Voor u bekeken
19/04/2006
🖋: 

“V for Vendetta” en “16 Blocks”, twee films die bewijzen dat een gewoon genre niet altijd een gewone film oplevert.

V for Vendetta

De excentrieke gebroeders Wachowski (de makers van “The Matrix”) hebben een nieuwe prent afgeleverd. Het stripverhaal over een revolutionair in een toekomstig fascistisch Engeland intrigeerde hen al vóór ze begonnen aan de trilogie die hen wereldberoemd zou maken. Nu pas kregen ze als producenten het geld bijeen om de film in te blikken. Ondertussen is dit een kwalijke trend in Hollywood: enkel wie een blockbuster heeft gemaakt, krijgt geld om inspirerende, van de norm afwijkende films te maken, die vaak relatief gezien nog meer geld opbrengen. Het verhaal lijkt op het eerste zicht vrij eenvoudig, maar wees gerust: het is niet bepaald de gemiddelde comic book-verfilming geworden. Engeland wordt na een terroristische aanval geleid door fascisten, waarna een potsierlijk figuur genaamd “V” (Hugo Weaving, agent Smith met Guy Fawkes-masker) met de hulp van de verrukkelijke Natalie Portman de hele bevolking naar de vrijheid leidt. Simpel, rechttoe rechtaan, lekker strak. Maar halverwege vonden de makers het blijkbaar nodig een detectiveverhaal in te lassen. Het hele ritme stropt en op dat moment reikt het niveau niet verder dan “TV-movie of the Week”, terwijl de rijke symboliek in de spiegelwereld van deze film net de grote sterkte is. Het eerste halfuur van de film wordt immers gekenmerkt door leuke verwijzingen naar het oude Engeland en het einde is dankzij de heerlijk bombastische muziek van een opruiende aard dat het geen naam heeft. Waarom dat irritante nevenverhaaltje erbij moest, ik weet het nog steeds niet. Nu heb ik echter lang genoeg negatief gedaan, want hetgeen je het langst meedraagt van “V for Vendetta” zijn de politiek-ideologische verwijzingen, al zijn ze soms té plastisch en daardoor grotesk. Speel misschien met uw vrienden het spelletje “spot de 10 verwijzingen naar de actualiteit”? Het vrijheidsideaal is al langer een vruchtbaar onderwerp voor Hollywood, denk maar aan de “FRÉÉDÓÓÓM!” van Mel “Braveheart” Gibson. Maar nog nooit zag ik een film die zo rechtstreeks die primaire revolutiefunctie van de mens aansprak als deze prent. Tijdens het laatste half uur moest ondergetekende zich inhouden om niet recht te springen in de volle filmzaal en een welgemeend “Viva la revolucción” uit te stoten. “De Stomme van Portici” revisited, zo lijkt het wel. Daarnaast ontwikkelt zich ook een interessante relatie tussen Weaving en Portman, een constant spel van aantrekking en afstoting. De getormenteerde ziel van “V”, die de brave Portman meesleurt in een mentale kelder: ja, ik ben niet vies van een beetje psychologische oorlogsvoering. Wedergeboorte en Inzicht, de stokpaardjes van de broers Wachowksi, zijn dus ook hier weer van de partij. Nu u dit weet, kan ik u slechts één course of action aanraden: ga naar “V for Vendetta” kijken, overleef het middenstuk, beleef het magistrale einde, en dan zie ik u op 5 november op het Muntplein. Viva!

 

16 Blocks

Bruce Willis schittert weer als vanouds in deze lekker ouderwetse “uitgebluste flik”-flick. Door de gelouterde Richard Donner geregisseerd is deze film in al zijn artisanale pracht een eerbetoon aan al haar illustere voorbeelden: denk maar aan al die klassiekers waarin Clint Eastwood schitterde als mompelende en zuipende flik. Willis speelt een detective die aan het einde van zijn werkdag een arrestant naar het gerechtsgebouw moet brengen. Onderweg wordt hij echter beschoten, waarna een spannend kat-en-muisspel begint. De jonge arrestant, gespeeld door Mos Def, moet namelijk nog diezelfde dag een getuigenis afleggen. Jammer dus dat er zich tussen hen en het gerechtsgebouw nogal wat mensen bevinden die hen liever tussen de 6 planken van een doodskist dan tussen de 4 muren van de rechtszaal zien. Voer voor een doordeweekse prent, denkt u? Zou best gekund hebben, ware het niet dat Willis en tegenspeler David Morse de pannen van het dak spelen. De haat-vriendschap-verhouding tussen die twee spettert letterlijk van het scherm. Willis lijkt hier immers terug te steunen op de dingen die hem beroemd maakten: een grauwe baard, duistere blik, raspende stem en af en toe een sarcastische oneliner. Morse doet het nog beter, want in de prestatie van zijn leven zet hij zo'n onderkoelde bad guy neer dat ‘Emperor Palpatine' uit “Star Wars” in een goeie dag moet zijn om nog dreigender over te komen. Er zijn echter ook negatieve kanten aan deze prent. Def, de jonge acteur die u misschien nog kent van “A Hitchhiker's Guide to the Galaxy”, tekent namelijk voor de Meest Irritante Stem uit de Filmgeschiedenis. De man heeft talent – zij het dan vooral komisch – maar dat hoge, zeurderige stemmetje brengt werkelijk niets bij tot de film, tenzij je hoofdpijn meetelt. Bovendien zitten er ook wat gaten in het verhaal. Waarom Willis niet aan het begin van de film de oplossing kon bedenken, die hij aan het einde in petto heeft, zal voor eeuwig een mysterie blijven. Conclusie? Deze film bevat van het beste en het slechtste, in ongeveer het meest betreden pad in de filmgeschiedenis. Faut le faire!



een gesprek met auteur en journalist Robert Fisk
19/04/2006
🖋: 

Eind maart was Robert Fisk in België om een eredoctoraat van de Universiteit van Gent in ontvangst te komen nemen en om een bomvolle Vooruit te woord te staan. Al dertig jaar werkt hij als correspondent in het Midden-Oosten, eerst voor The Times, later voor The Independent. Hij heeft verslag uitgebracht van elk groot conflict in de regio vanaf de Sovjetinvasie in Afghanistan tot de Tweede Golfoorlog, interviewde Khomeini, Arafat, Hoessein, Khadafi en nog vele andere leiders en is de enige westerse journalist die drie maal Bin Laden op de rooster mocht leggen. Onlangs verscheen een Nederlandse vertaling van zijn vuistdikke boek ‘De Grote Beschavingsoorlog’, waarin hij zijn ervaringen neerschrijft en tracht te zoeken naar de onderliggende redenen van de talloze gruweldaden die hij heeft moeten aanzien.

Wanneer wist u dat u journalist wilde worden?

Robert Fisk Zoals ik in mijn boek vermeld, was ik twaalf jaar oud toen ik voor het eerst ‘Foreign Correspondent' zag, een Hitchcockfilm met Joel McCrea in de hoofdrol als de Amerikaanse reporter John Jones. In de film wordt hij naar Europa gestuurd om verslag uit te brengen over de Tweede Wereldoorlog. Daar is hij getuige van een moordaanslag, jaagt hij op Nazi spionnen in Nederland en ontmaskert hij de belangrijkste Duitse spion in Londen. Hij slaagt er ook in het hart te veroveren van de mooiste vrouw in de film. Na het zien van die film leek dit me wel een interessante job.

 

In feite ben ik al zolang ik me kan herinneren geboeid geweest door nieuws en geschiedenis. Als kind al las ik mijn vaders krant, de rechtse Daily Telegraph, van begin tot einde volledig door. En toen ik tien jaar oud was nam mijn vader me mee naar alle slagvelden waar hij tijdens de Eerste Wereldoorlog gevochten had. Ook het idee om naar het buitenland te reizen, weg van Groot-Brittannië, fascineerde me. Mijn vader heeft hard geprobeerd om me een meer conventioneel beroep aan te praten, advocaat of dokter, maar ik wou er niet van weten. Uiteindelijk ging hij bij een vriend van de familie ten rade, deze man zei me om mezelf voor te stellen in een rechtszaal en vroeg me wie ik liever zou zijn: de advocaat of de journalist die verslag uitbracht van de zaak. Zonder te twijfelen antwoordde ik hem: de journalist. Dus richtte hij zich tot mijn vader en zei hem: “Robert wordt journalist”. Er was gewoon niks anders dat ik mezelf zag doen, behalve misschien filmcriticus worden, ik hou nu eenmaal van films. Voor mij is journalistiek als een ziekte, ofwel heb je ze en geraak je er niet van af ofwel heb je ze niet. Wanneer mensen me zeggen: “Misschien zal ik proberen advocaat te worden of anders misschien wel journalist”, zeg ik hen: “Word advocaat.” Als je er niet 100% van overtuigd bent moet je niet proberen om journalist te worden.

 

In het voorwoord van uw boek citeert u de Israëlische journaliste Amira Hass, die stelt dat de taak van een journalist het controleren van de machtscentra zou moeten zijn. Vindt u dat er genoeg van uw collega's deze stelregel volgen vandaag?

Fisk Wel, ik vind dat er meer van hen het zouden moeten doen. Waarom doen ze het niet? Eén reden is dat wanneer je als reporter dicht bij machtige figuren komt, dit zeer opwindend kan zijn. Veel journalisten willen deze toegang behouden en riskeren zo minder kritisch te worden. Een andere reden, vooral in de VS, is het feit dat daar het bekritiseren van het buitenlands beleid als onpatriottistisch en subversief wordt beschouwd, vooral in oorlogstijd.

 

In de VS heb je ook een heel sterke Israëlische lobby die er niet voor terugdeinst om het even wie te brandmerken als antisemitisch. Veel journalisten, die kinderen op school hebben en een hypotheek moeten afbetalen, zullen dus niet het risico nemen om iets ‘controversieels' te zeggen. Dit is één van de belangrijkste redenen dat je vandaag in de VS, wat het Israelisch-Palestijns conflict betreft, een soort van ‘Newspeak' hebt, waar ‘kolonies'‘nederzettingen' en ‘bezette gebieden'‘betwiste gebieden' worden. Dit verhult de realiteit van het Midden-Oosten en maakt de situatie onverstaanbaar voor Amerikaanse burgers. Wanneer ze een kind een steen zien gooien naar een tank omwille van ‘betwiste' gebieden, stellen ze zichzelf de vraag: “Waar gaat dit nu over? Waarom vecht dit kind nu voor deze ‘betwiste' gebieden? Kunnen ze hun twist niet gewoon bijleggen bij een kopje thee?” Daarom spreek ik wanneer ik een lezing ga geven in de VS, wat ik ongeveer om de drieëneenhalve week doe, altijd voor auditoria van 2000 man, die gewoon willen weten wat er nu juist aan de hand is.

 

U bent zelf herhaaldelijk uitgescholden voor houder van antisemitische of anti-Amerikaanse denkbeelden. De beroemde acteur John Malkovich bestempelde u zelfs als één van de twee personen die hij het liefst zou neerschieten. Hoe biedt u deze beledigingen en bedreigingen het hoofd?

Fisk Er valt niets het hoofd te bieden. Zoveel mensen moeten veel ergere dingen dan beledigd worden ondergaan, dus is er voor mij niks dat ik niet aan zou kunnen. Dit gezegd zijnde, wanneer iemand me herhaaldelijk beledigt of bedreigt, reageer ik door gerechtelijke stappen te ondernemen. Ze hebben geen enkele reden om me antisemitisch te noemen en dat beseffen ze zelf maar al te goed, dus wanneer ik hen uitnodig om hun zaak voor de rechtbank te komen verdedigen, houden ze meestal op. Weet je, de manier waarop de term antisemitisch vandaag wordt gebruikt – hem zomaar uitstrooien over goede mensen – maakt de term ordinair. Dit helpt enkel de echte antisemieten, die ik even hard haat als iedereen.

 

En anti-Amerikaans? Wat betekent dat? Ik ben anti-Bush, dat kan ik je wel zeggen, omdat ik geloof dat hij een wreedaardige regering leidt. Maakt dit me anti-Amerikaans? Als ik Premier Blair bekritiseer, ben ik dan anti-Brits? Wat als ik de Nederlandse Premier bekritiseer? Zou ik dan anti-Nederlands zijn? Heeft er ooit al iemand van zoiets als anti-Nederlands gehoord? Het is toch belachelijk! (nvda. Uw Belgische redacteur hield maar wijselijk zijn mond)

 

Vlak na elf september was ik voor een radioprogramma in debat met Allan Dershowitz, een Harvard-academicus. Ik zei dat de belangrijkste vraag de waarom-vraag was. Meneer Dershowitz ontstak in razernij en noemde me een gevaarlijk man, anti-Amerikaans, wat gelijk stond aan antisemitisch. Dit alles omdat ik had durven opperen dat er een motief moest zijn voor deze misdaad. Is het niet de standaardprocedure om een motief te zoeken wanneer men een misdaad onderzoekt? Maar bij elf september was het ons niet toegestaan deze vraag te stellen.

 

Veel reacties op mijn boek waren ook buitensporig vijandig. Opeens werd mijn moeder de dochter van Eichmann genoemd. Je moet weten dat mijn moeder voor de RAF heeft gewerkt in het begin van de Tweede Wereldoorlog, geholpen heeft om tegen de Nazi's te vechten. Deze personen willen me gewoon het zwijgen opleggen. Ze zeggen dat ik een anti-Israëlisch boek heb geschreven, maar zij die mijn boek ook daadwerkelijk hebben gelezen weten dat datgene wat er het meest en het hardst in bekritiseerd wordt, het Arabisch leiderschap in al zijn vormen gedurende de laatste eeuw is. Deze maand nog (nvda. Maart 2006) zei een criticus van de Australia/Israel Review: “Robert Fisk identificeert zichzelf met de Arabische autocraten”, enkel en alleen omdat ik in het voorwoord van mijn boek een grap maak over het feit dat toen de Times me de post als Midden-Oostencorrespondent aanbood, ik me afvroeg hoe Koning Faisal zich had gevoeld toen men hem de heerschappij over Irak had aangeboden

 

Een ander voorbeeld: mijn boek is bekritiseerd omdat ik voor ik begin aan mijn alfabetische lijst van dankbetuigingen, refereer naar Yasser Arafat en Hassan Nasrallah (nvda. leider van de Libanese Hezbollah), als voorbeelden van mensen die wisten dat ik dit boek ging schrijven en me hebben geholpen. Ze vergeten gemakshalve dat ik ook refereer naar Mikhail Kalashnikov vooraleer ik aan mijn alfabetische lijst begin, en zeggen dat ik mijn boek heb opgedragen aan notoire terroristen. Eén of andere Britse criticus claimde dat in mijn boek staat dat Jezus in Jeruzalem werd geboren, wat natuurlijk niet klopt, zoals u weet werd hij in Nazareth geboren. Mijn eindredacteurs hebben mijn boek opnieuw gelezen van begin tot einde, maar konden deze stelling nergens vinden. Ondertussen hadden andere critici die dus duidelijk mijn boek niet hadden gelezen dit opgepikt van Google en begonnen ze deze kwakkel te kopiëren in hun besprekingen.

 

U vermeldde dat uw boek zeer kritisch was over de Arabische en andere leiders in het Midden-Oosten, omwille van hun corruptie, tirannie en gewelddadig optreden. U hebt een groot deel van deze leiders persoonlijk ontmoet: was er iemand bij die u kon overtuigen een eerlijk en deftig persoon te zijn, bezorgd over het welzijn van zijn volk?

Fisk Mohammed Khatami, de voormalige president van Iran. Ik heb hem leren kennen als een degelijk en eerlijk man. De ironie is dat de enige manier waarop hij zijn hervormingen grondig zou hebben kunnen doorvoeren, zou zijn door het gebruik van geweld en door het loslaten van een bende vechtjassen op de straten: net wat hij weigerde te doen. Zijn maatschappij liet hem niet toe te bloeien. Hij is een zeer eerbiedwaardig man. Toen de huidige clown aan het hoofd van Iran verklaarde dat de Holocaust nooit gebeurd was, antwoordde Khatami onmiddellijk aan Ahmedinejad dat zelfs indien er maar één jood gestorven zou zijn dit een afschuwelijke misdaad was. Ik kan niemand anders bedenken, ik hoop dat dit uw vraag beantwoordt.

 

Wat denkt u dat de belangrijkste reden is dat het Midden-Oosten zulk een tragische en hopeloze eeuw achter de rug heeft? Het leiderschap? Westerse bemoeienis?

Fisk Eerst en vooral is deze regio artificieel opgedeeld door ons, zijnde de Fransen en de Britten, voor ons eigen profijt, zijnde de controle over hun olie en gasreserves. We plaatsten het Midden Oosten onder ons constant bevooroordeeld voogdijschap. Kijk gewoon naar de tragische geschiedenis van de Oslo-akkoorden. De Palestijnen geloofden echt dat de VS hen zou beschermen tegen de constante Israëlische schendingen van dit verdrag, omdat dit fair zou zijn. Natuurlijk waren de VS niet fair en de Palestijnen eindigden met niets, ondanks al hun hoop.

 

Waarom vraag je? Waarom? Waarom maken we deze renaissance van de militante politieke Islam mee? Waarom werd het Westen technologisch zo superieur gedurende de laatste eeuw? Waarom moeten de Arabieren dagelijkse vernedering ondergaan? Waarom?

 

Er is een patroon, snap je? Toen Napoleon Egypte binnenviel, vertelde hij de mensen van Cairo dat hij hen zou bevrijden van de tirannieke heerschappij van de pasja's, die hen onderdrukten. Toen de Britten Irak binnenvielen in 1917 vertelden ze de bevolking dat ze hen kwamen bevrijden van de tirannie van het Ottomaanse Rijk. We zeggen altijd dat we hen komen bevrijden, maar daarna gaan we niet weg en blijven we om dezelfde mensen die we kwamen bevrijden te bevechten. Weet je, ik ben er echt van overtuigd dat de Arabieren wat pakjes democratie en wat pakjes mensenrechten uit onze winkel willen, maar ze willen ook bevrijd zijn van ons.

 

Maandag (nvda. 20 Maart) was het de derde verjaardag van de Amerikaans-geleide invasie van Irak. Hoe evalueert u de gevolgen van deze gebeurtenis op de regio? De Bush-administratie beweert dat deze invasie ook positieve effecten had door de regio te democratiseren: ziet u enige positieve effecten?

Fisk Om te beginnen is de Arabische haat tegen de VS aangescherpt als nooit tevoren. De Iraakse mensen leven in een hel vandaag. De enige mensen die van democratie genieten vandaag leven in de groene zone, zestien vierkante kilometer in het centrum van Bagdad, dit is het enige deel van Irak dat veilig is, zolang het verzet er tenminste geen raketten op afvuurt. Iraakse Ministers geven er de voorkeur aan om op tournee te gaan in het buitenland in plaats van in Irak te moeten blijven. Volgens mij zegt dat alles. Als we naar de VS kijken, zien we een land dat illegaal een ander land is binnengevallen, gebaseerd op een hoop leugens, en dat geconfronteerd wordt met een immens verzet gesteund door alle Arabieren, dat het niet onder controle krijgt. De VS lijken machteloos; met al hun militaire macht kunnen ze zelfs geen landje zo klein als Irak controleren. Ik geloof niet dat er iets goeds voor de regio is voortgekomen uit deze invasie.

 

Specifiek over Irak, wat is daar nu gaande? Komt er een burgeroorlog aan?

Fisk Nee, iemand wil wel een burgeroorlog uitlokken. Irak is geen sektaire maatschappij, het is er nooit één geweest, het is een tribale maatschappij. Vele, ik denk de meeste, huwelijken waren intersektair. (nvda. Sekte heeft in het Midden Oosten een andere betekenis dan hier. Het woord wordt gebruikt om een religieuze stroming aan te duiden. Libanon is het typevoorbeeld van een sectaire maatschappij. M.b.t. Irak wordt met sekten vooral de soennieten en de shi'iten bedoeld). Maar zoals ik zei is iemand hard aan het proberen een burgeroorlog te ontketenen. Wat er gaande is, is een enorm verzet. Misschien kan al dit gepraat over burgeroorlog de steun voor het verzet doen afnemen, maar het ziet er niet naar uit.

 

Hebt u enig idee wie er een burgeroorlog wil?

Fisk Welke instantie er een burgeroorlog wil? Wat ik zie is de nieuwe Iraakse politie die mensen ontvoert en het nieuwe ministerie van binnenlandse zaken bevolkt met militieleden. Het is het ministerie van binnenlandse zaken dat de politie en de milities financiert en wie financiert het ministerie? Inderdaad: wij, de Amerikanen en de Britten. Ik wil niet zeggen dat wij een burgeroorlog willen, maar sommige instanties willen het wel. Neem het voorbeeld van Margaret Hassan: zij werd ontvoerd door mannen in politie-uniform, anderen werden ontvoerd door mannen in legeruniform, opnieuw en opnieuw. Het is niet alsof er een groot depot in Fallujah ligt waar ze 8000 uniforms hebben, deze mannen droegen deze uniforms omdat ze soldaten en politiemannen waren. Het leger is volledig geïnfiltreerd door het verzet, maar dit is iets dat Bush niet kan toegeven: zijn volledig falen in het opbouwen van Irak.

 

Nu we het toch over het verzet hebben, kan u ons enig inzicht verschaffen in wie deze mensen eigenlijk zijn?

Fisk De ruggengraat van het verzet bestaat voornamelijk uit voormalige soldaten en officieren van het oude Iraakse leger. Ik heb drie leden van hun leiding ontmoet, waaronder de generaal die Fallujah verdedigde tijdens het Amerikaanse offensief. Toen hij me zag, vertelde hij me dat het een blij weerzien was. Ik was verstomd. Ik kon me niet herinneren deze man ooit gezien te hebben, hij vertelde mij dat hij de officier was van een Iraakse tank, die in het begin van de Iraans-Iraakse oorlog door mij was geïnterviewd, twintig jaar terug. De meeste mannen in de leiding van het verzet hebben hun ervaring opgedaan tijdens deze oorlog en velen van hen waren getraind door het Westen om tegen Iran te vechten, toen Saddam nog de ‘good guy' was. Het Al Qaeda-element is veel kleiner en het is aan de Iraki's om een regeling met hen te treffen na het vertrek van de Amerikanen, en vertrekken zullen ze. Wij zouden ons moeten richten op onderhandelen met het verzet, ze spreken namelijk onze taal, de meesten van hen zijn door ons getraind.

 

Het lijkt er op dat in deze oorlog journalisten veel meer een doelwit geworden zijn dan in enig ander recent conflict. Wie zit hier achter? Het verzet? Criminele bendes? De politie?

Fisk In de drie jaren die verstreken zijn sinds de invasie zijn er al 64 reporters vermoord, niet verwond, vermoord in Irak. Dit is meer dan het totale aantal journalisten dat vermoord werd tijdens de hele Vietnamoorlog. De dichtste vergelijking die ik kan maken is die met de situatie in Algerije gedurende de jaren negentig, waar gewone burgers, journalisten, iedereen vermoord kon worden tijdens de burgeroorlog. (nvda. Nadat bleek dat het islamistische FIS de verkiezingen zou winnen in 1991, pleegde de top van het Algerijnse leger een staatsgreep. Er begon een burgeroorlog die gekenmerkt werd door de meest brutale wreedheden van zowel de kant van de regering als die van de islamisten. Duizenden burgers werden de keel overgesneden.) Dit gezegd zijnde, heb je ook een hele hoop journalisten die in hotels in Bagdad leven en verslag uitbrengen vanuit hun kamer. Wij van The Independent reizen nog rond, maar wanneer we buiten Bagdad willen gaan, moeten we twee weken op voorhand beginnen plannen. We nemen enkel onze gidsen mee, geen bodyguards, geen milities, geen wapens. Om je vraag te beantwoorden: iedereen die een journalist doodt, is een crimineel. Weze het het verzet, de politie, een lokale bende, een stam, het leger... Het is ook goed om weten dat er geen strikte scheiding bestaat tussen deze groepen in Irak. Iemand kan politieman zijn en op hetzelfde moment bendelid of lid van het verzet zijn. Wat je moet weten is dat er een groot en sterk verzet is en dat hun ideologie een nationalistische is.

 

Het ziet er naar uit dat er een andere crisis aan het groeien is in de regio. Wat denkt u over het spelletje nucleaire blufpoker dat de VS en Iran momenteel aan het spelen zijn?

Fisk Ik vind het een zeer kinderachtig spelletje en het zou beter voor hen beiden zijn om het te beëindigen. Het is een valse crisis. Tot nu toe heeft, in tegenstelling tot wat doorgaans wordt aangenomen, Iran nog niets illegaal gedaan. Er is een andere regionale supermacht in het Midden Oosten met meer dan 200 nucleaire raketten klaar voor lancering en dat is Israel, maar dat kan ons blijkbaar niet zoveel schelen. Om de één of andere reden maken we ons meer zorgen om de Iraniërs, die tot nu geen enkel nucleair wapen hebben. In dezelfde regio is er een andere staat met een fundamentalistisch Islamistische regering, die leden van de Taliban en veel Al Qaeda-leden herbergt, die nucleaire raketten heeft en zelfs militaire geheimen heeft doorgegeven aan Khadafi (nvda. president van Libië). Deze staat is Pakistan, maar het kan ons niets schelen, want Meneer Musharaf is onze vriend. Juist zoals Saddam onze vriend was. Waarom vormt Pakistan geen gevaar? Zij hebben de bom, Iran niet, vergeet dat niet.

 

Ondertussen lijkt het alsof iedereen Bin Laden alweer vergeten is. Wordt er nog moeite gedaan om hem te vinden?

Fisk Waarom zouden ze? Als ze hem inrekenen, wat zou er dan gebeuren? Bin Laden heeft Al Qaeda gecreëerd en nu bestaat het. Het is zoals de atoombom uitvinden en dan de wetenschappers die hem gemaakt hebben arresteren. Het is te laat. Al Qaeda bestaat en hun ideeën zijn verspreid. De VS zeggen nog steeds dat ze hem zullen krijgen. Zoals ze Mladic en Karadzic gingen krijgen? Al Qaeda is niet de grote internationale organisatie die men ervan maakt, met overal slapende cellen; het is een idee, dat verspreid is over de wereld en kleine groepjes van individuele mensen beïnvloedt. Er zal niets veranderen als je het ‘hoofd' afhakt.



SMS
19/04/2006
🖋: 

Wie beweerde er nu ook weer dat de mensen last hebben van het vallen van de bladeren? Het weerhield hen er echter niet van om met allerlei grappige of absurde dingen de marge van het nieuws te halen. Wie hoopte dat er met de komst van de lente verandering ging komen, is er aan voor de moeite en krijgt er van ondergetekende nog een smalende grijns bij. Welkom in de wereld van SMS!

Duitse prostituees kunnen zich sinds kort laten omscholen tot bejaardenverzorgster. In de deelstaat Nordrhein-Westfalen hebben inmiddels dertig vrouwen zich aangemeld om deze opleiding van twee jaar aan te vatten. De organisatoren van het project zijn van mening dat prostituees de juiste kwalificaties hebben voor ouderenzorg. „Ze kunnen over het algemeen goed met mensen omgaan, ze hebben geen contactproblemen“, aldus Rita Kühn van de Diaconie Westfalen. Door de aanhoudende economische crisis in Duitsland en de grote concurrentie levert prostitutie nog maar weinig op. Veel tippelaarsters in het Ruhrgebied willen het beroep dan ook de rug toekeren. Alvast één economische sector herleeft dankzij dit nieuws. Fabrikanten kunnen naar verluid de vraag naar ouderwetse stukken zeep nu al niet meer bijhouden.

 

Spoorvorming op de Amerikaanse wegen! Uit respect (of uit noodzaak?) voor de iets gevuldere medemens heeft de stad Las Vegas beslist om haar ambulances hieraan te laten aanpassen. Daarmee volgen zij het voorbeeld van de staat Kentucky die eerder al nieuwe draagberries, maatje ‘extra-large', aanschafte. Deze kunnen een gewicht van zo'n slordige 684 kilogram torsen. De obligatoire bordjes ‘wide-loaded' en ‘haalt maar maximum 70 km/h indien geladen' kreeg men er gratis bij.

 

Een 24-jarige man uit Shanghai heeft zijn ziel op het internet te koop aangeboden. Er werd 59 keer geboden voordat de veilingsite het aanbod annuleerde omdat het de uitbaters van de site niet duidelijk was hoe de verkoop zou kunnen plaatsvinden. De man zelf verklaarde dat hij zijn ziel toch niet nodig had en dat hij ze daarom best aan iemand anders wou geven. Wendy Van Wanten is alvast geïntereseerd. Héél geïnteresseerd!

 

Een papegaai heeft in Groot-Brittannië zijn dove eigenaar van de vuurdood gered. Deze had zijn hoorapparaat uitgenomen om te gaan slapen en hoorde het brandalarm niet. De man, Peter Taylor, was duidelijk in zijn conclusie: ,,Merlin is een erg intelligente vogel, hij heeft geleerd het alarm te imiteren telkens het afging.” Dat de vogel zijn baasje enkel maar wakker kon krijgen door hem daarbij ook nog te krabben en te bijten, doet echter vermoeden dat hij nog meerdere imitaties van voorkomende praktijken ten huize Taylor uit zijn gevederde mouw kan schudden.

 

Een Amerikaanse nepchirurg moet naar de gevangenis omdat hij een bodybuilder borsten met cupmaat C gegeven heeft in plaats van de gewenste borstspierimplantaten. De ingreep vond reeds plaats in 1999, maar de Jeff Hoeyberghs-wannabe werd pas onlangs opgespoord. Ter zijner verdediging wist de beklaagde niks beters te verzinnen dan het aannemen van een selectieve doofheid en te beweren dat de gedupeerde bodybuilder had gevraagd naar een remedie waarbij het resultaat hem meer push-up's zou kunnen opleveren. Helaas voor hem had de rechter hier geen oren naar. Volgens de laatste berichten werd hij veroordeeld tot 7,5 jaar cel en het verplicht aankopen van een papegaai.



Overzet aan zet
18/04/2006
🖋: 
Auteur

Dat de Schelde, zich voortdurend herbronnende levensader van onze havenstad, niet enkel gekruist wordt door tunnel of brug (laat staan door Lange Wapper), is een gegeven door velen geweten, maar slechts door weinigen aan den lijve ondervonden. Hier en daar schieten immers witgekalkte veerponden als landtongen uit het kolkende scheldewater. Zij bewijzen vooral des weekends hun nut door wandelgrage toeristen, wielerfreaks en gewone stervelingen naar deze of gene zijde van de stroom te brengen. Zo ook te Hemiksem, alwaar een bedrijvige veerdienst om het halfuur nieuwsgierigen naar Bazel toe stuwt.

Wie bij de overzet Hemiksem-Bazel aan een gammel en onstabiel te water gelaten motorbootje denkt, komt bedrogen uit. Ook de kapitein van het veer blijkt in geen enkel opzicht een ietwat ongure afspiegeling van Kapitein Iglo te zijn. Geen afgekloven pijp, noch een door weer, wind en whisky aangetast aangezicht te bespeuren, maar wel een netjes in het pak gestoken dertiger met onder zijn commando een vijf weken oud en dus nagelnieuw schip. Dan mag een mens al eens fier zijn, stel ik vast. Kapitein Somers zeult ons wars van alle verbodstekens mee naar de machinekamer en steekt boven het gebulder van deze achtklepper een redevoering af die enkel met instemmend geknik van onze zijde afgestompt kan worden.

 

Eenmaal terug bovendeks, lichtjes teleurgesteld omdat de kapitein in kwestie geen voortdurend vloekende piraat blijkt te zijn, stuit ik als bij toeval op Roger: de verpersoonlijking van al wat scheepvaart was en nog had moeten zijn. Geboren en getogen op een binnenschip, onverstaanbaar voor zich uit mompelend en met zijn in een roze fleece gewentelde poedel op de arm, kan het haast niet anders of deze man heeft ooit nog oog in oog gestaan met afstammelingen van Moby Dick. Eenmaal aan de praat vertelt hij – enigszins verward, met lange tussenpozen en turende blikken richting horizon – een relaas recht uit het hart. “Ik heb jarenlang als binnenschipper mijnen boterham verdiend. Eerst bij mijn ouders op den boot en later as hulp bij ander. Sommige periodes... Ik stond op ne zevenhonderd tonner en wij vervoerden kerosine. Da was ne moeilijken tijd. Ge mocht daar ni smoren, da was te gevaarlijk, en daar haddek het ni makkelijk mé. Ook schoenen me stalen zolen mochte ni drage. Voenkskes é. Toen dattek drieëntwintig was emmek Maria ontmoet, die was van aan de wal. Ik wou toen heel graag, samen me haar, nen eigen boot beginnen. Daarvoor moete mé twee zen en vooral een vaarbewijs emme. Ik had da al, dus ons Maria maar probere. Ene keer, twee keer. Da ging ni. Enfin, ikke mijn plannen opgeborgen, en in de scheepsbouw gaan werken. Allé, ik heb daar van zijn leven geen spijt van gehad zene, soems wel, mo...ik zien haar veel te geire é. En na pakke wij same zo goed als elk weekend den overzet. Da gevoel van varen, die geur, da's magnifiek. Ik kan gewoonweg ni zonder.”

 

Wanneer het door lousy captain Somers behendig gemanoeuvreerde veer linkeroever bereikt en Roger en Maria zwaaiend afscheid nemen, bolt tot mijn grote verbazing een bende booster-reljeugd het dek op. Gezinnenprikkeld door dit bizarre gebeuren, wordt de pseudo-onderzoeksjournalist, niet vies van enig vooroordeel, in mij wakker. Ik voel mij geruggensteund door een dek vol getuigen, en gewapend met de gedachte dat gedurende maximaal twee minuten niemand van dit driekoppige combo aan mijn vragen kan ontsnappen, stap ik op hen af. Mijn verdorven brein verzint een alibi om schijnbaar achteloos toenadering te vinden tot deze vervaarlijk ogende jeugddelinquenten. Voorzichtig stel ik mij voor en druk hen op het hart dat ook ik ooit, in lang vervlogen tijden, een boosterbolide heb bereden. Eenmaal aanvaard, diep vanbinnen “Leve de leugen!” schreeuwend en met het hart bonzend in de keel, peil ik naar hun beweegredenen. Want wees nu eerlijk: veel valt er voor hen niet te beleven, daar te Bazel. De drie tieners, ogen op halfzeven en gniffelend zoals normaal alleen pubermeisjes dat zouden moeten kunnen, kijken elkaar beurtelings vragend aan. Waarop de leider van de gang het woord neemt en lichtjes gedegouteerd, doch met uitgestreken gezicht en kikker in de keel de ongeloofwaardige woorden “Euh van de natuur genieten enzo” stamelt. Yeah Right, denk ik bij mezelf, maar voor ik hen ongelegitimeerd verder op de rooster kan leggen starten zij hun motors en stuiven niets dan stof achterlatend weg.

 

Terug op vertrouwde bodem, rechteroever genaamd, staat een jonge moeder met haar prille kroost op het veer te wachten. Wanneer de man des huizes haar vervoegt, vertelt ze: “Deze boot, dat is pure vakantie. Vroeger, toen dat wij nog maar pas samen waren, fantaseerden wij altijd dat we hiermee naar Amerika gingen varen en dan was ik Grace Kelly, met zonnebril, wapperende sjaal en al. En de Patrick, ja, die moest dan wel Prins van Monaco spelen.” “En ge ziet met wat voor resultaat”, draagt Patrick trots zijn steentje bij tot het gesprek. “En met wat voor een resultaat”, beaam ik zachtjes. Lul.



Theater op UA
18/04/2006
🖋: 

Het was u misschien stiekem ook ontgaan. Met haar éénmaking al even achter zich vertoonde het UA-programma een culturele leemte. Tot studente Evelien Wouters aan de mouw trok van de dienst Studentenvoorzieningen en zo in een mum van tijd theatergezelschap De Bromvlieg ontstond. Eind mei waagt de groep zich op de planken van het Klein Raamtheater met de voorstelling Leda van Jan Lauwers. Neem het maar van een voorproever aan: naar een projectiel grijpen om dit insect de mond te snoeren zal niet nodig zijn.

Ze noemen zich “amateuristisch” en “groen achter de oren”. Hoewel de ervaring van de meeste acteurs inderdaad niet verder reikt dan een schooloptreden, spelen ze zwierig en overtuigend. Al gauw verandert het repetitielokaal boven Agora in een mythewereld waar de bronstige Zeus, vermomd als zwaan, mensenkind Leda verkracht. Soms is de zwanenzang zoet, soms stekelig, trots of jammerend. Terwijl het gezelschap liefde en smart op de scène brent, zorgt regisseur Mehdi Koocheki voor gevatte commentaar én een volle "vloekpot": onder het motto “een acteur die zijn tekst kent, is er twee waard” slorpt deze confituurpot twintig cent op per hapering.

 

De zes acteurs en regisseur nemen hun pionierswerk ernstig. Repetities volgen elkaar in almaar kwieker tempo op, naarmate de lakmoesproef lonkt. Hoofdrolspeelster Ciska Hoet licht al een tipje van de sluier op. “De toeschouwer kan zich verwachten aan seks, geweld en dood.” Haar personage, de sensuele Leda, heeft inderdaad scherpe kantjes. “In het begin was het even slikken om Leda's pikante taal in de mond te nemen. De regisseur wou geen régel schrappen.” Erotisch getint toneelvoer is wel didactisch verantwoord. Dit controversiële stuk schaart zich achter de theorie van de hedendaagse filosoof Bataille, die aantoont dat geweld eigen is aan ons bestaan en dat het primaire in de mens een plekje moet krijgen. De opleiding Wijsbegeerte laat ook elders haar sporen na. De twee filosofiestudenten, Evelien en Ciska, rakelden Socrates' bijnaam op en noemden hun toneelgroep naar hem, de “bromvlieg”. Net als deze verbeten vragensteller willen ze met hun stuk blijven kleven, de toeschouwers wakker schudden. “Maar toch vooral zot doen,” grinnikt Evelien Wouters alias Master of Darkness, “een functie die in een zoveelste absurde bui kwam aanwaaien”.

 

Hun voorraad is wellicht onuitputtelijk. Er verstreek dan ook geen nanoseconde bij het kiezen van hun favoriete hilarische moment. Enkele lachstuipen later krijgen ze de beruchte zin eindelijk over de lippen: “Hij was groot, en ik onvoorbereid.” Eén klik en blik op hun website en u ziet dit citaat vergezeld van fotogeniek dijengeklets. “En het dansen tijdens de repetitie en de doorzakkende stoelen en ...” Eenmaal de buikspieren tegenspartelen, neemt het groepje een plechtige toon aan en verzekert ons een “serieus stuk” te brengen volgend jaar. De muzikale acteur van het gezelschap, Erik Heestermans, wil zelf muziek componeren en de regisseur hoopt zijn eigen tekst op te voeren. Er zullen ook audities komen. Dan loenst het ambitieuze sextet weer naar de scène en elk glipt in zijn rol. Fris, vinnig, en liefst met u als publiek zaterdag 20 en zondag 21 mei.

 

 

Leda - tekst: Jan Lauwers, regie: Mehdi Koocheki
20 en 21 mei in het Klein Raamtheater
Lange Gasthuisstraat 26
VVK 3 € - Kassa 4 €
Verkrijgbaar via debromvlieg@ua.ac.be Meer info op www.ua.ac.be/debromvlieg



18/04/2006
🖋: 

Ben Harper zorgt al een dikke tien jaar voor een eigenwijze mengeling van seventies funk, doorleefde gospel en stevige soul. De man is een muzikale kameleon: hij verandert met een vingerknip van kleur, terwijl zijn essentie steeds rustig blijft doorschemeren.

Ben Harper - Both Sides of the Gun

Zo verzorgde hij bijvoorbeeld al het voorprogramma van zowel Metallica als The Fugees. Overigens, voor degenen die denken dat het dubbelalbum zijn tijd heeft gekend: gelukkig is dat fout geredeneerd. Harpers nieuweling Both Sides of the Gun is een tweedelig pièce de résistance met een zacht en een stroef kantje. Nooit klonk de charmante rocker ingetogener dan op de eerste schijf: wie een bloedmooi nummer als Happy Everafter in Your Eyes hoort, kàn niet ontkennen dat Harper een geweldige songschrijver is. Ook als muzikant staat Ben zijn mannetje: hij speelde zowat alle instrumenten (inclusief drums) op eigen houtje in. Het tweede deel van het album is in elk geval het interessantst. Harper slaat de brug tussen verschillende werelden: Black Rain klinkt bijna als hip hop, de titeltrack is pure funk en The Way You Found Me stoeit met jazzy pop. Maar ook klassieke rock is de man niet vreemd: Engraved Invitation is duidelijk een hommage aan de Rolling Stones-bluesrock en de epische hardrocker Serve Your Soul had zo op een Led Zeppelin-album kunnen prijken. Het exotische Better Way is trouwens nu al de feel-good-single van het jaar. Petje af.

 

The Vines - Vision Valley

De Australische “garagerockers” The Vines hebben weer een nieuwe verzameling ongeïnspireerde riffbeurten klaar. Vision Valley, hun derde poging tot rocken, blinkt als een opgepoetste carrosserie, maar één blik onder de motorkap verraadt het wrak dat erachter schuilgaat. Een Vinesnummer is relatief makkelijk te ontleden: twee riffs, één onveranderende beat, een repetitieve zanglijn, en dat gedurende gemiddeld twee minuutjes. Single Gross Out klinkt de eerste keer nog wel leuk, maar vanaf een tweede luisterbeurt is het huilen met de pet op. Frontman Craig Nicholls is nog steeds de specialist in puberale Nirvana-imitaties, maar jammer genoeg wil 's jongens stem niet zo goed mee. Met pseudo-punknummers die The Sex Pistols te simplistisch zouden vinden, trapt dit trio steeds opnieuw in de voorspelbaarheidsval: Anysound, Fuck Yeh, Nothin's Comin'... zoek de twee verschillen. Als ze dan toch eens proberen het tempo wat lager te leggen, zoals in het oersaaie Take Me Back, klinken ze als een bewust verstopte Blur-demo met een zeer sec Green Day-tintje. De strijkers in Going Gone zitten misschien redelijk snor en de ritmeverandering in Atmos verrast nog wel, maar voor de rest is het één en dezelfde slappe herhalingsoefening. Het kan aan een gebrek aan fantasie liggen, maar wat de platenwereld ooit in dit zootje ongeregeld heeft gezien, blijft tot op heden onduidelijk. Recycleren die handel.

 

Squeezable Future - Pro Motion

Het Antwerpse duo Squeezable Future werkt sinds 2002 aan een eigen sound en is daar op hun eerste album Pro Motion alleszins duidelijk in geslaagd. Gitarist-zanger Pisteffo en drummer Deemonkeyjazz kwamen reeds even in de media doordat ze voor de cover van hun album een bewerking hadden gemaakt van het vijftiende-eeuwse schilderij Madonna met Kind van Jean Fouquet; een slimme truc waar het KMSKA niet onmiddellijk mee kon lachen. Pro Motion behandelt naar eigen zeggen de kracht van het individu tegenover de huidige onpersoonlijke samenleving, een transformatie tot de Westerse Boeddha incluis. De aangename mengeling van lounge, pop, ambient en funk die deze jongens presenteren komt het best naar voren in Madmaks, waarin een spel tussen sferische synths, gitaareffectjes en een subtiel orgel wordt omkaderd met een jazzy in- en uitleiding. Ook het hallucinante The Box en het sferische, naar elektronica neigende Victor zijn geslaagd te noemen en de schijnbare ad lib zanglijnen in The Other Me vormen een mooi contrast met het stevigere middenstuk. Asexual combineert een groovende discobeat met een leuk improvisatie-intermezzo en funky gitaartoetsen, afsluiter Pretty Cold Feet is dan weer een zweverig maar speels jazznummer. Het fijne, soms hip hop-getinte slagwerk, de uitgekiende zangpartijen, de nodig geluidseffecten en een dEUS-knipoogje maken van dit werk een opvallend en authentiek debuut.



editoriaal
22/03/2006
🖋: 

Twee belangrijke waarden in onze democratie zijn vrije meningsuiting en persvrijheid. Het is de taak van de pers de mensen op de hoogte te brengen van wat er gaande is in de wereld. Genuanceerd, onafhankelijk, onbevooroordeeld. Feit is dat dit niet zo makkelijk is als het lijkt.

Het ‘ideaal' van een neutrale pers zal wel altijd een ideaal blijven. Zeker als neutraal wordt gelinkt aan gevoelloos en waardevrij. Een pers zonder gevoel, zonder waarden is een illusie. Journalisten worden gedreven door hun eigen waarden, journalistiek komt vaak uit de buik. Het is een passie.

 

De journalist gaat op zoek naar dat wat niet voor de hand ligt, datgene dat niet vanzelfsprekend is. Datgene dat zich achter de mooie facades afspeelt. De journalist is geen opti- of pessimist, maar een realist, die een beeld van de werkelijkheid tracht te schetsen, met al haar nuances en daarbij duidelijkheid en helderheid vooropstelt. Een journalist is geen moraalridder, die je zegt dit of dat te doen, of die je tracht te overtuigen van zijn of haar gelijk. Nee, eerder reikt hij of zij je de middelen aan die je kunnen helpen jouw eigen beeld van en mening over de werkelijkheid te vormen. Vaak komt het daarbij tot conflicten, soms regelrechte strijd. Maar net zoals de maatschappij nood heeft aan objectieve journalisten, heeft al dat geschrijf nood aan respons. Misschien lokt de journalist reacties uit, heel bewust, of ook niet. Maar dan komen we weer tot het vertrekpunt. Beter ellenlange discussies, reacties, emoties die worden losgeweekt, dan een lauwe, voorgekauwde berichtgeving, die verdwijnt in de stroom.

 

In onze hedendaagse maatschappij worden teveel mensen door eenzelfde nieuwsbron ingelicht. Een enorme verantwoordelijkheid rust op de schouders van televisiemakers en uitgeverijen. Het nieuws van zeven en de daar rond hangende reclameblokken dringen door tot ruim anderhalf miljoen zielen. Hoeveel procent van deze mensen neemt echter de tijd om eens een andere bron te raadplegen en het nieuws in z'n ruimere context te interpreteren? We moeten er ons van bewust zijn dat de nieuwsberichtgeving past in commerciële strategieën, evengoed als je favoriete televisiequiz.

 

Deze maand in dwars een interview met een Vlaams Belang Jongere in de leeuwenkuil, de zoektocht naar gezellige, maar betaalbare eetgelegenheden in de binnenstad en een duik in de Antwerpse Ruien. Verder trokken onze reporters naar Leuven, interviewden ze de top van Acco en legden een kot met een verhaal vast op de gevoelige plaat. Als kers op de taart een fotoreportage over een Antwerpse synagoge en de vaste film- en muziekbesprekingen, fictiecolumn en puzzel.



De Leeuwenkuil
20/03/2006
🖋: 

In de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen van 2006 legt dwars jonge politici op de rooster. Wij gaan op zoek naar hun drijfveren en ambities, we willen weten wat hen voor hun partij doet kiezen. Wat betekent het om vandaag jong te zijn in de politiek? Deze maand spraken we met een informaticastudent van de Karel de Grote-Hogeschool: Kristof de Bock (19) van het Vlaams Belang.

Waarom heb je voor het Vlaams Belang gekozen?

Kristof de Bock Rond mijn vijftiende kwam ik via mijn vriendenkring in contact met het Vlaams nationalistisch gedachtegoed. Ik ben mij erin gaan verdiepen en kwam zo al snel bij het VB uit. Dat was en is de enige echte Vlaamse partij. De VU (die ondertussen opgesplitst is in N-VA en Spirit) was te klein, te rommelig en te federalistisch. Ik wil dat Vlaanderen onafhankelijk wordt. Er zijn allerlei redenen om België te laten barsten. Denk maar aan de geldtransfers naar Wallonië. Er is ook het feit dat we twee verschillende volkeren zijn. Als we Brussel een tweetalig statuut geven, zullen Franstalige Brusselaars die rationeel nadenken trouwens zeker voor Vlaanderen kiezen. Op economisch vlak lijkt dit me evident en ook cultureel gezien heeft Brussel weinig met Wallonië te maken.

 

In tegenstelling tot de andere jongeren die we in De Leeuwenkuil hebben geïnterviewd, bleken de jonge VB-ers niet happig voor een interview. Is dat niet in contradictie met het engagement dat jullie binnen de partij aangaan?

de Bock Het is niet vanzelfsprekend er openlijk voor uit te komen dat je lid bent van de partij. Mensen stemmen wel voor ons maar komen er niet altijd graag voor uit. We hebben het ook moeilijk om mandatarissen te vinden om op de lijsten te staan. Ze zijn bang voor hun werk en zeker studenten willen niet dat hun docenten het weten. Je wordt nog steeds scheef aangekeken als je rechtse overtuigingen hebt. Eens we aan de macht zijn, zal dat gemakkelijker worden, we worden nu te veel gediaboliseerd. Ik hoop dat iedereen er binnenkort openlijk trots op kan zijn.

 

Wat is je huidige functie binnen de partij?

de Bock Ik heb in Berchem een bestuursfunctie, ik schrijf teksten over de lokale politiek en zorg voor het webbeheer. In Antwerpen zelf ben ik secretaris van VB-Jongeren. Bij de volgende verkiezingen zal ik op de districtslijst staan in Berchem. Wat de toekomst betreft zullen we wel zien. Als ik de kans krijg om in de politiek te gaan na mijn studie, zal ik dat uiteraard doen. Mijn studie combineren met politiek zorgt voor een druk leven. Ik moet regelmatig naar vergaderingen en we organiseren allerlei activiteiten. We richten debatten in, film- en vormingsavonden en we nodigen sprekers uit. Binnenkort komt Anke Vandermeersch bijvoorbeeld praten over de vrouw in de politiek en worden we geïnformeerd over de rechten en de plichten van de militant, over wat er wel en niet kan tijdens de verkiezingen.

 

Naast Karim Van Overmeiren bewonder je Filip Dewinter. Nochtans is hij geen onbeschreven blad. In zijn jeugd is hij actief geweest bij het NSV, een extreem rechtse organisatie die het geweld niet schuwt.

de Bock Dat is al erg lang geleden. Je moet dat ook in zijn tijd en context zien. Als je jong bent, ben je sowieso wat radicaler en ook de tijden zijn veranderd.

 

Nochtans geldt dat blijkbaar niet voor iedereen. Jouw ondervoorzitter Tanguy Veys is eind jaren negentig -niet zo heel lang geleden dus- veroordeeld omdat hij een linkse student had geslagen.

de Bock Daar ben ik niet van op de hoogte.

 

In elk geval herbergt jullie partij een aantal mensen met zeer extreme standpunten. Denk maar aan Luc Vermeulen van Voorpost of Roeland Raes die enkele jaren geleden de Holocaust minimaliseerde op de Nederlandse televisie. Niet alleen moet dit tot interne tegenstellingen leiden, het is ook een van de redenen voor andere politieke partijen om samenwerking met het Vlaams Belang uit te sluiten.

de Bock Ten eerste voelen die mensen zich -ondanks hun soms wat radicale meningen- zeker op hun plaats binnen onze partij. Er is absoluut geen sprake van een conflict tussen gematigd en extreem. Ten tweede denk ik dat het feit dat andere partijen niet met ons willen samenwerken heel andere redenen heeft. Links wil in Vlaanderen gewoon aan de macht blijven. Wij hebben helemaal niet zo'n extreme standpunten. Onze visie op migratie ligt in het verlengde van het Vlaams nationalisme. We willen een degelijk migratiebeleid en een onafhankelijk Vlaanderen. Is dat nu zo extreem? Onze programmapunten hebben duidelijk succes bij de bevolking. Mensen kunnen zich erin terugvinden.

 

Noem eens een aantal punten die je op lokaal vlak zou willen realiseren.

de Bock In Berchem is het groene park 'Brilschans' helemaal aan het verloederen. Mensen die daar elke dag voorbijkomen ergeren zich er enorm aan. We zitten er ook met een parkeerprobleem. Het is belangrijk dat de buurten er mooi en proper blijven. Dat zijn kleine punten maar de bewoners zijn er wel mee bezig. In Antwerpen zelf moet de overlast aangepakt worden. Zaken als sluikstort maar ook illegalen leveren problemen op. We willen er terug een nette en leefbare havenstad van maken.

 

Iedereen wil een aangename stad. De visies over de manier waarop je dit bereikt lopen weliswaar uiteen. Hoe denk je de problemen concreet aan te pakken?

de Bock Iemand als Erwin Pairon van Groen! zei onlangs nog dat hij aan sluikstorten niks kan doen. Met zo'n attitude kom je er natuurlijk niet. Er moet meer blauw op straat. De politie is veel te veel met paperassen bezig, ze zitten vooral achter hun PC en dat is verkeerd. Momenteel zie je de lege combi's voor de deur van het politiebureau staan, dat kan toch niet? Er moet meer contact met de bevolking zijn. We moeten terug naar een soort dorpsagent. Veel mensen melden kleine diefstallen niet omdat de afstand met de politie zo groot is.

 

In het Amerikaanse blad 'Jewish Week' noemde Filip Dewinter jullie partij islamofoob. Hoe sta jij daar tegenover?

de Bock We zijn niet xenofoob maar er is inderdaad sprake van een zekere angst voor de Islam. Die religie is niet compatibel met de democratie, noch met de Europese en Vlaamse waarden. Verhofstadt heeft dit trouwens zelf nog gezegd in zijn burgermanifesten maar toen kraaide er geen haan naar. We moeten uitgaan van een scheiding tussen kerk en staat, van gelijkheid tussen man en vrouw. Binnen de katholieke kerk is dit bijvoorbeeld een minder groot probleem. Voor alle duidelijkheid: ik ben het er niet mee eens dat vrouwen geen priester mogen worden maar je kan het katholieke geloof en de Kerk bij ons apart van elkaar zien. Dat kan van de Islam niet gezegd worden. De multiculturele samenleving heeft trouwens nooit gewerkt. Er ontstaan altijd conflicten, kijk maar naar de buurten waar veel allochtonen samenwonen. Iedereen ziet toch dat dat niet werkt?

 

Heb je oplossingen voor die probleembuurten?

de Bock Het kan niet altijd van één kant komen. De grote meerderheid wil zich niet integreren. Kijk maar naar de betoging op de Groenplaats naar aanleiding van de ‘Mohammedcartoons'. Als je erbij wil horen, moet je je eigen cultuur achter je laten. De Islam moeten ze ook voor een deel laten vallen, zeker als levenswijze. Als godsdienst moet het nog wel kunnen. Imams die haat prediken zijn ook not done, die moeten worden uitgewezen. Enfin, ze moeten zich verbinden met de Vlaamse gemeenschap. Ons standpunt hieromtrent is uiteindelijk duidelijk: aanpassen of terugkeren.

 

Allochtonen moeten volgens jou assimileren. Is dat ook zo voor de orthodoxe joden in Antwerpen?

de Bock Zij zijn een minderheid en zorgen niet voor overlast. We moeten hen dan ook niet als en gevaar zien maar in principe geldt dat voor iedereen, ja. Kijk, wij houden ons bezig met wat er bij de mensen leeft. Er bestaat een band tussen etniciteit en criminaliteit. Gerolf Annemans heeft er trouwens onlangs nog een boek met de titel ‘Het Dwaze Taboe' over gepubliceerd. Uit de cijfers van de gevangenis in Antwerpen blijkt dat 38 procent van de gevangenen een andere nationaliteit heeft.

 

Hangen dergelijke cijfers dan niet samen met bijvoorbeeld sociale problemen en armoede?

de Bock De werkloosheid onder de allochtonen is toch niet de schuld van de hardwerkende Vlaming? Als je geen hoog diploma hebt, is het logisch dat je geen hoge functie kan bekleden. Je bent altijd zelf verantwoordelijk voor sociale achterstelling.



Antwerpse eetgelegenheden onder de loep
20/03/2006

Als kotstudent is het vaak niet eenvoudig om je budget te beheren. Je krijgt een vast bedrag van thuis uit en daarmee moet je zien te overleven. De verleidingen zijn groot, de uitgaven ook, daarom worden er prioriteiten gesteld. Hierdoor komt de factor eten vaak onderaan de lijst te staan. Gevolg: een eenzijdig pastadieet. We zouden je natuurlijk naar de dichtstbijzijnde frituur kunnen sturen, maar we zochten naar beter.

Voor diegenen die op zoek zijn naar enige variatie, kan het studentenrestaurant 'ten Prinsenhove' misschien een alternatief bieden. Elke middag bieden zij naast de weekschotel van drie euro en de klassieke steak met frietjes, een uitgebalanceerd menu aan 2,70 euro. Bij het opstellen van de menu's wordt er zowel met carnivoren als met vegetariërs rekening gehouden. Bij elke warme schotel kan men bovendien kiezen uit aardappelen, rijst, puree en pasta, en dit à volonté! Indien je 's middags liever een koude maaltijd nuttigt, biedt ten Prinsenhove ook rauwkostschotels en broodjes aan. Er worden gratis sauzen ter beschikking gesteld om de maaltijden te verfijnen. Voor de grote eters en de levensgenieters worden er ook allerlei desserten aangeboden, gaande van gezond fruit tot chocomousse en taart. Eten en drinken gaan onvermijdelijk gepaard met elkaar. Daarom wordt er gratis plat water ter beschikking gesteld, wie iets anders wenst kan dit verkrijgen aan zeer studentikoze prijzen. Het studentenrestaurant is zeer gemakkelijk te vinden en is herkenbaar aan de speciale blauwe borden die de inkom en de muren van het restaurant sieren. Studenten die toch krap bij kas zouden zitten kunnen zich eventueel bij het studentenrestaurant aanbieden als werkkracht, want naast het voorzien van deftige maaltijden, zorgen zij ook voor een aantal studentenjobs. Het enige minpunt dat we kunnen bedenken zijn de openingsuren: spijtig dat we hier s'avonds niet terechtkunnen. Maar niet getreurd, hiervoor zijn we op zoek gegaan naar andere budgetvriendelijke plekjes...

 

In dit nostalgische eetcafé vlakbij de Stadscapus kan je de hele dag terecht voor een goedkope hap. De gemakkelijke ligging en de huiselijkheid trekken menig student en professor aan. Een mengelmoes van kunstenaars van de Academie, kapiteins van de Hoge Zeevaartschool en academici van de Universiteit komt hier voor een drankje of een heerlijke maaltijd. Adria, eigenares, ontvangt al zeventien jaar hartelijk de kotstudenten waarvan de kookkunsten te wensen overlaten. Het interieur van een bruin café maakt van 't Lastig Portret een volkse en sfeervolle ontmoetingsplaats. Op een groot krijtbord staan alle culinaire werken tentoongesteld. Gerechten die evengoed door je mama op grootmoeders wijze bereid worden passeren de revue. Voor 7,5 euro geniet je van een stevige dagschotel. Gegratineerde pasta met zalm, gemarineerde spare ribs of beuling met appelspijs zijn enkelen van de suggesties. Ook voor een doordeweekse spaghetti ben je aan het goede adres. Voor de vegetariërs is er een gevarieerd aanbod. Wie even de honger wil stillen met een verse dagsoep is slecht twee euro kwijt. Sinds november kan je er ook voor een grotere groep terecht. Op de eerste verdieping kan je gezellig met je medestudenten tafelen. Voorwaarde voor de democratische prijzen is dat je zelf ober speelt. Je bord en bestek ga je zelf van de toog halen. Hier voel je je letterlijk en figuurlijk onmiddellijk thuis.

 

In de gezellige straatjes rond het Conscienceplein treffen we La Cuisine. Dit is niet het nieuwe, hippe haute cuisine restaurant van Antwerpen maar het is er zeker niet minder gezellig om. Hier schuilt het grootste bewijs dat goedkoop niet ontegensprekelijk gelijk staat aan ongezond. La Cuisine is een leerwerkatelier van het TISO (Tewerkstellingsinitiatieven Stedelijk Onderwijs). TISO heeft als hoofddoel laaggeschoolde en moeilijk in het arbeidscircuit op te nemen jongeren te begeleiden in hun zoektocht naar een job. Dit gebeurt door het aanbieden van aangepaste opleidingen gecombineerd met betaalde werkervaring en gespecialiseerde trajectbegeleiding buiten de normale schooltijd. Dit brugproject van de Vlaamse Overheid leert een aantal jongeren de kneepjes van het vak. Chefkoks in spe krijgen hier de kans om alvast te oefenen. Ze serveren elke dag een vers menu. Voor soep, een hoofdgerecht en een dessert betaal je slechts zeven euro. Hiervoor kan je nauwelijks zelf koken. Naast de dagschotel is er ook een vaste menukaart. Chilli con carne voor een luttele vier euro. Het duurste gerecht op de kaart is een zalmfilet met tagliatelle in witte wijnsaus en hiervoor tel je 5,21 euro neer. Een glaasje wijn erbij kost je één euro. Je kunt er elke weekdag behalve woensdag terecht. Van 12u tot 20u doorlopend. Smakelijk!

 

 

La Cuisine
St Pieter en Paulusstraat 7
2000 Antwerpen

 

't Lastig Portret
Blindestraat 1
2000 Antwerpen

 

Studentenrestaurant 'ten Prinsenhove'
Koningstraat 8
2000 Antwerpen



De ruien van Antwerpen verkend
20/03/2006
🖋: 

Antwerpen heeft er sinds 2005 een toeristische trekpleister bij. Vorig jaar werd met de opening van het Ruihuis aan de Suikerrui, het oude ruienstelsel van de historische binnenstad opnieuw toegankelijk gemaakt voor het grote publiek. De respons van de Sinjoren hierop was groot. Zo groot dat men al enkele weken of maanden geduld moet hebben om een plaats te kunnen boeken voor een rondleiding. Aangezien de termen ‘passie’, ‘Antwerpen’ en ‘geschiedenis’ bij mij nogal vaak uitgesproken worden in één zin, kon een bezoek niet uitblijven.

Dat het behoorlijk druk kan zijn tijdens weekends of verlofperiodes kan onze gids alleen maar bevestigen. Tijdens weekdagen daarentegen valt dit heel goed mee. Mijn metgezel en ik hebben het geweten. We waren de enige bezoekers die namiddag waardoor we het bijna letterlijk “onze” rondleiding konden noemen.

 

Een rui mag niet verward worden met een riool. Ze doet dienst als afwatering voor regenwater en aanvoer van schoon water en kon tijdens de Middeleeuwen zelfs dienen als verdedigingslijn. Door de verscheidene stadsuitbreidingen werd ook het netwerk van ruien, vlieten en vesten steeds verder uitgebreid. Deze kronkelden zich rond en door de stad en waren toen nog niet overwelfd. Toen Antwerpen tijdens de achttiende en negentiende eeuw steeds meer te kampen kreeg met almaar terugkerende epidemieën van cholera, tyfus, pokken of dysenterie ging men de oorzaak hiervan zoeken in kwalijke dampen, afkomstig van de open ruien, vlieten en vesten. Hoewel de stad haar burgers altijd verboden had om hun afval in de ruien te slingeren, klaagden vele mensen over de stank van de ruien. De stad wou de zaak ter harte nemen, maar beschikte niet over het nodige geld om alle ruien te laten overwelven. Daarom mochten particulieren het deel van de ruien dat voor hun deur liep, op eigen kosten laten overwelven als zij een degelijk bouwplan konden voorleggen. Daarbij zorgde iedereen er wel voor dat alle afvoerkanalen voor afval uitkwamen in de ruien waardoor deze uitgroeiden tot ‘'echte' riolen. Vanaf 2000 begon Aquafin met het bouwen van nieuwe afvalwatercollectoren en probeerde men het rioolwater opnieuw te scheiden van het regenwater. Met succes, want sindsdien loopt het rioolwater in aparte buizen doorheen de ruien.

 

Het pad dat we zullen volgen, strekt zich uit van de Suikerrui tot ongeveer aan de Sint-Paulusplaats. Hierbij lopen we onder de Grote Markt, inclusief enkele woonblokken, de Melkmarkt, de Stadsbibliotheek, het Hendrik Conscienceplein, de Carolus Borromeuskerk, de vroegere Wijngaardbrug, de Minderbroedersrui en de Sint-Paulusstraat door.

 

Na het aantrekken van een gepaste plunje, dalen we af naar de Suikerrui. Onder ons bevindt zich het klaterende en verrassend heldere water van de volop in gebruik zijnde rui. Vooraleer ik in het bootje stap dat me een tiental meter verder op drogere bodem zal afzetten, zoekt de gids met zijn licht in het water nog naar kleine stekelbaarsjes. Vandaag hebben we wat dat betreft pech, maar verderop zullen er nog kansen genoeg zijn om de plaatselijke fauna te bekijken. Ik bedwing de kinderlijke reflex mijn metgezel uit te dagen om van het water te proeven en concentreer mij op de uitleg van de gids.

 

de Suikerrui ondergronds (© Jonas Vincken | dwars)Al van bij het begin komt de gids terug op het feit dat de meeste stukken van de overwelfde ruien aangelegd en gebouwd zijn op kosten van en aan de hand van individuele plannen van de rijkere ruibewoners. Het resultaat hiervan was typisch Belgisch: de verschillende stukken tonen een grote verscheidenheid aan soorten gewelven, bouwstijlen en gebruikte materialen. Deze architecturale variatie biedt wel een pittoresk aanzicht. We komen ook veel bogen tegen die vroeger de rand van een brug over de ruien hadden gevormd. Aan de vormen en kleuren van de gebruikte stenen is duidelijk te zien dat men in de loop der eeuwen veel bijgebouwd heeft. Toch valt heel dikwijls de volmaaktheid van de plafonds en de doorgangen op. Bij de uiteindelijke afwerking heeft men er naar gestreefd om de doorstroming van het water zo vlot mogelijk te laten verlopen. Concreet houdt dit in dat de rui overal even breed werd gehouden zodat er geen hoekjes zouden komen waarachter het slib of het afval zich zou kunnen opstapelen.

 

Onderweg komen we ook een aantal schoorstenen tegen. Deze werden, dikwijls te midden van huizenblokken, gebouwd zodat er een degelijke verluchting gegarandeerd kon worden. In één ervan kan je zelfs door middel van spiegels een glimp opvangen van het noordelijke zijportaal van de kathedraal. Ter hoogte van de Melkmarkt wijst de gids ons op het vele spinrag dat aanwezig is tegen de wanden. Dankzij de constante vochtigheid en temperatuur van 10 tot 13°C kunnen hier spinnensoorten overleven die je bovengronds alleen maar terugvindt in vochtige gebergtestreken. Hoewel het Kiel hier nog een heel eind vandaan ligt, doorkruist af en toe een rat de lichtbundel van onze lampen. Er wordt soms gezegd dat er hier meer ratten leven dan er bovengronds mensen rondlopen, maar deze vlieger gaat niet op voor de ruien. Omdat het geen riool meer is, is er nog maar weinig voedsel aanwezig voor knaagdieren waardoor het voor hen hier niet zo interessant toeven is. Onze gids voegt hier nog aan toe: “Tzénner klèntjes. Dju, zèmme gejoengd.” Dieren die hier dan weer wel goed gedijen zijn bijvoorbeeld de zogenaamde véttege varkskes (Antwerpse woord voor pissebedden).

 

Ondertussen blijven de verschillende architecturale stijlen en materialen elkaar opvolgen. De bezoeker kan dankzij de straatnaambordjes, die er al zo'n 150 jaar geleden bevestigd werden, perfect volgen waar hij zich ergens zes meter onder de stad bevindt. Daarnaast valt er ook uit af te leiden hoeveel bruggetjes er vroeger waren in de stad zelf. We laten de Melkmarkt achter ons en wandelen door tot aan het bordje ‘'Jezuïetenplein' (de vroegere benaming voor het huidige Hendrik Conscienceplein). De vroegere Jezuïetenrui werd overwelfd toen werd begonnen aan de bouw van de Carolus Borromeuskerk, één van de mooiste staaltjes van barok in onze stad. Als er bovengronds pracht, praal en grandeur uitgestraald kon worden, dan mocht dit ondergronds ook, redeneerden de jezuïeten blijkbaar. Hun stukje rui werd aangelegd in peperdure witte Balegemse stenen. Na de bocht die we hier nemen, om vervolgens het tracé van de Minderbroedersrui te volgen, kruisen andere stukken rui onze weg die (nog) niet toegankelijk zijn voor het publiek. Eén daarvan, die afkomstig is van de Katelijnevest en de Meir en net volgt achter de bocht van de Carolus Borromeuskerk, bevat nog een interessant detail. In de wand is een opening aangebracht die uitkomt in de crypte van de voornoemde kerk. Tijdens WO I werden langs deze weg voedingswaren de stad in gesmokkeld om de noodlijdende bevolking te kunnen bevoorraden buiten de wil om van de Duitse bezetters. Kwatongen beweerden ook wel eens dat langs deze weg de monniken uit daarboven gelegen jezuïetenklooster zich 's nachts ongemerkt naar de meisjes van plezier begaven.

 

Na enige tijd de Minderbroedersrui te hebben gevolgd komen we bijna bij het einde uit op een indrukwekkend kruispunt van gangen, de zogenaamde '‘kapel'. De overdekte ruimte hier is groots in alle opzichten. Dankzij de aanwezige kolommen en steunberen waant men zich in de catacomben van Parijs of Rome. Dat er vroeger al mensen waren die onder de indruk kwamen van deze plek, wordt al snel duidelijk als de gids een paar oude wijnflessen en glazen bijlicht. Ergens in het laatste decennium van de negentiende eeuw was er een groep Engelse ingenieurs in de ruien afgedaald om de structuur en de architectuur ervan te bestuderen. De omgeving van ‘de 'kapel' was hen zo goed bevallen dat ze besloten om er een feestje te houden, waarbij het eten door de mangaten van de straat via manden aan touwen naar beneden werd gelaten. Een undergroundparty avant la lettre, me dunkt.

 

De meeste rondleidingen eindigen hier, maar onze gids vraagt of wij zin hebben om nog een eindje verder te lopen in de richting van de vroegere Koolvliet. Bij het rechttrekken van de Scheldekaaien na 1881 moesten alle vlieten, kleine inhammen van water aan de oevers van de stad die ook onderhevig waren aan het tij, verdwijnen. Enkele straatnaamborden doen ons daar nog aan herinneren, zoals de Sint-Jansvliet, de Waalse en Vlaamse kaai, de Brouwersvliet en dus ook de Koolvliet. Ook hier passeren we onder andere de in het oog springende overwelving die uitgevoerd werd in opdracht van de dominicanen van Sint-Paulus en nog een hele oude en (nog?) niet-toegankelijke andere rui die evenwijdig loopt met de kaaien en zo de ruiencirkel rondom de stadskern van het historische Antwerpen naar de Suikerrui toe omsluit. We kunnen ook nog de boog zien waar vroeger de rui uitmondde in de vliet. Onze gang, echter, loopt dood aan een schuif die het verzamelde water van de collector onder de kaaien van ons scheidt. Letterlijk en figuurlijk het eindpunt van onze ondergrondse tocht. We keren een stukje op onze schreden terug en beklimmen de trappen die uitkomen in het Stadsmagazijn aan de Keistraat, hartje Schipperskwartier. Ik wrijf in m'n ogen om terug te wennen aan het zonlicht. Het was die dag ongeveer 3°C warm en de lucht zat vergeven van de CO². Ik wist dan al dat het eerste wat mensen mij over mijn bezoek aan de ruien zouden vragen, zou zijn of het daar beneden niet verschrikkelijk stonk. Wel, dat viel nog heel goed mee!