een synagoge in Antwerpen
14/03/2006
🖋: 

Je zou er zó voorbij lopen, je netvlies klevend aan het fonkelende uitstalraam van een juwelier. En toch word je geruisloos naar deze plek gezogen: door lange lokken en zwarte hoeden, een koosjere maaltijd, kokertjes met een Thoravers, her en der aan winkelwanden. De Portugese synagoge in de Hoveniersstraat, hartje diamantwijk, staat bescheiden te lonken. Onder de vleugels van een gids trippel ik nieuwsgierig door de oude deur naar binnen. Een golf geroezemoes tuimelt de gebedsplaats in. En dan is alles stil.

Even slaan mijn wimpers vinnig op en neer, een tikje verrast door het licht en de intieme sfeer. En een oogopslag later door de stoelen, elk voorzien van een eigen naam. Hier komen joden bidden, in goudomrande boeken studeren, nieuwtjes uitwisselen. Nu zijn alle plaatsen echter leeg. Alleen ik nestel me in een serene rust en kijk naar de centrale tafel op het verhoogje – Biema genaamd – waar ‘s ochtends zeven sprekers en de rabbijn voorlezen uit de Thora. Aan de oostkant, in de richting van Jeruzalem, bevindt zich een kast met Thorarollen. Het licht, de tribune en de Heilige Kast zijn de basiseigenschappen van elke synagoge. In 1871 werd in Aarlen de eerste Belgische synagoge opgetrokken. Antwerpen telt er vier en heeft bovendien nog een twintigtal gebedshuizen, enkel toegankelijk voor een klein kransje joodse gelovigen. De ruim 15 000 Antwerpse joden zijn allemaal orthodox, al dan niet praktiserend. In Brussel wonen ook liberale joden, met sinds kort een vrouwelijke rabbijn.

 

Maar in deze synagoge viert de mannenwereld hoogtij. Op het balkon staat een dunne sliert stoelen waar, in gouden plaatjes, vrouwennamen prijken. Vijftig zitjes, niet meer. Door hun vele huishoudelijke taken worden vrouwen vrijgesteld van de orthodoxe dienst. Vanaf het huwelijk bedekt een joodse vrouw het haar, behalve voor haar man als teken van intimiteit. Ook mannen zetten in de synagoge een hoofddeksel op. Tijdens de Middeleeuwen droegen alle joden verplicht een hoed, die diende als herkenningsmiddel. Nu staan keppeltjes symbool voor nederigheid tegenover God. In de synagoge vormen ze een kleurig deken van samenhorige zielen. Hoe zwarter het keppeltje, hoe praktiserender zijn eigenaar. Ultra-orthodoxe joden dragen ook buiten de dienst een hoed. Het zijn díe gelovigen met hun zwarte gewaden, sierlijke pijpenkrullen, van wie stiekem wordt gezegd dat ze veel geld hebben. Al is dit laatste weer een staaltje van antisemitisch gedachtegoed.

 

In de synagoge vormen keppeltjes een kleurig deken van samenhorige zielen.

 

Beetje bij beetje krijgt alles vorm. Joden stromen, in dichte drommen, verbeelding en synagoge binnen. Ik zie hoe een mozaïek van keppels zich naar het Eeuwige Licht in de Godslamp draait, hoe de vier hoekkwasten van gebedsmantels zachtjes heen en weer wiegen. Deze franjes herinneren de gelovige aan de 613 wetten in de Thora. De witte gebedsmantel met zijn hemelsblauwe strepen wordt, na het overlijden van een jood, begraven in de lijkwade. Men wikkelt de dode in de mantel en snijdt de hoekkwasten door, want eenmaal overleden gelden de gedragsregels niet meer. Nog steeds in gedachten verzonken, hoor ik hoe de rabbijn een perkamenten rol openvouwt en van rechts naar links begint te lezen. Zijn wijze kijkers dwalen over een tekst met kleine wervelende letters, met scandeeraccenten, zonder klinkers. Op basis van de medeklinkers en de context vindt hij het juiste woord. Voor kinderen is het dan ook een hele opgave om zo'n tekst te begrijpen. In sommige ultra-orthodoxe gezinnen leert een peuter van drie al lezen, maar meestal gebeurt dat pas rond vijf jaar.

 

Net nu ik me hier helemaal thuis begin te voelen, stokt het verhaal van mijn gids. Een ondergaande zon kleurt de vensters in het dak een beetje donkerder. Nog even en dan komen de eerste gelovigen voor de dienst. Buiten zie ik plots de gedenkplaat. “Op 20 februari 1981 ontplofte hier een bomauto.” Drie doden, twintig gewonden, hele gebouwen ingestort. Een kille werkelijkheid suist langs me heen, vol scherpe vooroordelen, mensen die denken dat joden vreemdelingen zijn, die staat en geloof vermengen, die niet weten hoe innig de joodse gemeenschap verbonden is met de geschiedenis van Antwerpen. Sinds de twaalfde eeuw al bepalen joden het straatbeeld en verrijken ze onze stad met hun kennis en wijsheid. Ze hebben andere feestdagen, andere geloofsboeken, ander eten. Voor het overige echter voelt een jood zich Antwerpenaar en “wereldburger”. Net als wij allemaal.



Voor u beluisterd
14/03/2006
🖋: 

Midden jaren negentig slaagde een extravagant trio erin om een nieuwe muzikale formule op gang te trekken. De combinatie van alternatieve rock en industrial die Placebo in een poppy mengeling goot, bezorgde hen vanaf 1997 wereldwijd succes. Hun laatste twee albums Black Market Music en Sleeping with Ghosts waren controversi

Placebo - Meds

Welnu, de vlam brandt nog steeds even trots. De noisy titeltrack opent het album zeer aanstekelijk en deze lijn wordt verder doorgetrokken met het synthgetinte Infra-red. De knapste goals die worden gescoord zijn een dissonant maar verdacht groovy Post Blue, het bloedmooie Blind, een hallucinant Follow the Cops Back Home (“...and rob their houses”: lekker, toch?) en het kriebelende One of a Kind. Het album is wel voor geen zier verrassend: enkel het experimentele Space Monkey (industrial-percussie, feedback-gitaren én een strijkersintermezzo, alstublieft) en de angstaanjagende ballad In the Cold Light of Morning klinken nieuw; het duet met REM's Michael Stipe Broken Promise is echter een relatieve flater. De ritmesectie staat echter als een huis, Brian Molko zong nooit beter, de productie is ijzersterk en single Song to Say Goodbye blijkt nu al één van hun beste nummers. Placebo blaast wederom een frisse bries door de moderne rockwereld.

 

David Gilmour - On an Island

David Gilmour behoeft geen introductie (indien toch: wees beschaamd!), dus is het niet minder dan goed nieuws dat de man 22 jaar na zijn laatste solo-album About Face en twaalf jaar na Pink Floyd's laatste studiowerk The Division Bell op zijn zestigste verjaardag een nieuwe parel aflevert. Vanaf het ogenblik dat het zo herkenbare Fender Strat-geluid in de sferische intro Castellorizon hoorbaar wordt, weet een mens direct dat de man met de gouden vingers en de fluwelen stem in de buurt is. Ongeveer alle nummers op On an Island combineren bluesy pop met psychedelische, uitgesponnen solosecties en de nodige geluidseffecten. In het akoestische The Blue passeert een melodie die bijna uit een Beatles-nummer weggelopen lijkt en de mysterieuze achtergrondzang in de loungy rocker Take a Breath doen denken aan de gospelinvloeden van het late Queen. Hoogtepunten zijn de trage shuffle This Heaven, waarin orgelkleuren en funky gitaartjes de show stelen, en het jazzy Smile, een organisch geheel met brushes over zuchtende strijkers. Gilmour neemt zelfs de sax voor zijn rekening op de dromerige instrumental Red Sky at Night en ook Floyd-toetsenist Rick Wright fleurt het geheel op met zijn klankenoceaan. De knipoogjes naar Pink Floyd zijn eveneens present, maar Gilmour doet heel wat meer dan zichzelf herhalen: bescheiden en sierlijk waardig ouder worden verdient in elk geval respect. Aanschaffen. Nu.

 

Sepultura - Dante XXI

Begin jaren negentig bereikten deze thrash-iconen hun grootste succes toen ze traditionele Braziliaanse volksmuziek in hun songs gebruikten. Jammer genoeg stapte boegbeeld Max Cavalera toen op om met Soulfly de wereld te gaan veroveren, maar het resterende trio deed alsof er niets aan de hand was en nam Derrick Green aan als nieuwe zanger. Bijna tien jaar en drie albums later levert Sepultura een conceptplaat af die gebaseerd is op Dante Alighieri's Divina Commedia: het kan alleszins minder ambitieus. Toch slagen de metalen heren er nog redelijk goed in om te overtuigen: Derrick Green heeft een strot (want dat is het wel) die hem niet misstaat en Andreas Kisser's gitaarstijl blijft herkenbaar. Het Inferno-gedeelte begint met een didgeridoo-intro, maar voor de rest is het metal pur sang: prominente hardcore-invloeden en snelle gitaarsolo's maken van singel Convicted in Life een stormram van formaat en het sitar- en percussiegebruik in City of Dis doet zelfs aan hun ouder werk denken. In het Purgatoria-stuk komt een orkest de groep versterken, wat voor de beste passages zorgt: Ostia bevat dreigende blazers, Repeating the Horror stoeit met progressieve ritmes én een onderbouwde drumpassage, en het instrumentale Still Flame vertegenwoordigt Paradisio met een koor en pizzicato strijkers. De energie van weleer blijft echter uit; zelfs een uitgebreid instrumentarium maakt van een middenvelder geen aanvaller.



SMS
13/03/2006
🖋: 

Donkere maanden met veel te weinig zonlicht zorgen ervoor dat de mensen nu al verlangend uitkijken naar de zomer. Desondanks zijn er meer dan genoeg lachwekkende of grappige feiten te vermelden waar de mensheid zich door kan laten verstrooien. Even goed bedoeld, doch minder afval en dronken tieners achterlatend dan het carnaval van Aalst: hier is uw maandelijkse SMS!

Fans en spotters die al jarenlang op zoek zijn naar het befaamde monster van Loch Ness zijn er aan voor de moeite. Volgens een Schots onderzoek was Nessie gewoon een circusolifant die zich in het water aan het wassen was.

 

Uit het onderzoek van Neil Clark, een Schotse paleontoloog, bleek dat er op het moment van de eerste verschijningen van Nessie een circusgezelschap aan het meer verbleef. Als olifanten in het water aan het baden zijn, komen volgens Clark alleen hun slurf, hun kop en hun rug boven water. “Als er zich dan meerdere olifanten tegelijkertijd in het meer bevinden, kan dat misschien wel zo een afgrijselijk beeld zijn geweest dat de bevolking van Ness alleen maar aan een monster kon denken”, zei Clark terwijl hij z'n zevende whisky van die morgen soldaat maakte.

 

Jaarlijks moeten in Nederland 120 mensen naar de spoedafdeling, omdat zij gewond zijn geraakt bij het spelen van darts. Een woordvoerder van de Stichting Consument en Veiligheid heeft dat gezegd naar aanleiding van een bericht in De Telegraaf. Veel voorkomende blessures zijn verwondingen aan arm, pols of vinger(s). Specialisten kunnen zich dan weer beroepen op martelaarswonden ten gevolge van een niet stevig genoeg tegen de wand bevestigd dartsbord. Tenslotte waren er ook nog maar liefst twaalf mensen die een pijltje in hun oog hadden gekregen. Misschien kunnen ze de term Bull's eye voor hen beter vervangen door Fool's eye.

 

En dan nu tijd voor een Rik Daems-moment. Wie zijn of haar partner bedriegt, leeft met de vrees dat de affaire uitkomt. Zeker nu er steeds meer technologieën bestaan om andere mensen te bespioneren. Voor die overspeligen heeft de Britse krant The Sunday Telegraph nu goed nieuws: wie gemoedsrust wil, kan een waterdicht alibi kopen. De firma Fake Alibi biedt ieder die dat wenst, en kan betalen, alles aan wat nodig is om een afwezigheid ten gevolge van een liaison te kunnen verdoezelen. Onder het mom van een conferentie, een seminarie of een opleidingscursus ontvangt de klant thuis professioneel uitziende uitnodigingen die de partner op een dwaalspoor moeten brengen. Om het geheel af te maken, wordt er op deze folders een telefoonnummer vermeld dat, als het door een argwanende partner wordt opgebeld, beantwoord wordt door een medewerker van Fake Alibi die zich dan uitgeeft voor hotelbediende of organisator van de niet-bestaande gebeurtenis.

 

Kroatië heeft de tweede editie van de 'Champions Clerum' gewonnen, het voetbalkampioenschap voor landenploegen van priesters. Polen en Bosnië eindigden respectievelijk tweede en derde. In totaal namen twaalf nationale teams deel aan het kampioenschap in Zagreb. Het Belgische elftal moest forfait geven omwille van de te hoge gemiddelde leeftijd van hun ploeg, terwijl de Oostenrijkers aanvankelijk klaagden over het feit dat hun tegenstanders niet jong genoeg waren.



Ten kote van
22/02/2006
🖋: 

Op twee stappen van de Ossenmarkt treffen we Barbara aan die begin dit jaar op zoek ging naar een ruime studio. De prettig gestoorde studente communicatiewetenschappen liet zich onmiddellijk bekoren door de hoge houten balken die haar stulpje sieren. Bij het binnenkomen valt meteen de kraaknette badkamer op. Angstaanjagend is de steile trap waar je op en af moet om haar zolderstudio te bereken. Best grappig ook dat iedereen die ‘poepgewijs' trede per trede afgaat...

 

Gewaagd maar zeker geslaagd is de grote kleerkast die haar studio in slaap- en woonkamer omtovert. Als we de ervaring van het kotleven aankaarten is Babs laaiend enthousiast over het zelf kokkerellen. Ook de filmavondjes met vriendinnen die ze dan weglepelen met een overvloed aan Ben en Jerry's ijs, zijn om van te smullen. Het knus ingerichte kot, zo zegt Babs, is een constante bezigheid. Haar studio beziet ze als een wit doek en het een ander kleurtje geven (inclusief verschillende overtrekken voor de nu knalrode zetel) is haar hobby. Verandering is helemaal haar ding glundert ze. Een van de key-elementen van die inrichtingsmanie zijn haar plantjes, waar deze excentrieke studente veel belang aan hecht. Ze laat ons zelfs geloven dat haar varen binnenkort kindjes krijgt!



editoriaal
22/02/2006
🖋: 

“Hebt gij uwen uitslag al gehad?” Deze vraag kwelde velen onder ons de laatste tijd. Want uiteindelijk is dit de reden waarom de meerderheid van ons verenigd is op de universiteit. Om een diploma te halen. En kom nu niet zeggen dat de helft van de studenten hier enkel vertoeft om een jaar goed te feesten.

We hebben het geluk dat we kunnen studeren in deze omgeving. En de meeste studenten beseffen dat maar al te goed. Ze zetten zich zo goed en zo kwaad als ze kunnen in voor hun studies, en zetten vaak de eerste stappen naar zelfstandigheid door te proeven van het leven op kot.

 

Een niet te miskennen hoeveelheid studenten zet zich daarenboven buiten de lesuren in om het verenigingsleven in en rond de alma mater te laten draaien. Activiteiten genoeg, voor ieder wat wils, keuze te over. Van debat over lezing tot filmavond, cantus of TD.

 

Want ondanks het feit dat we allen minstens 4 jaar lang onze broek slijten op de banken, met als gezamenlijk doel dat begeerde vel papier, zijn wij studenten een heterogene groep jongeren, met ieder eigen gedachten en verlangens. En laat het nu zo zijn dat er velen onder ons zich eens goed laten gaan, en al eens een pint teveel drinken. Maakt dat ons studenten ineens tot een massa van bierhijsende muziekkapellen? Ik denk het niet. Toch heerst deze gedachte nog bij enkelen, die niet verder kijken dan hun jarenlang geprefabriceerde mening. Het is makkelijk om een divers kleurenpalet van mensen het zwijgen op te leggen. Kap er gewoon genoeg zwarte verf over, en na een tijd zal ook het laatste kleurpigment zich moeten gewonnen geven aan de donkere stroom.

 

Dit moet vermeden worden. Misschien moeten we als student eens wat vaker met de vuisten op tafel slaan. Moeten we sporadisch onze stem verheffen, en onze mening klaar en duidelijk overbrengen. We hebben er de mogelijkheden voor, ook op onze universiteit. Studenten zetelen onder andere in faculteits- en studentenraden, waar ze een niet te miskennen invloed kunnen uitoefenen. Hier moeten gemotiveerde en geëngageerde studenten zetelen, die ons allen belang verdedigen. Of klinkt dit té idealistisch?

 

In dit nummer vind je onder andere een uitgebreid artikel omtrent de problematiek van de anonieme spermadonatie. We wierpen een CD&V parlementariër in de Leeuwenkuil en opiniestukken, proza en puzzel liggen voor u klaar. Verder ondermeer film- en muziekbesprekingen, en een gesprek met de voorzitter van het college van beheer van de universiteit over de financiering van het hoger onderwijs.



Voor u bekeken
22/02/2006
🖋: 

Capote, Walk the Line en The Libertine. Twee spijtige bijna-meesterwerken, één complete misser.

Capote

Truman Capote blijft tot op de dag van vandaag een legende in de Amerikaanse literatuur. Zijn magnum opus "In Cold Blood" – over de moord op een good old American family – stuurde een schokgolf door de vastgeroeste auteurswereld. Hij blies leven in het non-fictiegenre, maar bekocht die tocht naar de donkere kant van de menselijke geest met zijn carrière. Hierover handelt "Capote", een film die nu al een zekerheid lijkt voor de Oscars. Bennett Miller, de regisseur, toont hoe iemand nooit helemaal is wie je denkt. Hij doet dit aan de hand van de relatie tussen Capote – een uitstekende Philip Seymour Hoffman – en Perry Smith, één van de moordenaars. Capote onderzocht vijf jaar lang de eigenlijke beweegredenen voor de moorden en bouwde daarbij een ambigue relatie op met de moordenaars. Ondanks de vertolkingen van Hoffman en Clifton Collins Jr. (Smith) ademt de film toch te weinig dreiging uit. Millers poging een genuanceerd beeld te bieden van a bad guy maakt de film te soft. De mogelijk verzachtende omstandigheden krijgen ruimschoots aandacht, maar de duistere premisse van deze film komt te sporadisch aan bod. Bovendien slaagt de regisseur er niet in de sleur duidelijk te maken die vijf jaar aan één boek werken met zich meebrengt. Hoffman doet alle moeite van de wereld, maar door de lineaire vertelstructuur en ongelukkige montage geloof je er nooit écht in. Ondanks de tekorten zijn er genoeg redenen om de film toch een blik waardig te gunnen. De acteerprestaties van Hoffman en Collins zijn meesterlijk. Natuurlijk was de persoon Capote een dankbaar personage: de ietwat verwijfde, schril sprekende auteur met een tong die (net zoals zijn pen) in vitriool is gedrenkt, geeft een acteur meteen wat materiaal om mee te werken. Zijn vertolking neigt aanvankelijk naar het karikaturale, maar daarna toont hij met bravoure waarom schijn bedriegt. Klasse! Collins komt daardoor een beetje in de verdrukking, maar slaagt er ondanks alles toch in de gemiste ‘duisternis' kleur te geven. Deze film is met andere woorden een net-niet-verhaal. Bijna geniaal, maar te voorzichtig om tot de klassiekers te horen. Net wat de oude heren van ‘the Academy' graag zien, dus. And the Oscar goes to...

SCORE: 70%

 

Walk the Line

Johnny Cash, the Man in Black, wereldberoemd zanger, stijlicoon. Maker van de historische liveplaat "Johnny Cash at Folsom Prison”. U nog onbekend? Tijd om er iets aan te doen! Cash beïnvloedde alle historische en hedendaagse rock: een dankbaar personage voor een biopic. Jammer genoeg vervalt deze film in dezelfde fouten als zijn genrevoorganger, “Ray”. Beide films zoeken de beweegredenen van hun hoofdpersonage in een jeugdtrauma, dat meteen brandstof moet zijn voor een heel leven van Weltschmerz. Qua dramatiek is dit dus een tegenvaller, al toont Joaquin Phoenix hier waarom hij al lang geroemd wordt als karakteracteur. Hij vertolkt met overgave de donkere kanten van een artist pur sang. Ook respect voor de manier waarop hij zich verdiepte in de manières van Cash. Phoenix zong namelijk zelf alle songs van Cash. Zijn muzikale stijl, stem en podiumprésence zijn griezelig gelijkend. Opvallend hoe films in dit genre dreigen af te glijden naar tearjerkers, om dan rechtgehouden te worden door de hoofdrolspelers, zij het dan Phoenix, Hoffman of Jamie Foxx (in “Ray”). Net als "Capote" geldt hier het oordeel: veel potentieel, maar geen meesterwerk. Close, but no cigar...

SCORE: 70%

 

The Libertine

Johnny Depp begint op wolkjes te lopen. Na een periode waarin elk van zijn films een groot succes werd, acht de acteur nu blijkbaar de tijd rijp om aan zijn klassieke cv te werken. Vandaar waarschijnlijk zijn keuze voor deze rol in een kostuumfilm over de perverse graaf van Rochester. In navolging van “Quills” (over de Markies de Sade) poogt de film de goegemeente te shockeren met goedkope referenties naar seks. Die arrogante houding over seks is even leuk – zeker gezien de overgave waarmee Depp zich op deze rol stort – maar het verveelt al snel. Eigenlijk is het een klassiek geval van grote mond, klein hartje: de diepere betekenis komt nooit boven, de film verliest zichzelf in goedkope grollen, terwijl er wel een air van diepe filosofie wordt aangemeten. Bovendien ergert ook de ambigue houding over het seksuele: er wordt vaak gerefereerd naar erg perverse daden, maar ze worden nooit benoemd. Kwestie van het puriteinse Amerikaanse publiek niet voor de voeten te lopen. Een spijtig geval van veel blabla, en weinig boemboem. Hoge ambities zijn mooi, maar in dit geval is er veel te hoog gegrepen.

SCORE: 40%



De leeuwenkuil
21/02/2006
🖋: 
Auteur

In de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen van 2006 legt dwars jonge politici op de rooster. Wij gaan op zoek naar hun drijfveren en ambities, we willen weten wat hen voor de politiek en voor hun partij doet kiezen. Wat betekent het vandaag om jong te zijn in de politiek? Deze maand gingen we op bezoek bij de CD&V.

Bram Cools (23) woont in Schelle en zit in zijn derde jaar Bedrijfsmanagement, optie sociaal-juridisch, aan de Plantijnhogeschool in Antwerpen. Hij is actief als Provinciaal Voorzitter JONGCD&V Antwerpen en weet zijn engagement handig te combineren met zijn stage in het Vlaams Parlement als fractiemedewerker.

 

Hoe ben je bij de CD&V terechtgekomen?

Bram Cools Twee legislaturen geleden kwam de CD&V in de oppositie terecht. De partij liet daarop uiteraard van zich horen. Ze haalde regelmatig de plaatselijke pers en via pamfletten en acties raakte ik vertrouwd met hun ideeën en programmapunten. Nadien kwam de partij terug in de meerderheid en we kregen een christen-democratische burgemeester. Er werd een beleid gevoerd dat erg op jongeren gericht was en dat beviel me. Er moest geïnvesteerd worden in speelpleintjes, jeugdactiviteiten en als er een nieuwe wijk werd gebouwd werd er een perceel voorzien voor bijvoorbeeld een grasveldje om te voetballen. Ik kreeg dus meer en meer interesse al heeft het tot na de verkiezingen van 2000 geduurd voor ik er bewust en actief mee bezig was. Men heeft mij toen gevraagd of ik niet geïnteresseerd was om mij te engageren binnen de partij en zo ben ik erin gerold.

 

De politiek werd je dus niet met de paplepel ingegeven?

Cools Ik ben onlangs te weten gekomen dat mijn grootvader ook politiek actief is geweest en in onze gemeente op de lijst heeft gestaan. Dat heeft uiteraard geen rol gespeeld in mijn keuze voor de politiek. Wel denk ik dat ik impliciet veel heb meegekregen van thuis. De normen en waarden die mijn partij hanteert, heb ik in ons gezin van jongs af aan ervaren. Zoiets besef je natuurlijk pas later.

 

Welke functies vervul je precies binnen de CD&V?

Cools Als stagiair ben ik medewerker van de fractie in het Vlaams Parlement. Dat wil zeggen dat ik inhoudelijk fractiemedewerker ben van mijn partij en werk onder Bart Desmet, fractiesecretaris en gewezen Vlaams Parlementariër. Binnen de partij heb ik natuurlijk ook nog een engagement. Ik ben lid van mijn lokale afdeling, doe mee aan het partijbestuur en ben in oktober met de bestuursverkiezingen binnen de partij verkozen tot Provinciaal Voorzitter van de jongeren. De provincie Antwerpen is verdeeld in vijf regio's. Elke regio heeft dan ook nog eens een voorzitter die bijgestaan wordt door coaches. Ik doe dit werk in principe samen met de verschillende voorzitters op provinciaal niveau van de moederpartij.

 

Dat is een hele boterham. Valt dat nog te combineren met je schoolwerk?

Cools Doordat ik mijn stage bij de partij doe, lukt het me nu wat beter om mijn werk te organiseren maar de afgelopen maanden waren heel zwaar. Ik ben verkozen en neem dat engagement met graagte op, maar het brengt veel werk met zich mee. Daarnaast ben ik op school ook ondervoorzitter van de studentenraad, heb ik natuurlijk papers te schrijven én moet ik geregeld opzoekingwerk doen en met mijn neus in de boeken zitten. Dat is soms toch wel hard, al heb ik het ervoor over. Noem eens enkele concrete punten waar je nu mee bezig bent Inhoudelijk is de aandacht nu vooral gevestigd op de Staten Generaal die er op tien maart aankomt (dit is de officiële start van de campagne binnen CD&V om naar de Gemeente- en Provincieraadsverkiezingen te gaan). Op die avond wordt onder meer het Raamprogramma voorgesteld en de lijn waarin de campagne zal verlopen. Hoewel de lokale afdelingen uiteraard een eigenheid aan hun campagne zullen geven. Alles moet eens op een rijtje gezet worden. Er moet bekeken worden waar we als partij staan en waar we naartoe willen. Voor de fractie moet ik voorlopig gewoon opvolgen. Binnenkort zal ik meewerken aan een aantal punten binnen het thema van duurzame ontwikkeling. Er staan in Vlaanderen en Europa wat dat betreft nog een aantal aanpassingen en verfijningen op de agenda.

 

En voor jou persoonlijk, zijn er dingen waar jij zelf nog graag aan zou willen werken?

Cools Ik hecht heel veel belang aan alles wat met jeugd en jongeren te maken heeft. Op het vlak van onderwijs moeten we bijvoorbeeld zorgen dat het pakket niet te zwaar wordt. Als je kijkt naar historische vakken, zie je dat de leerstof elk jaar zwaarder wordt aangezien we voortdurend geschiedenis schrijven. De leerlingen moeten daarvan op de hoogte gebracht worden maar je moet dat ook wat kunnen relativeren. Er mag geen overaanbod komen en een te hoge werkdruk lijkt me sowieso niet aanvaardbaar. Meer algemeen vind ik dat kinderen zichzelf moeten kunnen ontwikkelen en dat de overheid dit moet steunen. Jeugdbewegingen zijn belangrijk en gemeentes moeten initiatieven op vlak van jeugdwerking kunnen organiseren. Een blijk van waardering geven is een must. Je moet het honoreren als mensen met de juiste dingen bezig zijn. Dit kan op financieel vlak, via subsidies, maar bijvoorbeeld ook door logistieke steun te bieden. Voor de jonge gezinnen vind ik dat we alles moeten doen om de bouwgronden bij ons betaalbaar te houden. Voor velen is het nu te duur. Ik vind het jammer dat jongeren die in hun gemeente willen blijven, gedwongen worden te verhuizen omwille van de hoge prijzen. Verder vind ik cultuur en toerisme ook belangrijk. Ik ben van de Rupelstreek en ik denk dat we onze cultuur, onze geschiedenis uit moeten dragen. Er liggen al veel fiets- & wandelpaden maar het kan altijd beter. Je moet mensen die bij ons passeren de kans geven te kunnen proeven van wat onze eigen streek te bieden heeft.

 

Jouw partij heeft een katholieke achtergrond. Wat betekent die C voor jou?

Cools Oei, dat is wel een heel persoonlijke vraag. Ik denk dat je die C niet apart kan zien. ‘'Christen-democratisch' is één woord, en dat sluit eigenlijk aan bij mijn persoonlijke visie. Ik sta achter die normen en waarden, achter onze opvattingen. Die vloeien onmiskenbaar voort uit onze historische achtergrond maar een C is niet hetzelfde als een K. Voor mij draait het om een opvatting over hoe de samenleving is, hoe we met waarden een beleid willen uitstippelen. Jullie hadden vroeger de naam ouderwets te zijn. We zijn zeker geen oubollige partij. Sterker nog, we hebben de grootste jongerenformatie in het politieke landschap en dat zelfs met een stevige voorsprong op de andere partijen. We krijgen steeds meer nieuwe leden, ook jonge gezinnen sluiten zich bij ons aan. Het viel op hoeveel jonge mensen er op onze nieuwjaarsreceptie rondliepen.

 

Wordt er naar de jongeren geluisterd binnen de CD&V?

Cools Ja, daar ben ik zeker van, dat was vroeger ook al zo. Wij worden gezien als het geweten van de partij. Concreet is er altijd een overleg tussen de voorzitter en de nationale voorzitter van de jongeren. Verder zitten we met een grote afvaardiging in de algemene vergadering; dat is het grootste en hoogste orgaan binnen de partij. Ook de standpunten die we op onze eigen vergaderingen formuleren, worden naar de partij gecommuniceerd. Dat geldt ook voor de conclusies van ons jongerencongres dat zal handelen over sociale cohesie aan de hand van de thema's 'engagement', 'leefbaarheid', 'diversiteit' en 'integratie'. Het is duidelijk dat er een heel vlotte en goede wisselwerking is tussen de jongeren en de partij, al is het niet altijd even makkelijk om rekening te houden met de jongeren.

 

Nog even over de actualiteit: wat vind je van de huidige politieke spanningen rond de 'Mohammedcartoons' en in het bijzonder van de Antwerpse situatie?

Cools Ja, het recht op vrije meningsuiting bestaat natuurlijk. Langs de andere kant moet je voor iedereen respect opbrengen in onze maatschappij. Een gulden middenweg lijkt me niet onlogisch. Dat er op dit moment een probleem is in de moslimgemeenschap is duidelijk maar ik kan daar moeilijk rechtlijnige uitspraken over doen. Wat Antwerpen betreft is het altijd makkelijk om vanaf de zijlijn te staan roepen. Het is een specifieke stad met specifieke moeilijkheden en degenen die daar de beste visie over hebben, zijn de mensen van de stad zelf. Het is aan het Antwerps beleid om de juiste beslissingen te nemen. We zullen op acht oktober – bij de gemeenteraadsverkiezingen – wel zien hoe de zaken ervoor staan. Ik heb jammer genoeg geen glazen bol.



De schrijfacademie in actie
21/02/2006
🖋: 
Auteur extern
Dennis Van Dessel (de Schrijfacademie)

Woody Allen zei het al: "Those who can’t do, teach. And those who can’t teach, teach gym." En degenen die lesgeven in het lesgeven? De Academische Initiële Lerarenopleiding (AILO) van de UA werd het voorbije jaar fel bekritiseerd door huidige en voormalige studenten. Hun bezwaren komen steeds op hetzelfde neer. De lessen hebben te weinig te maken met de realiteit, de opdrachten zijn zinloos en er wordt te subjectief geoordeeld over wat een goede lesgever is. Toch zijn er momenteel 528 UA-studenten met de opleiding bezig, of ze er nu veel enthousiasme voor kunnen opbrengen of niet. Waar hebben de studenten het moeilijk mee en wat zijn de docenten van plan daar aan te doen?

Het academiejaar 2004-2005 was niet echt een pretje voor de docenten AILO. In december 2004 verscheen het artikel ‘Toch nog iets geleerd uit de lerarenopleiding?' Hierin haalde ex-AILO student Jimmy Bruckers scherp uit naar de hele cursus, die hij een gebrek aan realiteitszin verweet. Waar is het goed voor om collageopdrachten te maken of om zelfreflecties te schrijven (alsof je jezelf ooit negatief zou beoordelen)? Waarom moet je zonodig elke les tot op de minuut plannen, terwijl je op voorhand weet dat het onmogelijk is om je aan zo'n planning te houden? Kortom: waarom besteed je tijdens de lerarenopleiding zoveel tijd aan activiteiten die op geen enkele manier een beter leraar van je maken?

 

Enkele dagen lang was het artikel het voornaamste gespreksonderwerp onder de studenten AILO. Degenen die zich in het artikel konden vinden, besloten van de gelegenheid gebruik te maken om zelf hun stem te laten horen. Ze schreven naar hun docenten ondermeer dat “de hele cursus zweemt naar een soort van veredelde bezigheidstherapie.”

 

De brieven hadden effect. Korte tijd later wist Peter Van Petegem, coördinator van de opleiding, via Blackboard te melden dat hij niet aan de klachten voorbij wilde gaan. Hij organiseerde een reeks ontmoetingen met de ontevreden studenten. Wat precies de bevindingen van de gesprekken waren, is nog steeds niet helemaal duidelijk. Tijdens de lessen die erop volgden, repten de docenten er met geen woord over en ook op Blackboard kwamen er geen verslagen. Het gros van de AILO-studenten moest dan ook vertrouwen op wat ze te weten kwamen via vrienden. Het resultaat van dit alles? Wel, je ziet nog steeds dezelfde AILO als vorig jaar, met dezelfde taken en opdrachten. Maar dat hoeft niet zo te blijven.

 

Peter Van Petegem beschrijft welke veranderingen er op stapel staan: ‘Om de opleiding meer af te stemmen op het buitenlands niveau, zullen de competenties van de studenten aanzienlijk worden uitgebreid'. De cursus zal nog intensiever worden dan ze al is. In plaats van dertig studiepunten, zullen er zestig te verdienen zijn. Dertig voor het theoretische gedeelte, dertig voor de praktijk. De theorie zal worden gegeven op de universiteit zelf, waar zeven of acht uur per week lessen zullen plaatsvinden. Voor de praktische opdrachten worden de studenten naar scholen overal ten lande gestuurd, waar het de bedoeling is dat ze maar liefst vijfhonderd uur stagelessen geven. ‘Zo kunnen de studenten grondig kennismaken met alle aspecten van het leven als leerkracht, inclusief vergaderingen en bureaucratische plichten.' Op die manier zullen de studenten natuurlijk ook ongeveer zeventig procent van het hele schooljaar voor hun rekening moeten nemen. Van Petegem geeft toe dat vijfhonderd uur effectief lesgeven waarschijnlijk onhaalbaar zal zijn. ‘Allicht zullen daar ook observatie-uren en dergelijke bij gerekend worden. Vijfhonderd uur aanwezigheid in een school dus.'

 

De lerarenopleiding zal niet meer gecombineerd kunnen worden met een andere studie, zoals nu meestal het geval is. Studenten zullen een extra jaar moeten uittrekken voor AILO en zullen er tijdens dat jaar zo intensief mee bezig zijn, dat alle “toeristen” automatisch geweerd worden. Niemand zal de opleiding er nog bij kunnen nemen, enkel voor de zekerheid die een extra diploma biedt. Normaal gezien zouden deze veranderingen vanaf volgend academiejaar van kracht worden, maar, zegt Van Petegem, ‘zoals het er nu naar uitziet, zal het waarschijnlijk pas 2007 worden.' De veranderingen komen er dus, zij het dan met enige vertraging. Zo kennen we de AILO weer.

 

 

Een reactie op dit artikel lees je hier.



21/02/2006
🖋: 

Na een verkwikkende vakantie liggen de examens voor sommigen nog vers in het geheugen terwijl anderen ze zo snel mogelijk verdrongen hebben naar het onbewuste. De verwerkingsmethode maakt op zich niet veel uit, want iedereen wordt uiteindelijk met de gevreesde resultaten geconfronteerd.

Terwijl dit artikel ter perse gaat, kunnen de meeste studenten hun rapport inkijken. Sommigen zullen aangenaam verrast zijn, bij anderen zal grote teleurstelling heersen. Deze situatie is noch aangenaam noch eenvoudig maar als student sta je er niet per se alleen voor. Goede cijfers lijken nu misschien onoverkomelijk maar ze kunnen wel degelijk behaald worden. Dit mits bijsturing van bepaalde gewoontes en gedachten. De studiedienst van de Universiteit Antwerpen wil de studenten hierbij helpen door gratis trainingen aan te bieden. Ze beginnen in het voorjaar op de drie campussen en behandelen stuk voor stuk vaardigheden die nuttig blijken voor een succesvolle studentencarrière. De cursussen worden meestal gegeven aan kleine groepen die verdeeld worden per faculteit.

 

Hieronder een beknopt overzicht van de aangeboden trainingen:

 

Studievaardigheden & Planning

  • Had je moeilijkheden bij het studeren?
  • Wil je weten hoe je een goede planning opstelt?

Doel: Verbeteren van je studievaardigheid en leren plannen.

 

Omgaan met examenstress

  • De spanning van de januari-examens werd je teveel.
  • Je piekerde te veel waardoor je niet meer aan studeren toekwam!

Doel: Een inzicht krijgen in hoe faalangst ontstaat en evolueert en deze spanning leren beheersen.

 

Uitstelgedrag

  • `Ik ben van plan om morgen te beginnen.'
  • 'Wat maakt het uit, het is toch al te laat'

Doel: Mechanismen van uitstelgedrag leren herkennen en bijsturen.

 

Voorbereiding op de examens

  • Hoe zijn de voorbereiding en het afleggen van de examens verlopen?
  • Wil je weten hoe je een multiple-choice examen voorbereidt?
  • Wat zijn de do's en don'ts tijdens een mondeling examen?
  • Welke soorten examenvragen kan je verwachten?

Doel: Een inzicht krijgen in de verschillende wijzen van examineren en het verbeteren van de eigen examenvaardigheden.

 

Kennismaken met relaxatie

  • Je ervaart moeilijkheden om:
  • Te spreken voor een groep.
  • Vragen te stellen in de les.
  • Examens af te afleggen.

Doel: Meer te weten komen over ontspanning en kennis maken met de progressieve relaxatie.

 

Werkgroep verkeerd gestudeerd

  • De semesterexamens zijn voorbij. `Verkeerd gestudeerd'.
  • Te laat begonnen.
  • Niet grondig genoeg ingestudeerd.
  • Het overzicht verloren of nog iets anders.

Doel: Verbeteren van je studievaardigheid, leren plannen, meer discipline leren opbrengen.

 

Studie en examenstress beter leren hanteren

Heb je last van:

  • Examenangst?
  • Paniekreacties?
  • Te hoge studiedruk?

Doel: Faalangst en stress leren herkennen, catastrofale gedachten en negatieve voorspellingen leren doorbreken, tot rust leren komen door relaxatietechnieken te gebruiken.

 

 

Verdere informatie over deze trainingen zoals inschrijvingsdata, werkwijze en locatie kunnen gevonden worden op www.ua.ac.be/adstud.

 

De hulpverlening van de studiedienst beperkt zich niet slechts tot dit gebied. Een studentencarrière bestaat immers niet alleen uit examens, maar ook uit studiekeuzes, eindverhandelingen, voorbereidingen op het professioneel leven,... Hiervoor worden tevens een aantal trainingen aangeboden:

 

Sollicitatietraining

Je studeert af en je wilt meer te weten komen over:

  • Hoe schrijf ik een goede sollicitatiebrief of wat moet er in mijn c.v. staan?
  • Waar let ik op tijdens een sollicitatiegesprek?
  • Welke vragen kan ik verwachten of zelf stellen?

Doel: Schrijven van de persoonlijke c.v. en kennis van o.a. de eigen non-verbale communicatiepatronen tijdens het sollicitatiegesprek.

 

Werkgroep thesisstudenten

  • Krijg jij je thesis niet afgewerkt binnen een aanvaardbare periode.
  • Je komt je afspraken niet na of geschreven stukken geef je te laat of niet af aan je promotor?
  • Je legt de lat te hoog waardoor je blokkeert?

Doel: Thesis op tijd afgeven.

 

Naast het geven van trainingen wordt er ook actief aan persoonlijke begeleiding gedaan en aan zeer uitgebreide informatieoverdracht gaande van vragen over het onderwijs- en examensysteem tot persoonlijke problemen. Er bestaat natuurlijk geen wondermiddel dat je probleemloos zal doen slagen, maar voor diegenen waarbij de teleurstelling groot was kan dit uitgebreide aanbod misschien als hulpmiddel gehanteerd worden voor positieve vooruitzichten in juni.



Ne Krop in Mijn Kiel
21/02/2006
🖋: 
Auteur

Meeuwen cirkelen als aasgieren zeventien verdiepingen boven mijn hoofd. De lucht straalt een onheilspellende grijsheid uit, maar gevreesd gedruppel blijft achterwege. Voor eventjes althans. Enkele passen van mij verwijderd staan grote gebouwencomplexen plechtstatig te vervallen, wachtend op een reeds lang beloofde, maar zo mogelijk nog langer vergeten, renovatie. Ik bevind mij op het Kiel. Centerparks. Maar nu even niet, denk ik dan.

Toen Antwerpen in 1920 de Olympische Spelen mocht verwelkomen en een tiental jaar later de wereldtentoonstelling het hart van menig sinjoor sneller deed slaan, ontwierp architect Renaat Braem een sociaal woonpark dat tot op de dag van vandaag mee gestalte geeft aan de Kielse skyline. Revolutionair is een woord dat slechts met de nodige omzichtigheid en terughoudendheid in de mond genomen mag worden, wil men het niet alle betekenis doen verliezen, maar bij dit staaltje grootstadarchitectuur is het in ieder geval meer dan toepasselijk. Arbeiders die gewoon waren zich te wassen in een met warm water gevulde teil en zich doorgaans naar het putteke op de koer dienden te begeven om aldaar hun gevoeg te gaan placeren, konden plots genieten van een heuse badkamer met stromend water. Een conciërge waakte erover dat de bewoners de gaanderijen kraaknet hielden, de huurprijs stond in verhouding met het inkomen en iedereen sprak elkaar bij voornaam aan. De zon scheen hoog aan de hemel voor de '‘Kielse ratten' en haar glorie werd weerspiegeld in de glans van de majestueuze Braemblokken. De tand des tijds is echter onverbiddelijk. Ook bezuiden de Silvertoplaan kon men niet op enige genade rekenen en werd elke tegenstand tegen het opkomende verval vermorzeld onder haar duizelingwekkende gewicht, totdat zelfs de laatste echo's van de dromen uit een ver en bruisend verleden voorgoed verdrongen waren door de koortsige waanbeelden van een kankerende grijsaard.

 

“Vruger, da waren nogal is tijden” verzucht Liliane, vergezeld van haar stokoude en tevens potdove keffer Ricky (“mor binne blaft em ni ze, meneer”). “Ik stond op trouwen en wij hadden nog geen kinderen, maar die waren wel komende. En wij mor rondzien, nor huizen enzo. En toen zijn wij ier is kome kijke. Da was nen droom. Van nen droom nor een drama, in ongeveer éénenvijftig jaar. Het kan verkeren é.” Ik sta in de inkomhal van één der sociale woonblokken aan de Jan de Voslei gezellig te keuvelen met twee kranige dames op leeftijd. Een omstaander slaat het hele gebeuren gade als een doordeweeks koffiekletske met een ietwat ongewone samenstelling. Niets is echter minder waar. Hier wordt niet over koetjes en kalfjes gepraat. Bittere ernst en miserie valt ons ten dele. “Edde de lift ier al is gepakt? Al die pis... En das ni van klein mannen é! Zie maar waar dattet vertrekt. En die vocabulaire oep de muren. Het zijn baldadigheden”, stelt Liliane. “Affreus”, vult Antoinette zonder twijfelen aan. “Ik durf ier geen kennissen uit te nodigen, edde de vloer ier al is bekeke? En, pas op, ik zeg et ni graag, ge moogt me ne racist vinden, mor... In de zomer, die speeltuin... Dan is da ier precies Marrakech é...”

 

Wanneer we op slinkse wijze in een iets nettere sociale woonblok binnen weten te dringen en gebruik makend van de lift koers zetten richting bovenste verdieping, worden we op twee verdiepingen van de top tegengehouden door één van de bewoonsters, die ons in enkele niet mis te verstane bewoordingen de deur wijst. Een sociale woning is immers geen openbaar gebouw. Ons argument dat we graag een foto zouden trekken van het weidse uitzicht dat ons op de bovenste verdieping ongetwijfeld te beurt zou vallen, wordt weggewuifd. De zeventiende verdieping is immers een strikt verboden zone. “De mense die ier kome wone, hemme et ni altij eve gemakkelijk. Da verstade wel, ni? Vruger konde zonder probleme nor het zeventiende. Der is trouwens een pracht van een dakterras, ideaal oem een kleurreke te pakke bij schoon weer. Mor na kunder enkel gerake me ne speciale sleutel. Oeveel da zich al ni van da terras nor beneje emme gesmete, da is ni te schatte. We zen per slot van rekening ni allemaal Rockefellers é ...”