



examenstock

22/12/2025
[LITERAIRE ZUURSTOF VOOR DRUKKE BLOKDAGEN] (© [Otto Van Kerckhove] | dwars)
🖋: 
Auteur

De blokperiode doet iets vreemds met de tijd … Uren worden korrels zand en plots voelt lezen als een luxe die je jezelf nauwelijks nog gunt. Maar soms is net dat kleine beetje literaire zuurstof genoeg om je hoofd weer tot rust te brengen. Daarom zijn hier vijf gemakkelijke, maar des te krachtigere boeken die je zonder schuldgevoel kan openslaan tussen twee hoofdstukken sociolinguïstiek of statistiek door.
 

Asem – Leen Dendievel (2018)

Voor wie tijdens de examens niet alleen naar adem hapt omwille van stress en deadlines. Asem is een zacht en helder boek over angst en paniek, geschreven met een warme eerlijkheid die je even doet landen. Dendievel schrijft alsof ze je hand vasthoudt en zegt: “Je bent niet alleen.”

256 pagina’s

 

Small Things Like These – Claire Keegan (2021)

Een korte maar krachtige novelle over Bill Furlong, een kolenhandelaar in 1985, die een jong meisje ontdekt in de kelder van een klooster. Keegan toont hoe kleine daden van moed en compassie de wereld zacht en onmiskenbaar kunnen veranderen. Een verhaal dat lang blijft nazinderen, en dankzij de verfilming met Cillian Murphy (2024) kan je het dubbel beleven.

128 pagina’s
 

Een revolverschot – Virginie Loveling (1911)

Een Nederlandstalige klassieker over de zussen Marie en Georgine Santander, wier relatie op de proef wordt gesteld wanneer ze verliefd worden op dezelfde buurman. Loveling weeft rivaliteit, spanning en tragiek tot een meeslepend geheel dat je niet wilt neerleggen, zelfs niet voor je blokpauze. Deze pageturner bewijst dat Nederlands proza al lang wist hoe psychologische thrillers werken.

192 pagina’s
 

Never Let Me Go – Kazuo Ishiguro (2005)

Een roman die zacht begint, maar langzaam je hart grijpt en niet meer loslaat. We volgen Kathy H., een gekloond kind opgevoed om organen te doneren. Ishiguro’s wereld is herkenbaar en toch ontregelend, en zijn vragen blijven in je hoofd hangen terwijl je opnieuw achter je bureau kruipt. Ook verfilmd (2010), maar lees het eerst. Altijd eerst lezen.

288 pagina’s
 

Het geschenk – Gaea Schoeters (2025)

Compact, ritmisch en precies genoeg voor een korte leespauze. Schoeters’ politieke satire laat Berlijn overspoeld worden door 20.000 olifanten, een geschenk dat zowel absurd als doordacht is. Ideaal om even weg te dromen van je stapels flash cards.

128 pagina’s

Vijf boeken die licht en toch gelaagd zijn. Perfect voor tussen de samenvattingen door, of net als je een excuus zoekt om even van je bureau weg te lopen. Want soms is het mooiste geschenk tijdens de blokperiode gewoon een paar pagina’s die je opnieuw doen ademen.

Ik wens jullie heel veel leesplezier en enorm veel succes met de examens! Je kan me ook altijd volgen op mijn Boekstagrampagina (@janaleest), waar ik nog meer boekentips post voor wie nooit genoeg kan krijgen van literatuur. 



examenstock

21/12/2025
[ONETHISCHE EXAMENTIPS] (© [Hanne Colémont] | dwars)
🖋: 
Auteur

Januari is aangebroken en dat betekent maar één ding: de examens zijn (bijna) begonnen en allerlei totaal van de pot gerukte BV’s geven examentips. “Begin op tijd”, “neem genoeg pauze”, “zorg voor voldoende ontspanning”, … Bullshit! Deze examentips zijn bedoeld voor studenten die er toch al door zouden zijn. Studenten die naar elke les zijn geweest, hun notities elk weekend hebben verwerkt en hun samenvattingen al op orde hebben. Wat dan met studenten zoals jij en ik? Studenten die sommige professoren voor het eerst zullen zien op het examen. Studenten die een levendig, leuk studentenleven al eens boven het vermoeiende collegeleven verkiezen. dwars weet raad!
 

1. Studocu en Stuvia

Om nog samenvattingen te maken, is het wanneer wij beginnen allicht te laat. En daarbij, waarom zou je je tijd eraan verspillen als iemand anders het al voor jou heeft gedaan? Studocu en Stuvia zijn goudmijnen voor slackers, maar het probleem is dat je voor veel samenvattingen op Studocu zélf ook documenten moet uploaden. Geen gemakkelijke opdracht voor wie geen jota heeft gedaan. Mijn tip: upload het eerste het beste document dat je prof op Blackboard heeft gezet en label het als ‘oefenmateriaal’. Zo kan je ook zonder eigen inspanningen genieten van het werk van anderen! Op Stuvia is de zaak wat lastiger, want daar moet je betalen voor samenvattingen. Er zijn twee opties: kotstudenten kunnen naar hun boodschappenbudget grijpen, maar wie die luxe niet heeft kan altijd samenleggen met zijn luie vrienden.
 

2. sustenance

Om waanzinnig veel informatie op te slaan in slechts enkele dagen heb je meer nodig dan wat studentenhaver en koffie. Energiedrank is een optie, maar is in veel gevallen niet krachtig genoeg. Je hebt er veel van nodig en voor wie geen huismerk lust, lopen de kosten al snel hoog op. Zelf heb ik tijdens de vorige examenperiode een zeer nuttige methode ontdekt: je kan oploskoffie oplossen met koffie! Als je dus een koffiemachine op kot hebt, kan je jezelf altijd spiken met een lepel(tje) extra oploskoffie. Wie écht in nood is, kan ook aankloppen bij zijn of haar vrienden met ADHD voor een dosis Rilatine. Ook eten is belangrijk in de blok. Goedkoop en snel zijn hierbij beslissende factoren. Mijn favoriete snelle snacks zijn suikerwafels in de microgolf en de pastapakketten van Miracoli.
 

3. nachtje door

Soms zal het je niet lukken om op tijd alle leerstof te verwerken voor het examen. Dan staat er je niets anders te doen dan een nachtje door. Mijn tips? Zorg voor een grote voorraad koffie en energiedrank. Doe alle lichten aan die je hebt om zo veel mogelijk de dag te simuleren en ga zo ver mogelijk weg van je bed. Ga naar de keuken of naar een ander gebouw, want dutjes zullen je fataal worden. Hoe moe je ook wordt, onthoud dit: je gaat het ‘s ochtends niet meer doen, het is nu of nooit.
 

4. SOS: ziektebriefje

Soms weet je al bij het ontvangen van je examenrooster dat je een bepaald vak niet zal halen. Dan is het verstandig om gewoon niet te leren voor dat examen. Toch zou ik het niet meteen afschrijven als een herexamen. De kans bestaat altijd dat je miraculeus ziek wordt op de dag van het examen. Je hebt bijvoorbeeld onverklaarbare migraine of buikloop, of je hebt een nerveuze inzinking gekregen bij het opstaan. In die uitzonderlijke gevallen ga je best zo snel mogelijk naar de dokter om huilend jouw relaas te doen. De dokter bezorgt je dan een ziektebriefje en zo krijg je met wat geluk een inhaalexamen!
 

5. SOS: paniekaanval of existentiële crisis

Soms zal je er even volledig door zitten. Je krijgt een paniekaanval met alles erop en eraan. Ik weet hoe het voelt en heb dé tip voor deze situaties: calming amygdala music. Bij een paniekaanval is het in vele gevallen je amygdala die tilt slaat. Dat is een amandelvormige structuur diep in de hersenen die cruciaal is voor het verwerken van emoties, motivatie en het geheugen voor emotionele gebeurtenissen. Het is ons hersendeel dat gevaar detecteert en de vecht-of-vluchtreactie activeert. Om die te kalmeren werkt het bijzonder goed om eens te zoeken naar calming amygdala music op YouTube. Die kan je dan gebruiken als achtergrondmuziek om terug te beginnen met studeren. Tijd verliezen zal je paniek namelijk ook niet oplossen.

Een existentiële crisis? Hierbij kan ik lastig onethische tips geven. Bel naar je vrienden, ouders of eender wie om erover te praten en laat je helpen. Wie weet levert het zielig doen wel een paar samenvattingen op. Gebruik in geen geval ChatGPT als psycholoog en begin desnoods met roken! 

Ziezo, mijn onethische tips die je écht verder zullen helpen in de examens en in het leven. Lukt het toch niet? Dan zijn er altijd de inhaalexamens – euh ik bedoel herexamens!



receptjes voor tijdens de blok

19/12/2025
[DWARS' SNEUKELTIPS VOOR DE SLINKENDE STUDENT] (© [Otto Van Kerckhove] | dwars)
🖋: 

Het is weer zover: het nieuwe jaar staat voor de deur. Dat heeft als jammerlijk gevolg dat ook de examens van de partij zijn. De ene dag na de andere spendeer je uren achter je bureau. Gewapend met een dozijn markeerstiften, een vierkleurenpen waarvan de blauwe inkt bijna op is en een gigantische blok post-its ga je je cursussen met grof geweld te lijf. De bladzijden vliegen in het rond, terwijl je de kopjes koffie even vlot achterover tikt als pintjes bier tijdens een cantus. Je probeert je de stof zo goed mogelijk eigen te maken, maar soms heb je gewoon nood aan een pauze. Al dat blokken vraagt niet alleen bloed, zweet en tranen, maar ook heel veel energie.
 

De beste manier om de inwendige student opnieuw te sterken in deze moeilijke periode? Dat doe je met comfortfood, natuurlijk! Een heerlijk bordje dat smaakt zoals een warm dekentje dat je over je trekt op een koude winteravond: zacht, knus en troostend. Om jou wat tijd te besparen, heeft dwars voor jou nagedacht over wat je zou kunnen klaarmaken. Hier zijn drie receptjes waardoor jij niet meer hoeft te twijfelen tussen een magnetronmaaltijd of toch maar een vette hap te halen. Zo spaar jij deze denktijd uit, die je beter samen met je boeken en je notities doorbrengt.
 

Willems supersnelle shakshouka (twee personen)

- een blik tomatenstukjes (500 gr) 
- kruiden naar smaak: zout, chilivlokken, komijn, paprikapoeder, … 
- een ui 
- een teentje look 
- vier eieren 
- (extra: geraspte kaas of feta)

Snij de ui en plet de look. Doe een scheutje olijfolie in een pan, en fruit de ui en de look aan. Voeg kruiden toe naar smaak en laat even meebakken. Voeg het blik tomaten toe en laat de saus even pruttelen. Als de saus de gewenste dikte heeft, maak je met een lepel evenveel kuiltjes in de saus als eieren. Breek de eieren rechtstreeks in het kuiltje en laat ze enkele minuten garen met een deksel op tot het wit gaar is, maar de dooier nog lopend. Kruimel er wat feta overheen of geraspte kaas als je dat lekker vindt. Serveer met toast!
 

alles-behalve-verloren brood (één persoon)

- twee sneetjes brood 
- een ei 
- een scheutje melk 
- een klontje boter suiker / honing / kaneel / … 
- stukjes fruit (banaan, appel, besjes, …) 

Breek het ei in een kommetje, giet er een scheutje melk bij en kluts het goedje dooreen. Verwarm een pan met een klontje boter. Dompel de sneetjes brood onder in het goedje en bak ze in de pan goudbruin langs beide kanten. Leg de gebakken sneetjes op een bord en voeg toppings toe naar believen: suiker, honing, én vergeet vooral geen stukjes fruit voor de vitamines die tijdens de blokperiode broodnodig zijn, pun intended!
 

Samuëls comfortabele carbonara (één persoon)

- 100 gr pasta (naar keuze) 
- twee plakjes spek 
- 80 gr champignons 
- Parmezaanse kaas (25 gr, maar mag gerust meer zijn) 
- zwarte peper 

Zet een pot met water op het vuur en breng het aan de kook. Snij het spek in blokjes en de champignons in plakjes. Bak het spek krokant in een pan en voeg de champignons toe. Voeg een flinke snuif zout toe aan de pot met kokend water en doe de pasta erbij. Kook de pasta al dente. Intussen rasp je de Parmezaanse kaas. Doe deze in een klein kommetje, voeg er flink wat zwarte peper bij en kluts het eitje erdoor. Voeg zoveel kaas toe als je wilt. Als de pasta gekookt is, giet je deze af, maar hou een scheutje pastawater over. Zorg dat het vuur onder de pan uitstaat (als je dat niet doet, stolt de saus en dat wil je natuurlijk niet) en voeg de pasta toe. Roer deze samen met de spekjes, de champignons en het eimengsel. Houd de boel flink in beweging, zodat je een mooie zachte saus hebt en geen roerei. Doe je pasta in een bord en strooi er gerust nog wat parmezaan over. Je hebt het verdiend.



kortverhaal

19/12/2025
[MAAK KENNIS MET MEVROUW OPERA SQUARE] (© [Lotte Mertens] | dwars)
🖋: 
Auteur

Ze is niet echt een vriendin, meer een buurvrouw die je niet hebt gekozen en aan wie je onmogelijk kan ontsnappen. Ja, Oprah Square. Ik weet het, vreemde naam. Maar in deze stad heten wel meer mensen Park of Lei of Square. Het is een hele trend. Hoe dan ook, mevrouw Oprah Square is een curieus figuur. Ze gaat nooit naar binnen. Eet niet. Drinkt niet. Ze zit dag en nacht op hetzelfde bankje in haar voortuin alsof ze wacht op Godot of op een bus die belachelijk te laat is – wat hier overigens ook een trend is. Maar hier komt het: ze háát mensen. Verafschuwt ons. Elke keer dat iemand het lef heeft om langs haar te lopen, grijpt ze de haardroger die ze permanent naast zich heeft liggen, als een duister verlengstuk van haar arm, en blaast ze die persoon zonder pardon weg. Geen waarschuwing. Geen uitleg. De eerste keer dat het mij overkwam, dacht ik dat het een grap was. Ik vroeg haar wat ze in hemelsnaam aan het doen was. Ze antwoordde niet, draaide de knop gewoon op het maximum en blies me letterlijk de volgende week in. 

Iedereen in de buurt heeft wel een verhaal. Lenny, mijn andere buurman, zegt dat ze vijf van zijn paraplu’s heeft vermoord – deze week nog maar! Linda, mijn kapster, vertelt haar klanten dat ze een hele andere route moeten nemen, tenzij ze terug willen komen met haar dat lijkt op dat van Bellatrix Lestrange. Zelfs mijn professor waarschuwde dat studenten die voorbij Mevrouw Oprah moeten fietsen maar beter hun beentjes opwarmen als ze op tijd op hun examen willen zijn. 

De logische oplossing zou natuurlijk zijn om haar voortuin te vermijden. Maar uiteraard bewaakt zij de snelste route tussen het station en de Stadscampus. Het vermijden van mevrouw Oprah betekent dat je een kwartier moet omlopen, en wie heeft daar tijd voor? Dus wagen we allemaal onze kans. We duiken weg, houden onze jassen vast en hopen dat mevrouw Oprah die dag genadig gestemd is. Of in elk geval dat iemand de stekker van haar haardroger eindelijk eens uittrekt.



poëzie examenstock

19/12/2025
[TROOST ONS DAN TOCH] (© [Silke Ramaekers] | dwars)
🖋: 

troost ons dan toch. 
zie onze woorden voor wat ze zijn 
in plaats van de verbleekte beloftes 
van geluk als gedoodverfde conclusie 
troost ons dan 
toch.
 droog onze tranen 
al trillen ook 
jouw handen
 met ons mee 
laten we ons verstrengelen
 met de schommelingen van 
deze aardbeving
 troost ons
 dan toch.
 laat je hart
 mee uitdijen
 opblazen
 imploderen
 het doet best een
 beetje heerlijke pijn
 troost
 ons
 dan
 toch.
 strek
 je
 handen
 uit
 en
 voel
 dat
 bonzende
 orgaan
 het
 klopt
 ook
 in
 jou
 toch?



filosofische column

09/12/2025
 [PONDERINGEN: SAMEN] (© [Margrot Franckx] | dwars)
🖋: 

Samenwerken. 
“We zijn al een half uur bezig met wat kiezen.” 
Een veel voorkomende tijdsbesteding. 
“Zullen we gewoon stemmen over het onderwerp?” 
Iets waar wij van kinds af aan in worden getraind. 
“Wat als ik dan dit deel doe en jij plakt het aan elkaar?” 
En iets wat soms nog amper lukt. 
“Weet iedereen zijn taak? Dan kunnen we naar huis en het daar maken.” 
Tenminste, niet op de manier dat het woord de handeling verkoopt.
 

Samenwerken vind ik een amusante bezigheid. Volgens je juffen en meesters, je docenten en nu je professoren is het ontzettend belangrijk. Maar in hoeverre ‘werken’ we nou samen? Ik pleit niet voor ‘de een houdt het blad vast, de ander de pen’. Wel vind ik het interessant om te kijken naar wat er samen wordt gedaan. Je kiest samen een onderwerp, maakt samen een taakverdeling en besluit dan samen om er zelf thuis aan te werken.

Veel samenwerkingsopdrachten vereisen een logboek. Daarin staat wie welk gedeelte heeft gemaakt. Als het doel is om 'samen te werken', is een logboek dan noodzakelijk? Bij het woord ‘samenwerken’ zou je kunnen verwachten dat ieder in het hele proces was betrokken. Het logboek impliceert juist een onderverdeling van taken. Dat dit onmisbaar is bij samenwerken is niet het punt, waar ik op doel is dat de verwoording van ‘samenwerken’ vaak haaks staat op het proces. Als je het werk onderverdeeld in stukjes, is er dan niet eerder 'samen-gewerkt-aan'?

De mooiste opdrachten zijn presentaties, een proces waarvan je zou verwachten dat je wel móét samenwerken. Dwaas zou zijn om te presenteren zonder het allemaal te kennen. In mijn ervaring beperkt volledige kennis zich echter tot de duopresentaties. Meer dan twee groepsleden en ieder gaat vaak zijn eigen verhaaltje opvoeren. Wanneer een hechte groep samenwerkt gebeurt dat minder, wellicht omdat mensen zich dan veilig genoeg voelen om zichzelf bloot te geven.

Wanneer mensen verplicht worden tot samenwerken, beperkt een opdracht zich snel tot samen een groter geheel ruw aan elkaar plakken. Individuele opdrachten met een extra staaltje planning. Technisch wordt het geheel samen gemaakt. Toch, is het niet gepaster om te zeggen dat naast het samenwerken aan het groter geheel ‘samen-gewerkt-aan’ is, het werk zelf dan is 'samen-verdeeld-door'? Door die verplichting kan daar een grotere focus op worden gelegd dan op het samenwerken zelf.

De cadansen liggen anders, nuances half overhoop, de kern wordt wel behouden, maar de overlapping is niet groot. Bidden dat je geen vraag krijgt, zo over andermans werk. Mocht dat wel gebeuren: “Ik refereer graag naar de dia van Derrick.” Onze leider weet het wel te zeggen, zo denkt dan iedereen. Want samen zijn we sterk, maar kennis heeft ieder toch alleen. 



cultuur

09/12/2025
 [THE SPIRIT OF GOYA] (© [Lina Goethals] | dwars)
🖋: 

Om de twee jaar vindt het internationale kunstenfestival Europalia plaats, dat sinds 1969 het doel heeft om kunst in te zetten tegen polarisatie. Het festival wijdt zich telkens aan een bepaald land en kleurt heel België met multidisciplinaire evenementen. Deze dertigste editie viert het Spanje, met Francisco de Goya als inspiratiebron. Deel van deze editie is The Spirit of Goya, een performance geregisseerd door Alex Akuete, dat Goya’s werk verkent via een combinatie van hedendaagse dans, flamenco, hiphop en krumping. Het programma van Europalia verkent het culturele erfgoed en de tradities van Spanje en wil wereldwijd een gesprek over identiteit starten. dwars interviewde de dansers van The Spirit of Goya over hun ervaring.
 

Hoewel Goya schilderde in de late achttiende en begin negentiende eeuw, worden zelfs hedendaagse historische gebeurtenissen in zijn werk weerspiegeld. Zijn visionaire penseelstreken vormden dan ook een inspiratiebron voor veel kunstenaars na hem. Zijn werk ontkracht autoriteit en stelt het in vraag, maar doet dat voorzichtig, onder een subtiele sluier van vleierij. De dansers brengen dat voorzichtige verzet over in hun performance. Danseres Ms. Summerville omschrijft het contrast tussen de authentieke solo- en duoscènes en de harmonieuze groepsscènes als een “prachtige representatie van Goya’s verhulde rebellie”. Tijdens de werkweek creëerden de dansers een ruwer politiek beeld, dat uiteindelijk veranderde in een gefluister van verzet in de uitgevoerde versie. “Als je het wilt zien, dan zie je het”, benadrukt Roos Leten, een van de dansers.

Verbondenheid en een community die familie werd: zo omschreven de Belgische artiesten het gevoel van samen optreden. Een bijblijvend deel van de performance waren de flamencodanseressen. Met hun dans en castagnetten brachten ze passie, vrouwelijke elegantie en een krachtige sfeer die een trefzekere trots, kracht en inspiratie opwekte bij de hele groep dansers.

Is er als jonge kunstenaar een zekere verantwoordelijkheid in de hedendaagse maatschappij? Thijs De Wit, ook danser, gelooft dat kiezen om apolitiek te zijn in een tijdperk van constante consumptie van nieuws gelijkstaat aan “bewust je ogen sluiten voor wat er in de wereld gebeurt.” Briseïs voegt eraan toe dat kunst een weerspiegeling is van de gevoelens van een kunstenaar. “Omdat er op dit moment zoveel gebeurt in de wereld, bezit kunst vaker een politieke uitspraak.”

Het bestaan van de artiesten, gevormd door identiteit en afkomst, is op zich al politiek. Dat brengt labels met verwachtingen van representatie met zich mee; je wordt vaak zonder je toestemming in een hokje geduwd. Danser Michiko Lii moedigt aan dat het belangrijk is om te onthouden dat er een keuze is in hoe je deel wilt uitmaken van representatie en hoe je die verantwoordelijkheid wilt nemen.

Kunst zal zich blijven manifesteren doorheen de geschiedenis, zolang wij mens zijn. De artiesten van The Spirit of Goya tonen hoe kunst gemeenschappen, gevoelens en identiteit kan vormen en zo een blijvende impact creëert. 



de Grote Studentenbevraging onder de loep

09/12/2025
 [DE MENING VAN DE STUDENT] (© [Laurens Verhaegen] | dwars)
🖋: 
Auteur

Naar jaarlijkse gewoonte organiseerde de Studentenraad ook dit jaar weer de Grote Studentenbevraging, een survey van bijna 150 vragen over een breed scala aan onderwerpen: van stuverschap tot veiligheid, van komida tot examenplanningen. dwars analyseerde de resultaten.
 

Een eerste opmerkelijk resultaat gaat over sticky campus: hoe graag begeven de studenten zich op de campussen? Twee derde van de studenten geeft aan dat ze wel eens na de les op de campus blijven. Vaak is dat om te studeren, maar ook om met vrienden af te spreken of iets te eten in komida zijn veelvoorkomende redenen om te blijven plakken. Activiteiten die georganiseerd worden door verenigingen of de universiteit zelf zijn minder vaak de aanleiding.

Komida houdt dus een groot deel van de studenten op de campus. Velen eten er graag en vinden de sfeer aangenaam. Het nieuwe Gebouw P en zijn bijhorende studentenrestaurants op Campus Drie Eiken blijkt een succes, want de studenten op die campus zijn het meest tevreden over hun eetomgeving. Komida op Campus Middelheim krijgt de tweede plaats, gevolgd door die op de Stadscampus. De eetplek op Campus Groenenborger eindigt op de laatste plaats, maar wist nog steeds meer dan de helft van zijn studenten (57%) te overtuigen.
 


Naast komida zit ook de belichting op de campussen overal goed. Al geeft ruim één op vier studenten aan de campus ‘s avonds te vermijden, 75% daarvan zijn vrouwen. Hun meningen zijn wel erg verdeeld: ongeveer evenveel vrouwen geeft aan dat ze de campus vermijden wanneer het donker wordt, als zij die aangeven daar geen rekening mee te houden.



Om verder in te gaan op veiligheid, geeft één derde van de lhbtqia+-studenten aan dat ze zich minder veilig voelen dan andere studenten op de universiteit. Een even groot deel gaf overigens wel aan dat ze zich te allen tijde veilig voelen. Daarnaast werd er gepolst naar hoe veilig religieuze studenten zich voelen wanneer ze hun geloof duidelijk tonen met bijvoorbeeld een keppel, hoofddoek of kruisteken. Joodse studenten gaven unaniem aan dat ze zich vaker in onveilige situaties bevinden dan studenten die geen zichtbaar religieuze tekens dragen, of dan wanneer ze dat zelf niet doen. Bij moslims is twee derde het met die stelling eens. Christenen ervaren dat gevoel van onveiligheid het minst. Over andere religies werd niet genoeg data verzameld om conclusies te trekken.

Uit de bevraging blijkt ook dat bijna 70% van de studenten voorstander zijn van een zogenaamde ‘starttoets’, wanneer die relevante kennis zou testen voor de richting waar men aan wil starten. Daarnaast moet de universiteit ook duidelijk op voorhand communiceren wat het doel van die test zou zijn en wat die zou inhouden. Maar liefst 72% vindt dat er, al dan niet verplichte, remediëring aan het resultaat van de test gekoppeld moet worden. Aanvullend wil 16% daar een tweede test aan vastknopen, met een bindend resultaat. Vooral studenten aan Faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen zijn voorstander van de test met bindende gevolgen. Respondenten laten bovendien bijna unaniem weten dat het bestaan van zo’n niet-bindende starttoets geen invloed zou hebben op hun studiekeuze. 
 


De survey ging ook verder in op de huidige examenregeling. Bijna 90% van de studenten geeft aan dat ze rekening houden met mogelijke herexamens wanneer ze hun zomer plannen. Ook zorgt de onzekerheid van herexamens voor stress bij drie vierde van de studenten. Toch blijkt de grote meerderheid geen voorstander te zijn van het verplaatsen van de herexamens. Dat al helemaal niet wanneer het de lesvrije week op het einde van het eerste semester zou innemen. De eerste weken van juli zijn al iets populairder, met ongeveer één vierde van de studenten dat aangeeft die periode liever op te willen geven voor herexamens dan augustus. Maar toch stemt bijna de helft van de respondenten duidelijk tegen het afgeven van het begin van hun zomervakantie. Herexamens, op welk moment dan ook, blijven dus een moeilijke en stresserende periode, maar vraag naar verandering is er bij de studenten niet echt.

Als laatste geven studenten ook aan dat ze niet goed weten waar ze terecht kunnen met vragen. Daarvoor kan je altijd een stuver aanspreken. Stuvers zijn studenten aan onze universiteit die de belangen van medestudenten verdedigen. Ze zijn het aanspreekpunt tussen studenten, docenten en de universiteit, brengen problemen en ideeën van studenten naar voren, en vertegenwoordigen hen in verschillende raden op opleidings-, facultair en universitair niveau. Je kan hen dus aanspreken wanneer je met vragen of problemen zit, of nieuwe ideeën hebt. De meest geknipte stuver voor jouw boodschap vind je steeds terug op het stuveroverzicht.

Opvallend is dat er dit jaar niets gevraagd werd over de mentale gezondheid van de studenten en eventuele gevoelens van eenzaamheid die daarmee gepaard kunnen gaan. De afgelopen twee jaar zat dat onderwerp telkens in de bevraging. Het vergelijken van de resultaten over meerdere jaren zou tot interessante inzichten kunnen leiden over hoe de universitaire omgeving een, hopelijk positieve, invloed kan hebben op het mentaal welzijn van haar studenten.  
In een reactie op deze vaststelling stelt Studentenraadvoorzitter Julie Stockmans: “Dit jaar werd niets gevraagd over mentaal welzijn, omdat dit geen focus kent in ons beleidsplan. Onze Grote Studentenbevraging sluit daar steeds bij aan. Als er te veel vragen worden gesteld, haken studenten af. We hebben daarom gekozen om meer in te zetten op veiligheid en sticky campus.”

Op het oordeel van de universiteit zelf en mogelijke veranderingen die de resultaten van de bevraging teweegbrengen, is het nog even wachten. Die worden gepubliceerd in het jaarverslag 2025-2026 van de universiteit, dat je kan verwachten in het najaar van 2026.