07/12/2005

Hoewel hij altijd duidelijk gesteld heeft dat hij vanaf het moment dat hij de universiteit zou verlaten ook echt weg zou zijn, hebben we na lang aandringen toch nog dit interview kunnen loskrijgen. Michael Verdonck, de vorige voorzitter van onze één jaar oude studentenraad en tevens wereldrecordhouder studentenengagement, laat hieronder nog éénmaal zijn licht schijnen over de studentenaangelegenheden op de UA.

Je bent tijdens je studententijd zeer actief geweest. Zou je even kort kunnen overlopen in welke raden en verenigingen je precies hebt gezeten?

Michael Verdonck Dat is al meteen een hele boterham. Voor de eenvoudigheid zal ik het in twee luiken splitsen, want er is natuurlijk een verschil tussen studentenverenigingen en studentenvertegenwoordigers. Ik heb een paar jaar bij Unifac gezeten, als PR-verantwoordelijke en als voorzitter, ik zat toen ook in de kringraad. In 2003-2004 werd ik ook woordvoeder voor VUAS. Dit was het jaar van de fusie en onze taak was ervoor te zorgen dat alle reglementen met betrekking tot de studentenverenigingen die op de drie verschillende campussen golden, samengevoegd werden tot één enkel reglement. In samenspraak met de rector en Bruno De Loght waren er onderhandelingen over de subsidies. In datzelfde jaar was ik ook ondervoorzitter van de sociale raad. Als studentenvertegenwoordiger heb ik in de faculteitsraad, de CIKO en de onderwijscommissie voor TEW gezeteld, twee jaar in de Raad van Bestuur, het bestuurscollege, het bureau van de onderwijsraad en het laatste jaar was ik voorzitter van de Studentenraad. Verder zat ik ook twee jaar in het overlegcomite van de stad Antwerpen en was ik afgevaardigde voor de UA bij de Vlaamse Vereniging voor Studenten.

 

Kom je in al die raden niet geregeld dezelfde dossiers tegen?

Verdonck Uiteraard. Stel dat het niet zo zou zijn, dan had de universiteit een probleem. Dat zou namelijk willen zeggen dat iedereen zomaar los van elkaar beslissingen neemt. Vooral interessant is de scheiding tussen het centrale niveau en de faculteiten. De faculteiten kunnen wel een aantal zaken zelfstandig regelen. Maar je zit nog altijd op een universiteit, dat is geen bedrijf, er moeten nu eenmaal een aantal dossiers door verschillende raden passeren vooraleer ze goedgekeurd kunnen worden.

 

Kan je daar een concreet voorbeeld van geven?

Verdonck Het examenreglement, dat voor de studenten zeer belangrijk is. Het werd besproken op het bureau van de onderwijsraad, parallel werd dat ook besproken in de Studentenraad en tegelijk ook in de onderwijscommissies van de verschillende faculteiten. Het uiteindelijke voorstel werd goedgekeurd op de onderwijsraad, waarna de raad van bestuur uiteindelijk de knoop heeft doorgehakt. In principe zou de Raad van Bestuur alle beslissingen zelf kunnen nemen zonder iemand te raadplegen maar dat zou niet erg verstandig zijn.

 

Je vermeldde het nieuwe examenreglement, was dat niet juist een dossier waarbij niet naar de studentenvertegenwoordiging werd geluisterd?

Verdonck Dat was één van de grote dossiers op de Studentenraad, omdat er een hoop zaken veranderden door de BaMa-structuur. Het opstellen van het examenrooster blijft een probleem en zal dat ook blijven zolang er geen consensus komt tussen de administratie, de studenten en de professoren. De studenten vroegen om de bekendmaking van de roosters twee weken te vervroegen. Maar administratief achtte men dat niet mogelijk. Uiteindelijk zijn op vraag van de studenten enkele aanpassingen in het examenreglement gekomen, maar over de belangrijke zaken, zoals de roosters werd niet meer gesproken. De studenten in de onderwijsraden hebben tegen gestemd omdat er niet meer naar hun laatste compromisvoorstel geluisterd werd.

 

Wat heeft de Studentenraad wel kunnen verwezenlijken?

Verdonck De aanpassingen van het reglement rond de rectorverkiezingen. Het aantal studenten dat mee mag kiezen werd verhoogd van vijf naar acht. Dit heeft echter lang geduurd. Het probleem met al die raden is dat het enorm lang duurt om tot een concrete beslissing te komen. Ook de vervroeging van het academiejaar heeft de Studentenraad kunnen tegenhouden. Ik heb begrepen dat de vice-rector (Denekens) nu reeds opnieuw begonnen is over de vervroeging van het academiejaar. De studenten zullen weer van zich moeten laten horen als ze niet akkoord zijn.

 

Hoe sta je tegenover de toenemende studiedruk, vroeger werd gezegd dat je op de universiteit gewoon je cursus moest kennen tegen juni?

Verdonck Het belangrijkste en wat ik vooral het leukste aan het studentenleven vond, is dat je heel zelfstandig bent. Dat moet zo blijven. Je moet wel taken kunnen krijgen, als ze nuttig zijn tenminste. Je leert er ook uit. Maar wat niet interessant is, is dat je elke week, groepswerkjes moet maken en papers moet schrijven. Dan ben je de hele tijd aan het vergaderen en verricht je half werk. Er moet nog tijd overblijven om een studentenleven te kunnen leiden. Sociaal engagement, mensen leren kennen, ... het blijven toch de jaren waarin je de mogelijkheid en vrijheid krijg om heel veel te ontdekken. Op de universiteit kan je buiten de lessen ook aan heel veel interessante dingen deelnemen, gaande van culturele activiteiten of politieke debatten tot sportactiviteiten of TD's. Je moet van je studentenjaren profiteren!

 

Over constant vergaderen gesproken; hoeveel vergaderde jij?

Verdonck Ik was daarin wel een extreem geval. Concreet waren er elke week ongeveer twee vergaderingen waar ik moest zijn. Ik deed dat met plezier hoor, omdat je na een tijd merkt dat je een aantal dingen toch kan bijsturen.

 

Heeft dit gewogen op je studies?

Verdonck Natuurlijk had ik meer kunnen studeren. De vraag is of ik het dan ook gedaan zou hebben. (lacht) Het belangrijkste is een goede planning opstellen en dan lukt dat allemaal wel. Ik ben alleszins nooit in augustus moeten terugkomen.

 

Hoe rol je er eigenlijk in? Er zijn maar weinig studenten die op de hoogte zijn van al die raden. Werd je door iemand aangesproken om je daarvoor in te zetten?

Verdonck Wat we de vorige jaren gedaan hebben is een boekje uitgeven bij het Unifac-postje en de snelkrant waarin uitgelegd werd wat studentenvertegenwoordiging juist inhield. In principe moet je jezelf gewoon verkiesbaar stellen. Je zou ervan opkijken hoe vaak mensen, die zich out of the blue inschrijven, verkozen worden. Het is best op het niveau van de faculteit te beginnen, het is dichter bij je bed en er worden dossiers besproken die je persoonlijk aangaan. De kans dat je verkozen wordt is zeer groot, in sommige faculteiten zijn er zoveel mandaten dat er vaak niet genoeg kandidaten zijn. Zeker bij de faculteiten Exacte Wetenschappen en Geneeskunde zijn er veel mandaten aangezien ze daar zoveel richtingen hebben.

 

De verkiezingen worden op de Stadscampus door Unifac georganiseerd. Veel kandidaten zijn ook lid van Unifac. Stelt zich daar geen probleem?

Verdonck Ik kan je verzekeren dat dit zeer serieus gebeurt. Zoals in het reglement aangegeven wordt, is er altijd iemand van de overheid die het gebeuren superviseert. Dan is er per campus iemand die bij het tellen een oogje in het zeil houdt. Als er kandidaten zijn die bij Unifac zitten dan mogen die uiteraard niet mee tellen. In principe is er dus geen probleem. Door wie zou je het trouwens anders laten doen? Waarom zijn veel kandidaten Unifaccers? Dat zijn mensen die zich al enorm inzetten en geregeld met studentenvertegenwoordiging in contact komen. Ikzelf sprak daar tijdens mijn periode bij Unifac ook heel veel mensen over aan. Maar als je de resultaten bekijkt, zal je zien dat ook enkele mensen van Unifac niet verkozen raken.

 

Zijn er bepaalde zaken die je wou verwezenlijken maar die niet gelukt zijn? Bepaalde frustraties?

Verdonck De grootste frustratie was dat alles zo traag ging. Professoren hebben heel veel tijd, ze hebben een carrière van veertig jaar. Als student heb je meestal maar één jaar waarin je in een raad mag zetelen. Omdat je met een overlegstructuur zit, wat volgens mij toch wel het beste is, moet je rekening houden met deze traagheid van besluitvorming.

Concreet vind ik het zeer spijtig dat het dossier rond studiedruk en cursussen niet is opgelost. Opmerkingen over de inhoud en structuur van cursussen liggen nu eenmaal gevoelig bij professoren. Ik blijf er ook van overtuigd dat men het bekendmaken van de examenroosters zou kunnen vervroegen als men zou willen. In sommige andere universiteiten krijg je je examenrooster bij je lessenrooster. Dit vergt natuurlijk ook wat inspanning van de studenten die hun papieren op tijd moeten binnen brengen.

Ik denk echt dat als de studentenvertegenwoordigers dossiers goed aanpakken, eventueel met voorbeelden, dat professoren zeker zullen luisteren. De meeste professoren zijn zeker van goede wil, het gaat soms over geduld en de manier van aanpakken. Moest dat niet lukken, dan moet je via een Studentenraad de dingen formeler proberen aan te pakken en proberen alle studenten te betrekken. Ook de communicatie tussen vertegenwoordigers en studenten moet nog beter, hoewel er echt inspanningen zijn geleverd de laatste jaren.

 

Had de Studentenraad ook iets te zeggen over dossiers als de fusie of de verhuis van de buitencampussen?

Verdonck Bij de verhuis werd er aan de studenten gevraagd wat zij belangrijk vonden. Tijdens het studentenoverlegcomité, dat is een informele vergadering waar studenten elk semester rechtstreeks aan de rector kunnen vertellen wat hen dwars ligt, werd dit ter sprake gebracht. Dat is best een knappe structuur. Ik zie zo'n overlegcomité bijvoorbeeld niet meteen in Leuven plaatsvinden. De studenten van de buitencampussen wilden hun campus gemoderniseerd zien en daar werd dan ook naar geluisterd.

 

Hoe wordt een studentenoverlegcomité aangekondigd?

Verdonck VUAS kondigt dit aan en alle studenten worden daarvan op de hoogte gesteld. Het spijtige is dat bij het laatste overlegcomité meer mensen van de UA aanwezig waren dan dat er studenten waren. Op dat moment kan ik onmogelijk nog even aan de rector gaan uitleggen hoe het wel zou moeten lopen en dat is zeer spijtig. Het overlegcomité zou het ideale moment moeten zijn waarop andere studenten het academisch corps eens kunnen aanspreken over de bibliotheek, studentenrestaurants, enzovoort.

 

Krijg je soms nog telefoontjes van de nieuwe lichting vertegenwoordigers?

Verdonck Af en toe geef ik de huidige lichting wat raad. Bij dossiers die blijven terugkomen, kan ik waarschuwen voor argumenten van de professoren. In het begin ben je onder de indruk van de samenstelling van zo'n raad. Je bent er met een vijftal studenten en voor de rest zitten daar professoren en assistenten. Je moet door micro's praten en als je niet deftig je mannetje staat, wordt je gewoon uitgelachen. Je moet wat steken kunnen incasseren, maar soms kan je er ook wel subtiel een aantal uitdelen.

 

Hoe is de Studentenraad eigenlijk opgericht?

Verdonck Voor de fusie was alles anders, informeler geregeld. Daarna is er bij de fusie beslist om het statuut van de student op te richten. VUAS was de overkoepelende studentenvereniging en daarnaast was er ook een studentenvergadering (wat nu het overlegcomité is). Dat functioneerde eigenlijk vrij goed maar toen is het participatiedecreet gekomen vanuit de overheid en werden de universiteiten verplicht een Studentenraad in het leven te roepen. Vorig jaar is er dan formeel een Studentenraad opgericht. En daar zetelen nu vijftien studenten in. (drie studenten uit de raad van bestuur, een uit elk van de zeven faculteiten en vijf studenten verkozen door alle studenten) Zo krijgen de grotere faculteiten ook meer stemmen.

 

Had je het gevoel dat je door je medestudenten werd aanvaard als studentenvertegenwoordiger?

Verdonck De mensen die ik tegenkwam probeerde ik altijd te helpen. Maar ik kan niet alles. Het leuke is dat naarmate je meer begint te weten en meer mensen effectief kunt helpen, ze je meer en meer om raad komen vragen. Maar wat ik als goede studentenvertegenwoordiging beschouw, zou al op de faculteit moeten beginnen. Alle praktische problemen worden in de onderwijsraad en de faculteitsraad geregeld. Er zou dan één van de studenten dat naar de Studentenraad moeten linken waar dan ook nog een aantal grotere thema's behandeld worden. Op de universiteit krijg je een hele hoop mogelijkheden en het zou stom zijn die niet te benutten. Je kunt echt wel iets verwezenlijken, maar je moet goed kunnen argumenteren. Natuurlijk krijg je ook wel eens het deksel op de neus. Wat veel studenten echter niet weten is dat onder professoren de rivaliteit soms groot is, je zou ervan opkijken. Het zou stom zijn indien studenten hier geen voordeel proberen uit te halen door één blok te vormen.

 

Zijn er dingen geweest die je anders zou aanpakken?

Verdonck Bij de discussie over het examenreglement hadden we wat meer steun van de studenten moeten hebben. Als er tweeduizend studenten examenroosters op 1 december eisen, via een petitie of zo, dan is dat toch wat lastiger voor de UA dan dat ik op een vergadering even mijn eisen ga stellen. Daar had ik wat meer nadruk op kunnen leggen. Het zwakke punt in heel het systeem is de communicatie. Studenten zijn ook wat passiever dan vroeger, professoren klagen er alleszins vaak over. Dat komt ook omdat in Antwerpen heel weinig kotstudenten zijn. Veel mensen hebben hun sociaal leven nog thuis. In Gent en Leuven is dat helemaal anders. Ook de campussen liggen heel wat verder uiteen. Veel studenten vinden ook dat ze het zo slecht niet hebben, het gaat tenslotte soms over komma's en punten. Studenten hebben ook meer werk en het belangrijkste blijft studeren. Het probleem van studentenvertegenwoordiging is ook dat je heel weinig gaat veranderen voor je eigen generatie. Als het systeem eenmaal begint te draaien pluk je wel de vruchten van je voorgangers.

 

Wat vond je de leukste raad of club om in te zitten?

Verdonck De studentenclubs waren voor mij de leukste ervaring. Het groepsgevoel dat daar heerst is geweldig. Je plant samen allerlei activiteiten en dat hoeft zeker niet ten koste te gaan van je studies. Ik zeg altijd dat we even representatief zijn als de rest van de studenten. Je hebt bij ons ook gebuisden en mensen die met glans eerste zit halen. Qua raden is de onderwijscommissie het interessantste. Het is een kleinere informele raad, waar vaak concrete thema's worden besproken. Het bestuurscollege en de Raad van Bestuur waren voor mij een unieke ervaring omdat je de interne keuken van de universiteit van dichtbij kan volgen.

 

Werd jou al eens gevraagd om dingen uit die interne keuken voor jezelf te houden?

Verdonck Ja, dat gebeurt. Vaak gaat dat over personeelszaken. Als student ben je nu eenmaal soms bij dingen betrokken, die niet onmiddellijk betrekking hebben op onderwijs of studentenleven. Maar als ze bijvoorbeeld aan mij zouden vragen om te zwijgen over een aankondiging rond de vervroeging van het academiejaar dan zou dat niet pakken.



06/12/2005
🖋: 

Het ineenstorten van de Sovjet-Unie liet in Centraal-Azië een lappendeken van despotenstaatjes na. Olaf Koens, student eerste bachelor filosofie, ging samen met zijn studentenclub AEGEE de verkiezingen in Azerbeidzjan van naderbij bekijken en zag dat het niet goed was.

Kan je even uitleggen wat AEGEE is en wat jullie juist doen?

Olaf Koens AEGEE is een interdisciplinaire studentenvereniging, met afdelingen in 240 Europese steden. In Nederland zijn die soms heel groot met 200 leden of meer, in andere landen een stuk kleiner. In België zitten we alleen in Leuven. Daar organiseren we elk jaar een week waarin zoveel mogelijk talen worden onderwezen. We organiseren ook conferenties en seminaries. De steden werken autonoom onder een overkoepelend Europees netwerk dat alles samen houdt. Ik ben 2 jaar lang lid geweest van AEGEE in Groningen. Ik ben er langzaam ingerold en omdat AEGEE Europe vooral vanuit Brussel werkt ben ik daar nu meer bij betrokken geraakt. Ik werk ook mee met AEGEE Leuven, maar dit project van waarnemingsmissies ben ik aan het opzetten voor AEGEE Europe.

 

Wat zijn eigenlijk de doelstellingen van AEGEE?

Koens Europese integratie is onze belangrijkste doelstelling, we erkennen in principe dus ook geen grenzen. Europa loopt bij ons van IJsland tot Azerbeidzjan en van Portugal tot diep in Rusland. AEGEE werkt als NGO dus wat we ook doen is lobbyen. Om maar een voorbeeld te geven: het Erasmus-programma is opgestart als een AEGEE-project in 1993 en dan later,na ons lobbywerk, door de Europese Unie ontwikkeld.

 

Blijkbaar werd het in Azerbeidzjan pas vanaf 27 oktober mogelijk voor buitenlandse NGO’s om de verkiezingen waar te nemen. Waren jullie al lang op voorhand van plan om te vertrekken of was dit echt last minute?

Koens De missie was natuurlijk al veel langer gepland. Het probleem was dat we echt werden tegengewerkt. Uiteindelijk heb ik samengewerkt met twee andere organisaties: Lymec, de Europese liberale jeugd en Silba, een Deense NGO. Die samenwerking heeft er toe geleid dat we politieke druk konden uitoefenen op Azerbeidzjan, zodat we uiteindelijk toch geaccrediteerd werden.

De voorzitter van de Raad van Europa commissie voor Azerbeidzjan was Leo Platvoet, een parlementariër van Groenlinks in Nederland. Daar ben ik zelf pas heel laat achtergekomen. Ik heb hem opgebeld en hem verteld hoe moeilijk het was voor buitenlandse NGO’s om een accreditatie te krijgen. Ze hebben dat opgenomen in een rapport en 3 dagen later werd die regel door de regering van Azerbeidzjan opgeheven.

 

De democratie in Azerbeidzjan is op zijn zachtst gezegd nogal omstreden. De presidentsverkiezingen in 2003 werden bijvoorbeeld over de hele lijn afgekeurd door de internationale waarnemers. De verwachtingen over deze verkiezingen waren echter hoopvoller. President Aliyev had een paar dagen voor de verkiezingen dan toch nog buitenlandse NGO’s toegelaten als waarnemers en op vraag van de internationale gemeenschap het gebruik van onzichtbare inkt bevolen om dubbelstemmen te voorkomen. Toch zijn er nog dingen fout gegaan. De OVSE (Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa) heeft een bijzonder kritisch rapport afgeleverd en jullie ook. Wat is er nu juist misgegaan?

Koens We zijn de dag voor de verkiezingen naar het noorden afgereisd, naar het platteland op vijf kilometer van de grens met Dagestan. Toen we op het stembureau aankwamen, zag het er allemaal goed uit. Alles was goed geregeld: er zat een stemcommissie, er waren boxen en briefjes. Maar dan merk je rond een uur of negen dat er plots een peperdure Mercedes komt aanrijden met kandidaten van de YAP (de regeringspartij). Wat zij doen is verderop in de straat een soort carrouselstemmen organiseren. Ze bieden alle stemplichtigen een dollar aan, als zij van hen een stembriefje aannemen waarop de juiste naam al aangekruist is en weer buitenkomen met het blanco stembriefje dat ze hebben gekregen in het stemlokaal. Aangezien de mensen daar zeer arm zijn, betekent een dollar al heel wat geld.

Ik heb die mensen gezien; de eerste keer dat ik het zag kon ik het niet geloven. We gingen van stembureau naar stembureau en op het volgende bureau zagen we exact hetzelfde: ook weer iemand in een maatpak, handjesgevend enzovoort. Het ging zelfs van kwaad naar erger: ik heb bureaus gezien waar de kandidaten, waarop gestemd moest worden, simpelweg naast de boxen stonden. Ze vroegen doodleuk aan de mensen op wie ze gestemd hadden en dan staken ze het briefje zelf in de box. Ook maakten ze sommige mensen wijs dat ze door die speciale inkt – die je net vernoemde – zouden kunnen controleren op wie ze gestemd hadden.

 

Kan je als waarnemer enkel waarnemen?

Koens Dat dachten wij ook in het begin, maar het liep zodanig uit de hand dat we wel moesten ingrijpen. Dus zijn we op die mannen in maatpak toegestapt en hebben we gevraagd wie ze waren, wat ze daar deden, hoelang ze er nog gingen blijven staan, enzovoort. Uiteindelijk worden die mensen zenuwachtig, want ze weten donders goed dat ze iets doen wat niet mag en dan gaan ze weg. Bij het tellen hebben we eigenlijk nog het meeste ingegrepen. Het hoofd van mijn stembureau was bijzonder corrupt, die wou alleen stemmen voor één bepaalde kandidaat tellen en de rest niet. Ze vouwde dus een biljet open, keek, vertelde op wie er gestemd was, schreef het zelf op, vouwde het dicht en stopte het weg. Dat is natuurlijk niet de manier waarop je stemmen telt.

 

De verenigde oppositie Azadliq wordt, ook in het buitenland, wel eens afgeschilderd als een onkundig allegaartje van botsende ego’s. Is er eigenlijk een valabele oppositiekandidaat of een echte democratische beweging in Azerbeidzjan?

Koens Dat is erg grappig, ik heb gemerkt dat de buitenlandse media inderdaad heel hard hameren op de zwakte van de oppositie. Mijn ervaring is alleszins anders. We hebben ons daar de eerste dagen laten informeren door verschillende seminaries bij te wonen.



editoriaal
06/12/2005
🖋: 

Wie gelooft er in geesten? Ik rekende mezelf tot de groep van niet-gelovigen op dat vlak, maar moet mijn mening sinds kort misschien toch herzien.

Op de UA-campussen Middelheim en Groenenborger, het vroegere RUCA en op campus Drie Eiken, de vroegere UIA, vind je al jarenlang condooms in automaten. Het viel ons op dat dit op de Stadscampus, de vroegere UFSIA, totaal niet het geval is.

 

We trokken naar de sociale raad en legden het probleem op tafel. Hier besloot men dat condooms aanbieden op de Stadscampus niet nodig is, wegens het voldoende voorhanden zijn van alternatieve verkooppunten in de buurt. Een zeer goedkoop argument, want zijn er in Wilrijk misschien geen apothekers of supermarkten te bespeuren? Maar het gaat nog verder.

 

Op de Lessiushogeschool werden, nadat ze ontdekt waren, de gratis condooms uit de Studentpacks gehaald. Wie neemt er in godsnaam de beslissing tot zo'n maatregel? Hiertoe de opdracht geven getuigt van een groot gebrek aan realiteitszin. Tracht een grote groep, zoals wij studenten, maar eens te sensibiliseren omtrent de HIV-problematiek. Je houdt het je nauwelijks voor mogelijk wat een belachelijk figuur je slaat door de rubbertjes uit de packs te plukken. Niet één student zal zich geremd voelen de daad te stellen. Alleen zal het her en der wat minder veilig gebeuren. Toch frappant hoe sommige geesten in onze gangen blijven dwalen...

 

Verder in dit nummer interviews met een jong politicus van N-VA en met ex-Unifacvoorzitter Michael Verdonck. Ook een UA-student die de ondemocratische verkiezingen in Azerbeidzjan aan de kaak stelt. Marktkramers doen hun verhaal in het midden en geëngageerde studenten worden gelauwerd.

 

Met de kerstdagen voor de deur kunnen we maar beter met zijn allen gezellig samen onder de wol kruipen, maar...hou het braaf, want onze studentenvertegenwoordigers vinden condoomautomaten blijkbaar overbodig.



Voor u bekeken
05/12/2005
🖋: 

A History of Violence

Ingetogen, dat is het minste dat je van de laatste worp van David Cronenberg kunt zeggen. Zeker als je zijn voorgaand werk kent, waarin het bloed en de gore niet van de poes waren. In 'A History of Violence' speelt Viggo Mortensen Tom Stall, een extreem brave huisvader. Gelukkig getrouwd, twee schatten van kinderen en een rustig kabbelende job als uitbater van een koffieshop. Wat wil een eenvoudig man nog meer? Klinkt niet bepaald als een Cronenberg-film? Je hebt gelijk. Maar wij gingen alvast op het puntje van onze stoel zitten bij de eerste actiescène, waarin Mortensen twee nietsvermoedende overvallers op spectaculaire wijze op andere gedachten brengt. Cronenberg hasn't lost his touch. Tegen wil en dank wordt de stille Tom daarop een Amerikaanse held. Alles lijkt terug peis en vree in Americatown. Tot een drietal gangsters uit de 'grote stad' Tom komen lastigvallen. Onder hen trouwens een onwaarschijnlijk coole Ed Harris, die er nog nooit zo dreigend uitzag. Zij kennen Tom als Joey en ze betichten hem zelfs van een verleden in de georganiseerde misdaad. Is er iets mis met Tom? Heeft de brave huisvader een verborgen verleden? Deze minimalistische setting is genoeg voor Cronenberg om je anderhalf uur lang in dubio te laten verkeren. Het lijkt allemaal zo simpel, deze film – met slechts drie actiescènes – is ontdaan van alle franjes. Maar in zulke eenvoudige films herken je makkelijk de hand van de meester. En laat er geen twijfel over bestaan, Cronenberg is een meester, dat bewijst hij hier nogmaals. Hij wordt natuurlijk geholpen door een sterke cast, met Mortensen voorop. Die zet hier ongeveer de dorpsversie van Aragorn, zijn personage in 'The Lord of the Rings' neer. Enige minpunt is dat het van alle vet ontdane verhaal weinig ruimte overlaat voor de karaktertekening van de andere personages, die dan ook wankelen op de rand van het karikaturale. Geniaal, ondanks de strakke lijn in de film.

SCORE: 75%

 

Match Point

Een wonder is geschied. Woody Allen heeft een film gedraaid die zich niet in New York afspeelt. Wie 's mans carrière een beetje kent, weet dat dat net zo logisch is als Dennis Bergkamp die Icarus-gewijs naar Oekraine vliegt om er met Arsenal brandhout te maken van de plaatselijke tegenstander, of als Tom Cruise die zich openlijk bekeert tot de sadomasochistische dwergenliefde. Allen zat lange tijd zonder geld. Geen enkele Amerikaanse producer wilde hem nog geld geven als hij volledige artistieke controle bleef eisen. Godzijdank voor de neurotische New Yorker kwam de redding uit good old England. Britse geldschieters wilden de grootheid uit de filmgeschiedenis volledig ter wille zijn. Enige voorwaarde: het resultaat moest Brits zijn. Het vergde enige aanpassing van de man die nooit verder filmde dan drie straten van zijn appartement, maar uiteindelijk bleek het een vermomde zegen. Een andere setting betekende voor Allen een nieuwe start, meer ademruimte. Eindelijk kon hij nog eens filmen zonder de clichés die zijn films de laatste jaren kenmerkten. Het verhaal is – zoals zo vaak bij intelligente films – erg eenvoudig. Quod erat demonstrandum. Jonathan Rhys-Meyers (look-a-like van Joaquin Phoenix), speelt een ex-tennisprof die trouwt met een rijk maar saai meisje. Hij begint een affaire met zijn schoonzus, en wordt verscheurd door de keuze voor een rijkeluisleventje en de vrouw van zijn leven. Wie van ons heeft nog niet in deze situatie gezeten? Ook hier laat de regisseur ons twijfelen over de afloop. De ontknoping is dan ook van wereldklasse. We verklappen wel niets, dit moet u zelf gaan ontdekken. Het doet ons plezier u nog eens met volle overtuiging een Woody Allen aan te raden. En het doet natuurlijk ook geen kwaad dat de hemelsmooie Scarlett Johansson de vrouwelijke hoofdrol speelt.

SCORE: 75%



29/11/2005
🖋: 

Een mail van de rector naar alle personeelsleden eindigde onlangs als volgt:

 

"Tot slot nog de volgende belangrijke mededeling. Het Bestuurscollege heeft beslist dat voortaan geen gebruik meer mag worden gemaakt van de afkorting UA en dat, in alle geschreven en gesproken taal, altijd Universiteit Antwerpen voluit moet worden gebruikt. Gelieve daarmee in de toekomst rekening te willen houden."

 

Heerlijk, dat soort ongemotiveerde en dictatoriale bevelen. Straks mag Aula Major (gebouw Q) op de UIA (Campus Drie Eiken, CDE) ook enkel nog aula Fernand Nédée genoemd worden (sterker nog: ondergetekende vond een verslag van de onderwijsraad dd. 12.04.05 waarin exact dit voorstel werd gedaan!). Vaardigt onze Alma Mater dan ook een verbod uit op het gebruik van de afkortingen IAJ (Individueel Aangepast Jaarprogramma), TEW (Toegepaste Economische Wetenschappen), CST (Stadscampus – nota bene zelf in het leven geroepen) en bib (bibliotheek)?

 

Ik moet toegeven dat ik niet de meest onbevooroordeelde beoordelaar van dit soort praktijken ben: de nieuwe namen van de buitencampussen, het verdwijnen van 'den Ufsia', vaarwel aan licentiaten en geen 'thesis' maar een 'eindverhandeling' hebben me nooit lekker gezeten. Maar dit slaat werkelijk alles.

 

Mijnheer de rector, ik vraag u openlijk wat er met UA mis is. Ik werd destijds toch nooit verplicht me aan te melden als student van de 'Universitaire faculteit Sint-Ignatius Antwerpen'? Ik ken overigens ook geen enkele Leuvenaar die de K in KULeuven ooit voluit leest. Tenzij misschien (ook daar) de rector, maar de man is dan ook theoloog.

 

Zelfs de UGent, toch algemeen aanzien als een progressieve, jonge en moderne universiteit, en spiegel van onze UA (ik negeer het bevel vooralsnog) gebruikt de afkorting. Net als de VUB (Vrije Universiteit Brussel), de ULB (Université Libre de Bruxelles), KDG (Karel De Grote Hogeschool), de UCLA (University of California, Los Angeles), of de LSE (London School of Economics). Als UA toeven we in een internationaal gezelschap. Als Universiteit Antwerpen kunnen we slechts op de thee bij Don Bosco en het Xaveriuscollege.

Dat de Associatie Antwerpen (voluit eigenlijk Associatie Universiteit & Hogescholen Antwerpen) liever zonder initialen werkt, dát begrijp ik. Maar wat is er mis met UA?

 

Nu goed. De Universiteit zit met een imagoprobleem natuurlijk. Intern dan vooral. Krampachtig pluralist (geen KUA bijvoorbeeld), met klinkende eredoctores op de thee (Mandela), een frisse (roze!) webstek, en een nieuw logo op komst (ja hoor, met de letters U en A centraal). De UA heeft een belachelijke profileringsdrang. Dat die zich niet uit in stijgende publicatiecijfers, massaal toenemende inschrijvingen en hogere scores op internationaal vlak, is een ander artikel waard.

 

Er is het argument Google natuurlijk. United Airlines, de Universiteiten van Alabama én Arizona, United Artists en the United Association ranken allemaal hoger wanneer je naar UA zoekt. Dat de KUL en de UG (betalend) dat probleem niet hebben? En dan?

Denk aan de gevolgen! Niemand die gauw www.universiteit-antwerpen.be zal intypen. Of behoudt u wel de url? Al eens snel een mailtje gestuurd naar dwars@universiteit-antwerpen.ac.be? En wat met UAMS: telkens weer Universiteit Antwerpen Management School? Of Universiteit Antwerpen MS? Dat is nog eens een imago. En zeg ook maar meteen vaarwel aan het personeelsblad (UAlert), en aan UCSIA (Universitair Centrum Sint-Ignatius Antwerpen).

 

Neen, rector VL, ditmaal stuurt u aardig fout. Maar ik ga een uitdaging met u aan. Maak uw ambitie waar en ban UA van uw campus. Werf een klad UAgenten aan, voorzie uw ganzen op de UIA van dure afluisterapparatuur en beboet elke overtreding. Voer een nultolerantie-beleid! Ik zal me aan uw regels houden! Maar veeg dan eerst de eigen stoep. De UA-site telt zo'n 470.000 keer de letters U en A in combinatie (op de pagina "Over UA" alleen al, zal u dertien keer "Universiteit Antwerpen" kunnen copy/pasten). En pas het logo aan. En uw visitekaartjes. Ik kan niet wachten...



nieuwe studentenwetgeving samen met senator Stefaan Noreilde doorgenomen
28/11/2005

Waar is de tijd gebleven dat een doorsnee student voor slechts vijftig oude Belgische Franken zijn maag kon vullen? Tegenwoordig betaalt men minstens twee euro vijftig voor een smoske kaas, drank niet inbegrepen. De ene beweert dat het de schuld van de euro is, volgens andere is het een normale evolutie van de maatschappij of ligt het aan de inflatie. Uiteindelijk maakt het niet veel uit; het leven is voor iedereen duurder geworden en logischerwijs dus ook voor studenten. Hierdoor gaan steeds meer van onze soortgenoten werken tijdens het academiejaar. Tot nog toe moesten wij voornamelijk zorgen dat we onze 23 dagen in de zomerperiode niet overschreden. Onlangs diende men echter een nieuw wetsvoorstel in dat in de media veel stof deed opwaaien. Daarom besloten we senator Stefaan Noreilde, de verantwoordelijke achter deze zaken, eens te raadplegen.

Zou u de motivatie achter dit wetsvoorstel kunnen toelichten?

Stefaan Noreilde Het komt rechtstreeks voort uit de ervaring die ik tijdens mijn studententijd heb opgedaan. Ik heb toen namelijk zelf allerlei studentenjobjes gedaan. Zo heb ik in de Makro achter de kassa gestaan en heb ik onder andere in een yoghurtfabriek gewerkt. Maar de job die mij het meest is bijgebleven was redder aan zee. Daar heb ik een jaar intensief fysiek voor getraind. Nadat ik geslaagd was voor de proeven kreeg ik een bediendencontract van twee maanden aangeboden. De gemeente eiste dit omdat ze voor een dergelijke belangrijke functie een ervaren persoon nodig hadden. Ik besefte meteen dat dit niet klopte: als student kon ik op die manier niet aan een voordelig RSZ-tarief werken.

 

Heeft u toen al iets concreets ondernomen?

Noreilde Ik heb toen reeds naar de verschillende personen op het terrein geluisterd. Maar het heeft eigenlijk geduurd tot ik in 2003 senator werd, na mijn voorzitterschap van jong VLD Nationaal. Ik heb toen mijn opgedane ideeën omgezet naar een wetsvoorstel, dat ik op achttien februari 2004 heb ingediend.

 

Wat houdt dit wetsvoorstel nu precies in?

Noreilde Eerst en vooral wil ik vermelden dat het nieuwe KB niet mijn oorspronkelijk wetsvoorstel is. Het resultaat is een consensus dat door de verschillende politieke actoren is bereikt. In de vorige wetgeving hadden studenten de mogelijkheid om 23 dagen te werken in de zomerperiode tegen een gunstig RSZ-tarief van tweeënhalf procent. In de nieuwe wetgeving krijgen alle studenten 'een rugzakje van 46 dagen' dat ze over twee periodes mogen gebruiken. Samengevat mogen studenten dus tijdens de zomer 23 dagen werken tegen een RSZ-tarief van tweeënhalf procent en 23 dagen gedurende het academiejaar tegen een iets hoger RSZ-tarief van vijf procent. Er moet echter wel op gewezen worden dat een student die langer dan 46 dagen werkt deze voordelen verliest en onder de wetgeving van de gewone werknemer valt.

 

Wil dit dan zeggen dat de student die meer dan 46 dagen werkt al zijn RSZ-voordelen moet terugbetalen?

Noreilde Ja en sterker nog, ook de werkgever zal zijn RSZ-voordelen moeten terugbetalen. Dit kan al snel gaan over meer dan dertig procent van het brutoloon.

 

Waar komt deze consensus dan vandaan?

Noreilde Eigenlijk heeft Freya Van Den Bossche (toenmalig minister van Werk) mijn wetsvoorstel als het hare gepresenteerd. Dit gebeurt wel vaker in de politiek, men werkt keihard aan een wetsvoorstel en de regering gaat er dan vervolgens mee lopen. Concreet heeft Freya mij gezegd dat ze de nieuwe studentenwetgeving ging uitvoeren via een programmawet. Die hebben altijd voorrang op anderen. Ik volgde haar daarin, ik ben niet zo eergierig dat heel Vlaanderen moet weten dat dit mijn wetsvoorstel was. Het ging mij om de snelheid van uitvoeren, ik kan mij daar zonder problemen bij neerleggen. Trouwens, de goed geïnformeerde student zal hopelijk wel weten dat ik er hard voor gewerkt heb.

 

De media hebben het onderscheid tussen uw wetsvoorstel en de uiteindelijke consensus niet gemaakt.

Noreilde Dit heeft zowel bij de werkgevers als bij de studenten voor veel verwarring gezorgd. Inderdaad, en de verwarring is nog niet opgeklaard. Volgens mij is het KB op dit eigenste moment nog niet gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Het kent bijgevolg in theorie nog geen rechtszekerheid. Hierbij moet ik wel eerlijkheidshalve toevoegen dat er een ‘'gentleman's agreement' bestaat tussen de werkgevers en de RSZ dat er op neerkomt dat de studenten niet gecontroleerd zullen worden voor de periode vanaf de overeengekomen begindatum, één oktober 2005, tot het KB gepubliceerd is. Meer dan waarschijnlijk zal de RSZ zelfs studenten die over hun 23 dagen gaan tijdens de eerste drie maanden met rust laten. Natuurlijk is dit allemaal officieus.

 

Voor wie is dit nieuwe KB dan voordelig?

Noreilde Studenten die zo af en toe iets willen bijverdienen gaan dankzij dit nieuwe KB makkelijker meer kunnen werken en verdienen.

 

En hoe zit het dan met studenten die hun studies zelf moeten bekostigen en met een studiebeurs niet toekomen?

Noreilde Deze studenten zullen waarschijnlijk door het nieuwe KB benadeeld worden. Het zou kunnen dat jongeren die echt veel gaan werken, zowel tijdens het academiejaar als tijdens de zomerperiode, enorme concurrentie gaan krijgen van jobstudenten. Deze studenten zullen namelijk onder het statuut van gewone werknemer vallen en mogen niet meer overschakelen naar het statuut van jobstudent. Eigenlijk wordt er op die manier een groep studenten die het geld echt nodig heeft in de kou gezet.

 

Is het niet vreemd dat juist de SP.A deze minder sociale wetgeving steunt?

Noreilde Ergens wel, maar anderzijds kan ik de SP.A wel begrijpen. Zij stonden onder enorme druk van de vakbonden die rond het thema van de studentenwetgeving asociaal en conservatief hebben gehandeld. Het ging zo ver dat telkens wanneer het wetsvoorstel ter sprake kwam in de media, de vakbonden op hun achterste poten gingen staan. De ABVV-jongeren zijn zelfs meermaals gaan tegenbetogen! Voor hen waren de bereikte 46 dagen eigenlijk al een té revolutionair idee. Het uitgangspunt van de vakbonden was dat werknemers ten alle prijzen beschermd moeten worden. Studenten die van een voordelig RSZ-tarief zouden genieten betekenen voor hen in se al oneerlijke concurrentie voor de gewone werknemers en werklozen.

 

U kan zich in dit KB dus niet echt vinden.

Noreilde Neen, maar het enige dat ik voorlopig kan doen is Peter Vanveldhoven (de huidige minister van Werk, nvdr.) op de fouten blijven wijzen en hem zo proberen te overtuigen. Ik denk zelfs dat dit mogelijk moet zijn, Peter is een redelijk mens. Zeker als hij ziet dat er effectief problemen ontstaan rond werkstudenten, zal ook hij naar een betere oplossing willen zoeken. Van hem verwacht ik niet veel last. Nogmaals: het zijn de vakbonden die moeilijk doen.

 

Bent u nog iets anders van plan?

Noreilde Jazeker, zodra het nieuwe KB is gepubliceerd ga ik mijn oorspronkelijk wetsvoorstel in een aangepaste versie opnieuw indienen. Ik denk trouwens dat dit KB na één à twee jaar herbekeken zal worden. Men zal hopelijk tegen dan inzien dat de studentenwetgeving meer transparantie en duidelijkheid behoeft. In ieder geval mag u van mij verwachten dat ik het zal blijven opvolgen.



De leeuwenkuil
27/11/2005
🖋: 

In de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen van 2006 legt dwars jonge politici op de rooster. Wij gaan op zoek naar hun drijfveren en ambities, we willen weten wat hen voor de politiek en voor hun partij doet kiezen. Wat betekent het vandaag om jong te zijn in de politiek? Wereldverbeteraars en machtswellustelingen, ambitie en ijdele hoop, wij leggen het bloot. Deze maand spreken we met de geschiedenisstudent Michel Cardon (20) van de N-VA over het Vlaams nationalisme en de bestaansmogelijkheden van een kleine partij.

Wat doe je precies binnen de N-VA?

Michel Cardon Ik zit in het lokaal bestuur van Wilrijk, van arrondissementeel Antwerpen en van jong-N-VA Stad Antwerpen. We zijn nog maar pas opgestart dus het is roeien met de riemen die we hebben. Concreet moet ik vaak naar vergaderingen en hou ik me bezig met publiciteit: ik werk mee aan campagnes en we doen allerlei acties. Ik ben ook kandidaat om op de districtslijst van Wilrijk te komen. Ik zou erg blij zijn moest dat doorgaan maar we hebben daar natuurlijk een kartel en dus is er weinig plaats... Waarom ben je aan politiek gaan doen, wat spreekt je er in aan? Ik was al zeer vroeg geïnteresseerd in politiek, al werd er bij mij thuis eigenlijk niet zo veel belang aan gehecht. Het is dus echt vanuit mezelf gekomen, uit eigen beweging. Politiek is wel een soort dwang, het houdt me constant bezig. Ik ben er altijd al van overtuigd geweest dat goed bestuur belangrijk is. Daarenboven ben ik Vlaams nationalist, ik geloof in een onafhankelijk Vlaanderen. Dat is mijn hoofddoel, de reden waarom ik in de politiek ben gestapt.

 

Je ziet Vlaanderen het liefst onafhankelijk. Zou het dan zoveel beter met ons land gaan zonder Wallonië?

Cardon Als ik de huidige structuren in ons land bekijk, ben ik ervan overtuigd dat we beter zouden kunnen besturen met een scheiding van de twee landsgedeelten. Nu moeten er federaal altijd compromissen gemaakt worden en die zijn meestal voor geen van beide landsdelen goed. Maar ook economisch gezien zouden we er erg op vooruit gaan zonder de Walen. We zitten eigenlijk met twee economieën in één land en de Waalse economie heeft gewoonweg andere noden dan de onze. Zij vragen eigenlijk ook om een soort reddingsoperatie en ik geloof niet dat de huidige geldtransfers vanuit Vlaanderen de goede manier zijn. Ze sussen de Waalse economie, laten haar inslapen in plaats van haar in actie te doen schieten. Er zullen zeker banden blijven bestaan tussen Vlaanderen en Wallonië en ik ben – voor alle duidelijkheid – wel voor solidariteit, ik denk zelfs dat dat heel belangrijk is. Maar, het moet transparant zijn en het moet binnen de perken blijven. De miljardenstroom die er nu is, is niet in verhouding met de povere resultaten

 

Er moeten toch andere oplossingen zijn?

Cardon Het zijn onze buitenlandse vrienden en ze moeten zeker geholpen worden maar op een andere manier. Je wil solidair zijn met Wallonië als buurland in die zin dat je hen – weliswaar op een transparante wijze – geld wil blijven geven. Toch gaat er ook geen geld van Vlaanderen naar onze andere buurlanden om hun economie beter te doen draaien. Die hebben dat ook niet nodig, Wallonië is een economisch achtergesteld gebied geworden.

 

En ben je niet bang dat Vlaanderen geen noemenswaardige macht meer zou hebben omdat we in ons eentje wel erg klein zijn?

Cardon Kleinheid is relatief, zo klein zijn we ook niet, we zouden tegenover andere landen in de EU een gemiddelde grootte hebben.

 

Spreekt het Vlaams nationalisme als thema nog genoeg mensen aan? Denk je dat de droom van een onafhankelijk Vlaanderen nog leeft onder de mensen?

Cardon Echt leven doet dat natuurlijk niet, net zomin als de ‘Belgische droom' ooit geleefd heeft trouwens. Dat heeft twee redenen. Ten eerste komen we heel weinig aan bod in de media. De mensen zijn te weinig vertrouwd met onze standpunten. Via minister Geert Bourgeois krijgen we nog wel wat aandacht maar in vergelijking met een partij als Groen! – die zelfs minder stemmen haalt dan wij – staan we bitter weinig in de kijker. De evenredigheid is totaal zoek, volgens mij zijn de media te links. Ten tweede heeft dat ook met onze huidige maatschappij te maken, we leven in een kapitalistisch model, dit is een ego-maatschappij: individualistisch en materialistisch. Iedereen denkt in eerste instantie aan zijn eigen voordeel. Men wil niet meer naar het grotere geheel kijken. Je moet wel weten dat andere partijen het daar ook moeilijk mee hebben. Het is niet meer eenvoudig om mensen voor je standpunt te winnen. Mensen engageren zich niet gemakkelijk.

 

Je vindt de media te links maar als je het hebt over ons kapitalistisch model, klink je zelf erg links. Waarom heb je na de splitsing van de VU eigenlijk niet voor Spirit gekozen?

Cardon Ik ben niet echt rechts, dat klopt. Ik zie mezelf als iemand van het centrum. Dat moet ook in een eerder rechtse partij zoals de N-VA mogelijk zijn. Met Spirit heb ik helemaal niks. Die partij draait ook maar rond één man. Wij hebben naast minister Bourgeois ook nog mensen als Bart De Wever, Frieda Brepoels en Mark Demesmaeker. Spirit is trouwens louter het aanhangsel van de SP.A!

 

Spirit wordt volgens jou opgeslokt door de SP.A maar jullie vormen zelf een kartel met de CD&V. Is de kans niet groot dat jullie op termijn ook zullen opgaan in een grotere partij?

Cardon Het kartel met de CD&V gaat heel goed. Onze basis blijft nationalistisch terwijl de christendemocraten federalistisch zijn. Die onverenigbaarheid behoedt ons mijns inziens voor 'opslorping'. Het Vlaams Belang neemt natuurlijk wel een aantal van onze doelstellingen over maar samenwerking met hen behoort niet tot de mogelijkheden. Bovendien zijn er nog genoeg Vlaams nationalisten die nooit voor hen zouden willen stemmen. De N-VA heeft ook een ander nationalisme. Het VB wil uitsluiten en dat zullen wij nooit doen. Wij willen een inclusief nationalisme. Ik heb geen zin om ‘eigen volk eerst' te beginnen roepen, dat vind ik echt een walgelijke slogan.

 

Wat vind je zelf van jullie kartel?

Cardon Je moet pragmatisch zijn, het kartel heeft onze partij uiteindelijk wel gered en heeft ook een positieve invloed gehad. In 2007 zullen we dan wel zien of we bij CD&V nog genoeg ruimte krijgen, of we samen met hen genoeg kunnen verwezenlijken. Als ze in hun oude gewoontes van het belgicisme vervallen, zal er duidelijk een breuk komen maar momenteel ben ik heel tevreden over de samenwerking. Ze hebben ons nog altijd niet ‘verraden' maar we zouden ook zeker alleen verder kunnen. Een kartel met een andere partij is niet per se nodig, al zeg ik natuurlijk nooit ‘nooit'.

 

Je ziet de toekomst van een kleine partij als de N-VA dus rooskleurig in.

Cardon Inderdaad, de peilingen zijn alvast veelbelovend, we krijgen zes à acht procent van de stemmen als we afzonderlijk worden gemeten. Dat ziet er dus goed uit. Op die manier zullen we zeker onze stempel kunnen drukken op het regeringswerk. En wat de gemeenteraadsverkiezingen betreft: ons bekendste thema mag dan wel nationaal zijn, ook op lokaal vlak hebben we heel wat te bieden. We hebben zeker een visie, we zijn geen oppositiepartijtje dat steeds staat te roepen maar weinig doet. Elke gemeente zal zijn eigen programma uitwerken, we zijn echt veel meer dan dat ene standpunt.

 

Noem eens wat concrete punten, wat moet er bijvoorbeeld beter in Antwerpen?

Cardon Onze stad heb ik altijd redelijk vuil gevonden en een opkuisoperatie is dan ook nodig. Straten én gevels zijn aan een opknapbeurt toe. Er is ook een mentaliteitswijziging nodig, de stad kan niet alles alleen doen. Je kan niet zomaar je vuil op straat gooien, daar moeten echt zware geldstraffen op komen. In Wilrijk zit ik in de jeugdraad en daar probeer ik mijn stempel op het jongerenbeleid te drukken. Zo zijn er veel te weinig fuifruimtes, ik wil maatregelen treffen in het voordeel van de jongeren.

 

Tot slot, waar zie jij jezelf over tien jaar?

Cardon Hopelijk ben ik dan nog altijd actief in de N-VA, militerend. Als het kan wil ik er wel fulltime mee bezig zijn maar ik ga me daar niet blind op staren. Ik zou graag leerkracht geschiedenis worden want dat vind ik ook heel belangrijk.



26/11/2005

Erasmus in Athene... U vraagt zich waarschijnlijk spontaan af waarom iemand een half jaar in deze stad zou willen studeren? Misschien is dit inderdaad niet meteen de meest voor de hand liggende bestemming, maar daarom zeker niet minder de moeite waard. Wie aan Athene denkt, kan zich zonder problemen de Akropolis inbeelden, maar er valt zoveel meer te beleven dan enkel dit unieke stukje geschiedenis...

Athene is nu wel niet bepaald de properste stad van de wereld, maar daar lig ik persoonlijk dan ook niet echt wakker van. Zolang de ‘Witte Tornado's' op 3000 km hiervandaan onze stad aan de Schelde maar leefbaar houden hou ik het hier nog wel even uit...

Taxi's – die net zoals in NY geel zijn – zijn hier enorm goed vertegenwoordigd. En in vergelijking met in België zijn ze ook spotgoedkoop. Voor €5 geraak je tot aan de andere kant van de stad. Wat niet zo goedkoop is, en eigenlijk vrij cruciaal, is het drinken in de cafés en bars. Ze draaien er hun hand niet voor om voor een pint – Heineken dan nog wel – €5 te vragen. Uw keelgat bevochtigen met Ouzo is gelukkig een goedkoper alternatief. Je kan natuurlijk ook altijd een bezoekje brengen aan één van de talrijke kiosken waarmee de hele stad bezaaid is voor je dosis alcohol.

Een wandeling maken over de Ermou, de Atheense Meir, is ook altijd wel de moeite. Persoonlijk onderzoek heeft uitgewezen dat 3 op 5 Griekse vrouwen echt wel een streling zijn voor het oog, en de overige twee vallen nog wel best mee... Voorzichtigheid is evenwel gepast, een deel van de Griekse vrouwen kiest er namelijk voor de snor te laten staan. Ze vormen een minderheid, maar ze bestaan...

Straathonden, straathonden en nog eens straathonden,... ze zouden hun eigen rechten en plichten moeten krijgen. Ik ben niet de enige die reeds van zeer dichtbij met deze diersoort heeft mogen kennismaken. Af en toe vindt zo'n viervoeter het nodig om de held uit te hangen en in je been te komen bijten... Naar verluidt hebben ze voor de Olympische Spelen geprobeerd alle honden af te maken, maar klaarblijkelijk niet op zo'n effectieve manier, want binnenkort zal de hondenpopulatie hier definitief de bovenhand nemen.

Wat betreft verkeersveiligheid is het hier echt een ramp. Ik zou de Grieken aanraden om de avonturen van onze goede vriend Flor Koninckx in ‘Kijk-uit!' eens in het Grieks te ondertitelen en hier uit te zenden. De meeste Grieken lijden aan acute aanvallen van daltonisme bij het naderen van een stoplicht. Ook de witte lijnen zijn hier enkel voor de show. Een helm? Dat is voor bouwvakkers, je zet er zeker geen op als je tegen 100 km/u. aan 't slalommen bent tussen het verkeer...

We kunnen hier elke dag gratis (u leest het goed) in het restaurant van de universiteit gaan eten. De eerste dagen vond iedereen het eten lekker, maar dat gaat snel over als je elke dag zowat hetzelfde voorgeschoteld krijgt. De Moussaka smaakt identiek hetzelfde als de lasagne, en ze hebben hier ook de rare gewoonte om in tal van gerechten kaneel te gebruiken, niet echt mijn ding. Ook worden veel dingen ‘s anderendaags mixergewijs omgezet in iets anders. Maar we mogen niet klagen, want het is gratis...

Zelfs in het zuiderse Athene doet de winter stilaan zijn intrede. De zomerse uitstappen naar Mykonos en het schiereiland Peloponnesos lijken ondertussen al tot een ver verleden te behoren... Maar niet getreurd, mijn Erasmusavontuur is nog niet eens halfweg! Binnenkort kunnen we de Sirtaki dansen rond de kerstboom en ook Nieuwjaar vieren op z'n Grieks. In tussentijd drink ik alvast een Ouzo op jullie gezondheid!



Ten kote van
26/11/2005
🖋: 
Auteur

Achter een imposante, oude deur nabij het eilandje gaan vijf gloednieuwe studio's schuil. Op het gelijkvloers treffen we Liesbet en Geert aan. Het koppel filosofiestudenten was na twee jaar wat uitgekeken op de studentikoze stadscampus en laat zich nu bekoren door de charmes van de haven. Met twee kunnen ze zich meer luxe veroorloven dan in hun eentje en het valt dan ook meteen op dat de keuken en de badkamer tiptop in orde zijn. Geert moet echter toegeven dat hij het authentieke kotleven met gezamenlijke sanitaire voorzieningen soms ook wat mist. Aan hun kleine tafeltje praten ze honderduit terwijl ze ons gewillig laten rondneuzen. Opmerkelijk zijn het grote bed met twee enkele donsdekens en het raam dat uitzicht biedt op een kleine, kale koer. De meubeltjes passen goed bij de gekleurde muren die her en der versierd zijn met foto's en kaarten en het geheel straalt een frisse vrolijkheid uit. Liesbet zegt lachend dat de IKEA-spullen ondertussen al zoveel in- en uit elkaar gehaald zijn dat ze wankel zijn geworden en dus niet al te veel gewicht meer kunnen torsen. Geen van beiden houdt erg van uitgebreid koken en hun boodschappen doen ze het liefst in de Aldi. Geert poetst en wast meestal af daar Liesbet de 'lastige mat' steevast stofzuigt én ze officieel benoemd werd tot klusjesvrouw van dienst. Van opruimen heeft deze jongedame naar eigen zeggen echter geen kaas gegeten. Als we vragen of er ook nog nadelen zijn aan hun woonst kijken ze elkaar met blozende wangen aan. Geert vertelt ons namelijk monkelend dat ze alles – maar dan ook alles – kunnen horen van wat de bovenburen doen...



Erasmus binnen de BaMa-structuur
26/11/2005

Met bier en dwars op café waan je je misschien even in hogere sferen. Maar ook ander studentikoos vertier staat te popelen om je hemels ver te brengen; naar oorden waar studeren gepaard gaat met exotisch geurende cursusbladen, bruingebakken Jean Pierres en vreemde klanken. Erasmus: een begrip dat naast fantasieën helaas ook bergen vragen doet rijzen. Kan het uitwisselingsprogramma een plekje veroveren binnen de kersverse BaMa-structuur? En zo ja; waar, wanneer en hoe? We vroegen het aan Patricia De Clopper van de dienst Internationale Samenwerking.

Diepe zuchten zullen door de aula’s van 2e Bachelors waaien want ook zij mogen hunkeren naar een veelbelovend Erasmusavontuur. Tijd om dromerig te lanterfanten heb je echter niet, wil je volgend jaar in het tweede semester je koffers pakken. Deze periode is ideaal omdat er dan minder lessen geprogrammeerd zijn om tijd in te ruimen voor je scriptie. Naast het uitzweten van examenstress op de skilatten, beslis je begin februari best even in welke drie universiteitssteden je bij voorkeur wil neerstrijken, want de eerste week van het tweede semester vinden er infosessies plaats. Daarna heb je amper zes weken om een gepast studiepakket samen te stellen, het spaarboekje van je ouders aan te snijden en je lief te voorzien van menig bolletjeszakdoek. Voor bestemmingen binnen Europa moet je je aanvraag vóór 17 maart indienen. Zij die het sprankelende oceaanwater eens van de andere kant willen zien, hebben nog minder tijd. Eind februari wordt van hen een lijvig dossier verwacht, anders vallen hun grenzeloze plannen in desbetreffend water.

 

Voor puzzelliefhebbers houdt Erasmus het heerlijk botvieren van hun passie in, want vaak is het een hele klus om uit te pluizen naar welke universiteit je precies kan. Bij nader onderzoek stoot ons kritisch oog op een enorm verschil in de waaier van aanbiedingen per faculteit. TEW’ers en juristen in spe krijgen de meest zinnenprikkelende plekken voorgeschoteld. Doen bestemmingen als Mexico, Zuid-Afrika, Thailand en Uruguay je ook zo reikhalzen? Op jaloerse thuisblijvers kunnen studenten Biomedische Wetenschappen níet rekenen: het aanbod blijft beperkt tot Zwitserland en Nederland. Verleidelijk, toch?

 

Maar niet getreurd. Het Utrecht Netwerk bijvoorbeeld, waarvan de UA een stichtend lid is, biedt jaarlijks duizend studenten bestemmingen aan die de eigen faculteit niet voorstelt. Je zal wel een felle strijd moeten voeren met je Europese collega’s/concurrenten om je favoriete stekje te bemachtigen. Wie surfers Down Under wil bewonderen of imiteren komt via deze samenwerking zeker aan zijn of haar trekken. Als enige voorziet dit samenwerkingsverband immers tripjes naar Australië. Aantrekkelijk is ook de bilaterale samenwerking met universiteiten uit Québec: dankzij dit project kan je je onderdompelen in een Frans en Engels talenbad.

 

Doen bestemmingen als Mexico, Zuid-Afrika, Thailand en Uruguay jou ook zo reikhalzen?

 

Bang dat ontbrekende onderscheidingen of magere financiën deze droom aan flarden scheuren? Geen paniek. Ook geïndividualiseerde trajectgangers krijgen de kans om onze geliefde stad even vaarwel te zeggen, al zal het samenstellen van hun vakkenpakket een ietsiepietsie meer inspanningen vergen. Het antwoord op de hamvraag – wat zal dit me kosten – blijkt wel wat rooskleuriger dan verwacht. Concrete bedragen? Er zijn verschillende maandbedragen. Alle Erasmusstudenten krijgen een forfaitaire installatievergoeding. Beursstudenten kunnen maandelijks nog eens rekenen op 200 euro. Of je op kot zit aan de Ossemarkt of in hartje Salamanca, je ouders’ portefeuille zal er niets van merken.

 

Het Erasmusproject, dat bijna twintig jaar bestaat, vierde vorig jaar zijn één miljoenste deelnemer. Tegen 2015 wil men de kaap van drie miljoen uitwisselingsstudenten halen. De BaMa-structuur staat tenslotte voor harmonisering van het hoger onderwijs in Europa en daarbuiten, internationalisering speelt daarin een vitale rol. Erasmus past dus perfect in dit plaatje.

 

Nog vragen of toch niet helemaal overtuigd? In jouw faculteit kan je folders van de dienst Internationale Samenwerking raadplegen tijdens je speurtocht naar meer info. Elke faculteit heeft bovendien minstens één internationaliseringsdeskundige die je wegwijs kan maken en ESN (Erasmus-studentnetwork) is hét forum om uit eerste mond buitenlandse ervaringen te horen. Houd vanaf december zeker ook de valven in het oog.

 

www.ua.ac.be/international