het laatste woord

20/05/2025
HLW: NOSTALGIE
🖋: 

Je zal het maar voorhebben: het ligt op het puntje van je tong en toch kan je er niet opkomen. Dat ene woord ontglipt je keer op keer. Ook dit jaar schiet dwars alle schlemielen in zulke navrante situaties onverdroten te hulp. Maandelijks laten we ons licht schijnen op een woord waar de meest vreemde betekenis, de meest rocamboleske herkomst of de grappigste verhalen achter schuilgaan. Met deze laatste dwarseditie van het jaar voelen we de nostalgie opkomen.

Het academiejaar loopt op zijn einde en de tijd gaat verder, of we dat nu willen of niet. Vaak kijken we terug naar het verleden en wensen we weemoedig om terug te keren naar die goede oude tijd. Dit gemis, dit verlangen naar het verleden is het gevoel van nostalgie. Het is die ene zomerdag tien jaar geleden, wanneer herexamens nog iets van de verre toekomst waren en je nog niet moest nadenken over wat je wilde doen met je leven. Het is die eerste schooldag, waar alles nog mogelijk leek, het eerste gesprek met die vrienden die je jaren later nog zou hebben. Het is een vakantiebestemming, een eerste kus, het huis waarin je opgroeide, een kinderfilm, een stuk speelgoed: we kennen het gevoel allemaal wel. Nostalgie lijkt soms onherroepelijk verbonden te zijn met herinneringen en wordt ook vaak beschreven als heimwee naar het verleden.

Er lijkt een zekere droefheid in het woord te zitten: het geeft het idee dat je iets bent kwijtgeraakt wat nooit meer zal terugkomen. Die betekenis zit ook letterlijk in de etymologie: ‘nostalgie’ is opgebouwd uit twee Griekse woorden, nostos en algos. Nostos betekent ‘terugkeer’, algos ‘droefheid’ of ‘pijn’. Het verdriet dat samengaat met een terugkeer, dus. In het verleden was het zelfs zo negatief dat het werd gezien als een ernstige medische aandoening: nostalgie zou het zenuwsysteem zodanig kunnen aantasten dat het kon leiden tot de dood. Toen was er ook een sterke associatie met het vaderland; zij die leden aan nostalgie misten hun geboortegrond zo sterk dat ze er ziek van werden. Vandaag de dag heeft nostalgie niet meer die sterke associatie met een vaderland, maar eerder met herinneringen uit een ver verleden.

Toch hoeft nostalgie niet altijd negatief te zijn. Af en toe kunnen de herinneringen aan het verleden ook een glimlach opwekken in plaats van een traan. Je mag die tijd dan wel missen, maar eraan terugdenken is toch lang niet zo slecht. Mensen zoeken zelfs bewust nostalgie op: ze herbekijken films uit hun jeugd of staan uren in de wachtrij voor tickets van de K3-reünie. Daarnaast is er zelfs onderzoek dat zegt dat nostalgie je optimistischer, creatiever en energetischer kan maken en je kan aanzetten om je doelen na te jagen. De volgende keer dat je je nog eens nostalgisch voelt, hoef je dus niet per se vast te zitten in het verleden: het kan je ook positieve gevoelens bezorgen die het heden toch zonniger maken.



poëzie

20/05/2025
HLW: NOSTALGIE
🖋: 

daar: de geesten, verlaten, vergeten

dansen in de leegte

vereren het goddelijke weten

knielen aan het altaar van het eenzame verleden

 

daar: een hart, vereeuwigd, verborgen

klopt het ritme van het kleine gemis

slaat de beat van het eeuwige lied

zucht een gefluisterde lach in de duisternis

 

daar: een afscheid, prachtig, nostalgisch

verzacht onze schaduwen

verstrengelt onze bebloede vingers

met een enkele adem

een half gedicht van stilte en geloof



recensie

20/05/2025
PEAK SEASON
🖋: 

Moderniteit wordt al eens gekenmerkt door haar 'voorbijgaande aard'. Er is niet echt een plan, alles kan alle richtingen uit en die vrijheid is zonder meer fascinerend. Maar ook vluchtig en soms op het randje van waardeloos. Daarbij komt dat we na een lange periode waarin de Verlichting de toon aangeeft langzaam collectief tot de conclusie lijken te komen dat deze visie toch tekortschiet. Een soeverein optreden tegenover het leven louter aan de hand van analyse, wetenschap en berekening, blijkt vooral de kortste weg naar vervreemding van alles wat echt belangrijk is. En wat is nu ook alweer echt belangrijk voor ons?

Enter Peak Season, een Amerikaanse indiefilm die ons introduceert tot Amy Jimenez (Claudia Restrepo), een dappere dame die deze tweestrijd onbevangen te lijf gaat in een bescheiden maar impactvol liefdesdrama. Online wordt de film als volgt samengevat: “Amy vormt in New York een koppel met Max (Ben Coleman). Ze koesteren trouwplannen en nemen even vrijaf van hun drukke bestaan. Geen betere plek om bij te komen dan het stadje Jackson Hole in berg achtig Wyoming. Terwijl Amy haar carrière voorlopig op een zijspoor heeft gezet, is Max niet achter zijn computer weg te slaan. Een ontmoeting met Loren (Derrick Joseph DeBlasis), een allround gids die haar de beginselen van het vliegvissen bijbrengt, opent voor Amy een mogelijk nieuw perspectief.” Ze hebben een duidelijke klik en wanneer Max voor zaken terugkeert naar New York, hebben de twee achterblijvers het rijk voor zich alleen...

Het lijkt misschien cliché, maar Amerikaanse films met relatief lage budgetten – laten we zeggen minder dan 10 miljoen dollar – doen wel vaker anders aan dan we gewoon zijn van de grote Verenigde Staten. Ze laten een erg divers land zien, vol inzicht in de hedendaagse tijdsgeest en Peak Season past opnieuw in dat rijtje. Microdosing, crossfit, ketamine, trainen voor een halve marathon, van werk veranderen… Het passeert allemaal de revue in een waardige context en voelt universeel aan, precies zoals het vandaag de dag vaak gebeurt binnen de verkenningstocht van jonge, intelligente mensen.

Stad en natuur worden gewikt en gewogen; tijd, druk en inertie intens ervaren; gevoelens nadrukkelijk overdacht. Het is een korte film, maar voor mij verdampt hij in zijn eenvoud net naar de essentie.

Bovenal toont de film de Verenigde Staten nog eens in dat andere licht. Die mooie, prachtige VS worden zowel cinematografisch als narratologisch weergegeven. Een van de mooiste landen op aarde, met een unieke drang naar vrijheid. Alles samen is deze film een bijzondere aanrader, alleen, met twee, of zelfs met drie.

★★★★

Peak Season, 4 juni 2025 in de cinema



editoriaal

20/05/2025
OP DE LAT
🖋: 
Auteur

Binnenkort is de ontknoping van het tweede semester: de examenperiode. Een maand lang draait onze studentikoze leefwereld om niets anders dan presteren. Ieder voor zich, de persoon die zijn samenvatting doorstuurt voor ons allen. Niet meer iets leren, enkel iets doornemen om het zo goed mogelijk te reproduceren en het daarna weer vluchtig te vergeten. Er is druk en we hebben het druk. Maar is dat eigenlijk wel terecht?

“Het is niet het einde van de wereld als je het niet haalt.” Dat hebben anderen je vast al vaak genoeg verteld. Ik zeg liever verwarrende dingen zoals: het is een strijd die je toch niet kan winnen. Jij tegen de leerstof, tegen het examen, de prof, tegen anderen. Maar bovenal: jij tegen jezelf. Ik herhaal: een strijd die je niet kan winnen. Je gaat nooit 100% tevreden zijn. Je kan jezelf niet verslaan. Niet in theorie en niet in praktijk.

Toch blijf je vechten voor die tevredenheid. “Als ik nu maar hard genoeg mijn best doe, dan ben ik daarna tevreden.” Maar als je het eenmaal haalt, verschuift de lat — bewust of onbewust. Steeds opnieuw, net zolang tot je denkt dat hij hoog genoeg ligt... Tot je hem wéér hoger legt. Tot je ziet dat anderen hun lat nóg hoger leggen. Of tot anderen zeggen dat jij die van jou hoger moet leggen. Je leeft in een continuüm van uitkijken naar tevredenheid, naar dat moment waarop je eindelijk hét bereikt.

Maar hét komt niet later. Hét komt nooit. Als er al een hét bestaat, dan is het nu. Nu heb je meer bereikt dan ooit tevoren. En morgen? Dan heb je, alles opgeteld, sowieso méér bereikt dan vandaag.

Of je nu uitstelt, toch probeert te studeren of gepland pauzeert: je gaat vooruit. Dichter naar je doelen, dichter naar geslaagde examens. Dichter naar vakantie in augustus. Maak na het voltooien van je planning of to-dolijst niet gelijk een nieuwe. Laat de lat even liggen waar hij ligt. Sta na het behalen van een doel — of het nu één uur studeren, een hele dag of het halen van een examen of diploma is — even stil. Gewoon stil. Zen. Net als je nu wacht op mijn volgende zin van dit verhaal: relax, de volgende komt wel. Bedenk waar je vandaan komt, sta even op de lat voor je hem opnieuw verlegt.

De examens voelen als een eeuwige strijd tegen jezelf en (je eigen) verwachtingen. Het is moeilijk. Het gaat niet om punten. Je bent niet je punt. Niet je gemiddelde. Niet de optelsom van juiste of foute antwoorden. Je bent een mens. Niet perfect afgerond. Sta even stil. Niet omdat het moet, maar omdat het mag. En als ik je dan toch raad geef: lees dwarsdwars door het moeten heen.



studentenleven

20/05/2025
ALLEEN, MAAR NIET DE ENIGE
🖋: 

Na een aantal jaren studeren in de mooie stad Antwerpen ben ik tot een conclusie gekomen: ik voel me hier eenzaam. Dat voelt als iets vreemds om te zeggen. Ik ben nog maar 23 lentes jong en ik sta aan het begin van mijn leven. Op papier zou alles moeten kloppen. Ik volg een goede opleiding, woon in een stad vol mogelijkheden en heb duizenden mensen om me heen. En toch voel ik me vaak alleen, of het nu in de stilte van mijn kot is of in de drukte van de collegezaal. Iedereen vertelt je altijd dat je studententijd de mooiste tijd van je leven is, maar als je elke dag alleen doorbrengt op je kot, is dat moeilijk om te geloven.

Eenzaamheid ontstaat wanneer je iets tekortkomt in je verbinding met andere mensen. Het is meer dan alleen zijn; het is de ervaring van een gemis, ook al ben je omringd door anderen. Je kunt iedere dag met iemand praten en je alsnog eenzaam voelen. Volgens het Kenniscentrum Welzijn, Wonen, Zorg is eenzaamheid “de subjectieve ervaring van een tekort aan sociale relaties.” Dat maakt het een moeilijk bespreekbaar probleem: je kunt het niet meten, niet zien en het voelt vaak alsof het aan jezelf ligt.

Ik ben niet de enige die worstelt met eenzaamheid. Uit een onderzoek van de Vrije Universiteit Brussel blijkt dat ruim een op de drie studenten zich regelmatig eenzaam voelt. Ook in Nederland klinkt hetzelfde geluid: het Trimbos- instituut meldt dat 62% van de studenten zich in meer of mindere mate eenzaam voelt. Deze cijfers tonen aan dat eenzaamheid een groter probleem is dan vaak wordt gedacht. Het gaat hier ook niet alleen om tijdelijke gevoelens; voor veel studenten wordt eenzaamheid een structureel deel van hun studententijd.

De oorzaken van eenzaamheid zijn verschillend en zeer persoonlijk. Zo verhuis je bijvoorbeeld op jonge leeftijd naar een grote stad waar je niemand kent en het contact dat je had met vrienden thuis zou kunnen verwateren. Contact leggen met nieuwe mensen leek vanzelfsprekend, maar bleek in de praktijk toch lastiger dan gedacht. En zelfs wie wel veel mensen om zich heen heeft, kan zich eenzaam voelen. Het hebben van een groot sociaal netwerk betekent niet automatisch dat je sociale behoeften ook echt vervuld worden. Je kunt lachen in een groep en je ondertussen leeg voelen vanbinnen. Dat heeft vaak te maken met verwachtingen die je had over hoe het studentenleven zou zijn: over jezelf, over hoe makkelijk het zou zijn om vrienden te maken, en de teleurstelling die ontstaat wanneer die verwachtingen toch tegen blijken te vallen.

Eenzaamheid is vaak niet een gevoel dat vanzelf overgaat. Wie zich langere tijd eenzaam voelt, loopt het risico zich steeds verder terug te trekken. Dat isolement brengt je in een neerwaartse spiraal: het verlaagt je motivatie voor school, zorgt ervoor dat je minder betrokken bent bij verenigingen of vrienden, en uiteindelijk lijden ook je academische prestaties eronder. Je mentale gezondheid krijgt een klap, maar de gevolgen zijn niet alleen mentaal: je fysieke gezondheid wordt ook aangetast. Uit onderzoek van het Trimbos-instituut blijkt dat 41% van de studenten die zich eenzaam voelt slaapproblemen ervaart. Daarnaast rapporteert 56% veel stress, wat kan leiden tot gezondheidsklachten zoals vermoeidheid en concentratie problemen. En terwijl jij met deze gevoelens en problemen worstelt, lijkt het alsof iedereen om je heen het goed voor elkaar heeft. Op sociale media zit iedereen met vrienden op het terras of staan ze tot laat te dansen in een club. Deze platforms maken het makkelijker om nieuwe contacten te leggen, maar versterken ook het gevoel dat je ergens niet bij hoort.

Universiteiten beseffen steeds meer hoe groot het probleem van eenzaamheid onder studenten is. UAntwerpen biedt via het STIP professionele begeleiding aan voor studenten die met dit probleem kampen. Zo kunnen studenten gesprekken aangaan met studentenpsychologen en organiseert het STIP workshops die gericht zijn op mentaal welzijn, zoals stressmanagement en het versterken van sociale vaardigheden. Ook worden ‘praatmaten’ aangeboden door Students for Students: deze medestudenten bieden psychologische ondersteuning aan wie dat nodig heeft. Soms is het al genoeg om met iemand te praten die begrijpt waar je doorheen gaat. Naast deze formele ondersteuning zijn er ook kleinere stappen die je zelf kunt zetten. Soms begint het bij simpelweg toegeven aan iemand die je vertrouwt dat het niet goed gaat. Dat kan een moeilijke stap zijn, maar ook een deur naar verandering. Je hoeft niet altijd luid te zijn om gehoord te worden.

Soms zit ik op de fiets naar huis en voel ik me ineens overvallen door de stilte die me thuis opwacht. De vier muren van mijn kot lijken me elke keer opnieuw te confronteren met het feit dat ik alleen ben. Maar in plaats van die stilte me te laten opslokken, ben ik nu langzaam beginnen inzien dat ik iets ga moeten veranderen. Stapje voor stapje probeer ik dingen in mijn leven te veranderen: ik probeer slechte routines te doorbreken, maak iedere dag een wandeling en heb de keuze gemaakt om Antwerpen binnenkort te verlaten voor een nieuwe start ergens anders. Het is niet dat ik alles heb opgelost of dat ik nu het antwoord heb op wat me precies eenzaam maakt. Maar ik voel me wel beter. Elke verandering, hoe klein ze ook is, maakt de last lichter en geeft ruimte voor een nieuwe weg. Langzamerhand voel ik dat ik de controle terugkrijg en elke stap geeft weer wat meer ademruimte. Dus als je dit leest en denkt ‘ik herken mezelf hierin’, weet dan dat je echt niet de enige bent. Ik ben er zelf ook mee bezig en elke dag een klein beetje meer. Het is niet altijd makkelijk, maar er is altijd een manier om opnieuw verbinding te vinden met anderen. Het begint vaak bij luisteren naar jezelf.



poëzie

20/05/2025
VRUCHT VAN VROEGER
🖋: 

Wanneer jouw dagcrème geurt

Naar een kind met een zeurend gesmacht

Stilstaand aan smeulende poorten

Waar versgebakken kriekentaart koud staat te worden

 

Begrijp

 

Uit elkaar gerukte dubbele kersen

Door kervende tanden gulzig gesmaakt

De hap verzuurt de ander

Geen angst voor eenzaam verlaat

 

Begrijp dat

 

Moeders handen de kersenbomen strelen

Om de bladeren links te hangen

Zo het leven uit balans brengen

Bepalend voor jouw bezoedelde verlangen

 

Begrijp dat littekens

 

Zonder etter verder jeuken

Geen heling wel besmeurde handen

Wrijf gelei tot boven de mondhoeken

De zoetigheid druipt van jouw wangen

 

Begrijp dat littekens ook

 

Schuilen in gladgestreken plooien

In een mijlenverstrekkend heideveld

Wrikkel de aarde om met eeltige voeten

Zoekend naar de pit in vervreemde grond

 

Begrijp dat littekens ook liegen

 

Dus wees niet bang om door het gras te slieren

Laat de gedachtenknopen springen

Bloeiende momenten glijden door onze vingers

De ochtendgloed proeft naar vers vruchtvlees

 

Lik de kersenrode snijwond

Verdoken onder grootmoeders kruidenzalf



antwerpen

20/05/2025
EEN VEILIGE OASE IN BRUISENDE STAD
🖋: 

In het centrum van Antwerpen, te midden van de drukbevolkte AmandusAtheneumbuurt, ligt de hoofdbibliotheek van de stad Antwerpen. In april vierde bibliotheek Permeke haar twintigste verjaardag op het De Coninckplein en dat verdient een groot feest, want deze bibliotheek in het hart van Antwerpen is zoveel meer dan gewoon een uitleendienst; het is een verzamelplaats voor haar gemeenschap.

De bibliotheek als instituut bestaat al eeuwen. In de oudheid en de middeleeuwen was het een gesloten kenniscentrum, waar alleen de elite toegang toe had. In de vijftiende eeuw kwam hier verandering in en mocht ook het gewone volk gebruikmaken van de bibliotheek. De uitvinding van de boekdrukkunst zorgde voor een positieve groei van kennis en boeken. Twee eeuwen later, tijdens de Verlichting, ontstonden de eerste openbare bibliotheken. Deze waren vooral verbonden aan universiteiten en hun belang bleef groeien. Thesissen schrijven en lessen inhalen, vandaag de dag is er voor iedereen een plekje vrij in de bibliotheek – als je dit tijdig reserveert natuurlijk.

Vanaf de negentiende eeuw ontwikkelde de bibliotheek voor het eerst haar sociale functie en werd het een publieke ontmoetingsplek en uiteindelijk het gemeenschapscentrum zoals we het nu kennen. Van een gesloten centrum enkel voor de chosen ones tot een openbare plek waar mensen elkaar ontmoeten, kinderen leren lezen en in elk boek een nieuwe wereld verborgen zit. Bibliotheek Permeke vult met veel passie deze taken in en doet dat ondertussen al twintig jaar vanaf het De Coninckplein. Ter ere van dit jubileum wordt ze in de bloemetjes gezet – en terecht. Stadsdichter Esohe Weyden gaf een geveldicht cadeau aan de plek waar ook zij veel tijd doorbracht. Op het Vertelfestival, dat eind april plaatsvond, opende de bibliotheek haar deuren voor iedereen om te genieten van verschillende tentoonstellingen en activiteiten.

Naast het uitlenen van boeken, films, strips, … organiseert Permeke bijna dagelijks gratis evenementen. Denk hierbij aan fotografieworkshops, schrijfsessies, voorleesmomenten voor kinderen en conversatiegroepen om Nederlands te oefenen. Wat opvalt bij deze activiteiten is dat de bevordering van de gemeenschap centraal staat. Voor alle leeftijden en groepen is er wel iets te doen. Er zijn voorleesmomenten met therapiehonden om kinderen met leesmoeilijkheden te helpen vertrouwen te winnen in zichzelf. De verschillende knutselworkshops zijn vertrouwde plekken voor kinderen om hun creativiteit te uiten en de lezingen over eenzaamheid voor vijftien- tot vijfentwintigjarigen doorbreken het taboe rond mentale gezondheid bij jongeren.

Een van mijn favoriete vaste projecten van Permeke is de jongerenbibliotheek, de Kubus, die zich voor het gebouw bevindt. Deze plek is speciaal voor jongeren gemaakt en wordt ook draaiende gehouden door een jongerenboard. Iedereen tussen vijftien en vijfentwintig jaar kan er terecht voor alles van het uitlenen van schoolboeken tot een koffietje en een schrijfcursus of computerworkshop. Daarnaast werkt Permeke elke week samen met Saamo, Red Star Line Museum en Endeavours en toveren ze hun leestuin om tot een groeiplek van verhalen en dromen. Elke donderdag zijn vrouwen er welkom om samen te werken aan een vrouwvriendelijke publieke ruimte. Het is een ontmoetingsplek waar ze verhalen kunnen delen en gezellig met elkaar kunnen praten terwijl ze samen werken aan een mooie en veilige omgeving.

Bij deze evenementen en projecten kan Permeke steunen op een team van vrijwilligers vanuit het jongerenboard, het team dat ook de Kubus draaiende houdt. dwars sprak met Alex, een van deze vrijwilligers en zij liet enthousiast weten dat Permeke een heel open en toegankelijke plaats is. Vanuit het jongerenboard zijn de vrijwilligers verantwoordelijk voor een groot deel van de projecten die plaatsvinden in de bibliotheek. "Zeker als vrijwilliger is het super aangenaam om in Permeke te zijn", legt ze uit over de werking. “Er zijn geen vereisten voor de vrijwilligers, iedereen mag zelf kiezen of ze een project willen opstarten of helpen bij bestaande projecten.”

Ze hebben volledige vrijheid om ideeën uit te werken en voor te stellen en krijgen zo de kans om op een heel laagdrempelige manier de verantwoordelijkheid te krijgen over hun project. "Als je een project opstart, is het een heel fijne manier om dat onder begeleiding te kunnen doen", benadrukt Alex. De toegankelijkheid van de bibliotheek maakt dat de vrijwilligers veel ruimte hebben om te groeien. De projecten worden volledig ondersteund door de vaste medewerkers en alles verloopt heel open. Elk idee is welkom, vertelt Alex: "Zolang het maar binnen het gegeven van de bib past."

Of je nu op zoek bent naar een nieuwe sciencefictionroman, een schoolboek, of een prentenboek om voor te lezen, in Permeke is het te vinden. Heb je eerder nood aan een luisterend oor, een veilige plek waar je je kwetsbaar kan opstellen of wil je kunnen uitpakken met mooie foto’s bij nieuwe vrienden? Ook daarvoor staan de deuren van de bibliotheek open. Voor iedereen valt er wel iets te vinden in de bibliotheek op het De Coninckplein en als veilige oase in de drukke stad is ze onmisbaar voor iedereen die het nodig of minder nodig heeft.



uantwerpen

29/04/2025
een figuur kijkt met zijn ene hoofd naar een computer terwijl zijn ander hoofd naar een leeg doek staart
🖋: 

Als student aan UAntwerpen ben je waarschijnlijk wel op de hoogte van bepaalde cultuurinitiatieven, zoals de cultuurclubs of Calamartes, of wandel je weleens langs de kunst op de campus. Maar welke initiatieven zitten hier eigenlijk achter? dwars sprak met Ernest Van Buynder, voorzitter van de Commissie Cultuur en Ines Van Meerbeeck, commissielid en diensthoofd van Rubi, over alle zaken cultuur.

Van Buynder legt alvast uit wat de Commissie Cultuur precies doet voor cultuurinitiatieven in het Antwerpse studentenleven: “Wij beschikken over een klein budget en proberen initiatieven die vanuit studenten, professoren of personeel komen te helpen met een financiële bijdrage. Er komt dan een aanvraag over een cultureel thema: ze hebben dan wel middelen maar komen een kleine som tekort. Wij leggen het dan voor aan onze commissie en naargelang onze mogelijkheden helpen we ze. We zijn met zeven leden, verspreid over de hele universiteit, zowel van menswetenschappen als de exacte wetenschappen.” Deze initiatieven blijven dus zeker niet beperkt tot de Stadscampus, voegt Van Meerbeeck toe: “Een voorbeeld van een initiatief op de buitencampus is er een van geneeskunde: Biomap. Dat is een project waarbij studenten van de kunstacademie komen tekenen bij autopsies die studenten geneeskunde aan het uitvoeren zijn; daar is een mooie symbiose van kunst en wetenschap.”

kunstenaar zijn als student

Voor de commissie is het belangrijk dat de projecten de verbinding tussen diverse groepen in de universiteit beter maken, maar deze projecten zijn niet het enige dat ze behandelen. Zo buigt de Commissie Cultuur zich ook over de kunstenaarsstatuten aan UAntwerpen, die jaarlijks worden toegekend aan twintig à dertig studenten. “Het kunstenaarsstatuut is zoals het sportstatuut: de mensen die de aanvraag doen en formulieren invullen kunnen al dan niet het statuut krijgen en daardoor een aantal faciliteiten ontvangen, bijvoorbeeld de vrijheid om een practicum of examen te verzetten. Wij kijken dan of het dossier voldoende artisticiteit heeft voor het statuut”, vertelt Van Buynder. “Het begrip kunst valt soms echter moeilijk te definiëren: er zijn sectoren waar er een zeer dunne grens is, bijvoorbeeld in het geval van keramiek: wanneer wordt dit kunst in de plaats van louter toepassing? Voor ons is het dan belangrijk dat we uit de verslagen die ze brengen kunnen zien of het past binnen de kunstsector of binnen een andere commerciële sector. De overheid heeft ook een cultuurloket met hun eigen basissen, maar zij beschouwen bijvoorbeeld grafische vormgeving niet als artistieke activiteit. Dat is echter niet zo zwart-wit: ik ken veel artiesten die via grafische vormgeving topartiesten zijn geworden.”

Binnen het kunstenaarsstatuut vallen veel verschillende soorten kunst: beeldende kunst, drama, maar ook muziek. Van Buynder en Van Meerbeeck weten te vertellen dat veel muzikanten graag een universitair diploma hebben, of dit combineren met een opleiding aan het conservatorium: kijk maar naar dirigent Philippe Herreweghe of pianist Jozef De Beenhouwer. Ze hopen dat de mogelijkheden zeker tot bij studenten komen die kunstenaar zijn. Aan de andere kant vermelden ze ook het ondernemersstatuut, dat soms nuttiger kan zijn voor kunstenaars die meer de commerciële kant opgaan; ze roepen op om goed te kijken welk statuut het beste bij je past.

nog meer cultuur

De Commissie Cultuur is niet de enige groepering die zich buigt over cultuur op UAntwerpen. Van Buynder en Van Meerbeeck zijn allebei ook lid van de Commissie Kunst op de Campus, die verantwoordelijk is voor de kunst die je overal in de universiteitsgebouwen tegenkomt. Misschien de bekendste hiervan is het Museum to Scale in het R-gebouw op de Stadscampus. Van Buynder vertelt met plezier over de oorsprong van dit project: “Ronny van de Velde en zijn echtgenote Jessy, die behoren tot onze belangrijkste kunsthandelaars, hebben aan honderd kunstenaars een kastje ter beschikking gesteld, met de schaal 1 op 7 ten opzichte van een museumzaal, met het verzoek het te vullen met originele kunstwerken. Het is een formidabele doorsnede van de kunst van 1945 tot 2010-2013. Die kastjes zijn in het buitenland vertoond en Ronny heeft die erna aan ons verkocht, omdat we hier een mooie ruimte hebben in gebouw R. Het eindigt in 2013, maar er is ondertussen wel veel gebeurd in de kunst: veel jonge kunstenaars zijn bijvoorbeeld terug aan het schilderen en zijn opnieuw heel ‘naïef’ aan het werken. Het zijn ook allemaal witte mannen en vrouwen in die reeks en daar willen we iets aan doen. Dat doen we zelf, maar we communiceren het wel naar Ronny. Het zijn ook allemaal kunstenaars die Belg zijn of in België wonen.” Moesten studenten graag een rondleiding hebben door dit mini-museum, zijn ze ook steeds welkom bij hen.

Ten slotte is Rubi waarschijnlijk het bekendste initiatief op UAntwerpen wat cultuur betreft. Het wordt gevormd door Van Meerbeeck, samen met Mieke Diels. Zij verzorgen het cultuuraanbod voor studenten, onder meer via de verschillende cultuurclubs. Ze gaan voornamelijk over de meer praktische zaken, maar staan ook altijd open voor suggesties van studenten. Van Meerbeeck vertelt dat de universiteit graag studenten stimuleert op het vak van creativiteit: “Je academische carrière is natuurlijk belangrijk, maar als je in de kunstwereld ook naam wil maken, is het belangrijk dat we dat zeker stimuleren en steunen. Zo hebben we de wedstrijd ‘KUNSTWERKT’ georganiseerd, waar ongeveer de helft van de deelnemers studenten waren. Daarnaast organiseren we bijvoorbeeld een poëziewedstrijd en zijn we heel trots op onze voormalige campusdichter, Esohe Weyden, die nu stadsdichter is”, lacht ze.

Afsluiten doet ze met een warme oproep voor studenten om zich aan te sluiten bij Young Rubi, de ambassadeurs van Rubi: via hen krijgen ze de mogelijkheid tot feedback en co-creatie, en geraken ze dichter bij de studenten.

https://www.rubirubi.be/nl



het laatste woord

29/04/2025
poolshoogte in krantenletters
🖋: 

Je zal het maar voorhebben: het ligt op het puntje van je tong en toch kan je er niet opkomen. Dat ene woord ontglipt je keer op keer. Ook dit jaar schiet dwars alle schlemielen in zulke navrante situaties onverdroten te hulp. Maandelijks laten we ons licht schijnen op een woord waar de meest vreemde betekenis, de meest rocamboleske herkomst of de grappigste verhalen achter schuilgaan. Deze editie kijken we hemelwaarts om poolshoogte te nemen.

Wanneer je inlichtingen gaat inwinnen, kun je zeggen dat je poolshoogte gaat nemen. Of, als je zoals ik bent, verbaster je het tot ‘polshoogte’. Dankzij onze eindredacteur Laura kwam ik er na 25 jaar achter dat deze uitdrukking niets te maken heeft met onze pols en met vier o’s wordt geschreven. Toen was ik toch even het noorden kwijt. Gelukkig is het makkelijk om het noorden terug te vinden: je moet ’s nachts alleen maar naar de poolster kijken.

Omdat de aarde om haar as draait, lijken de sterren de hele nacht om ons heen te draaien. De Poolster daarentegen staat bijna pal boven de aardas en lijkt daardoor permanent het noorden aan te geven. Zo biedt ze al eeuwen houvast aan verdwaalde zielen en zeevaarders. Misschien denk je nu dat de Poolster een slecht kompas is, maar ze kan meer dan alleen de richting aangeven. Met een sextant kan je de hoek meten tussen de poolster en de horizon en zo bepaal je meteen de breedtegraad van je locatie. Deze techniek, die eeuwenlang essentieel was voor navigatie op zee, noemt men poolshoogte nemen.

Op het noordelijk halfrond vervult Polaris de rol van poolster. Je herkent haar als het puntje van de staart van de Kleine Beer en ze is ook de helderste ster in dit sterrenbeeld. Alhoewel ze vanop aarde één ster lijkt te zijn, bestaat ze eigenlijk uit drie sterren: Polaris Aa en Ab draaien dicht om elkaar heen, terwijl Polaris B hen van een veel grotere afstand omcirkelt en zo een oogje in het zeil houdt. Op het zuidelijk halfrond is Sigma Octantis, oftewel Polaris Australis, de poolster. Omdat hemellichamen bewegen, stonden er in het verleden andere sterren dichter bij de Noordpool. De oude Egyptenaren gebruikten de sterren Kocab en Mizar om het noorden te bepalen. Nog verder terug in de tijd gebruikte men Thuban. Polaris is haar rol als poolster nog niet beu en blijft voorlopig dichter naar de Noordpool schuiven.

Alhoewel ze zo betrouwbaarder wordt, zullen we daardoor niet beter navigeren. Vandaag kijken we immers niet langer naar de nachthemel om te weten waar we zijn, maar omlaag naar Google Maps; het sterrenlicht heeft paatsgemaakt voor schermlicht. Poolshoogte nemen spreekt van een vervlogen tijdperk, voor velen – inclusief ikzelf – zo vreemd dat we het compleet vergeten zijn. Dan denken we dat ‘polshoogte nemen’ iets te maken heeft met polsen, of de vinger aan de pols houden. De kans dat Polaris hierom treurt is erg klein: op meer dan vierhonderd lichtjaar afstand zou ze een wereld zien waarin mensen nog volop naar haar kijken om het noorden te vinden.



opinie

29/04/2025
een tekening van k3
🖋: 

Het was een doodgewone maandagochtend. De docent stond vooraan te mopperen dat onze opdrachten ondermaats waren, toen plots een kreet door de aula schalde: “IK HEB TICKETS!”

Verder werd er tijdens de les met geen woord over gerept. Ik haalde mijn schouders op en ging verder met staren naar mijn laptopscherm. Maar toen ik later thuis door mijn sociale media scrolde en werkelijk iedereen triomfantelijk hun tickets zag delen, drong het tot me door: het ging over de K3-reünie.

Mijn eerste reactie? Ongemakkelijk lachen. K3? Serieus? Toen ik enkele maanden geleden aan diezelfde mensen vroeg of ze mee wilden naar de nieuwe tour van MEROL, reageerden ze nog dat die muziek ‘te populair’ was. Nu showen ze openlijk hun K3-tickets alsof het de nieuwste editie van Vogue is. Ik had een betere muzieksmaak van hen verwacht. Maar ergens diep vanbinnen, tussen alle ironische afstand en zelfverklaarde muzikale superioriteit, begon een stemmetje te knagen. Een stemmetje dat klonk als... Tele-Romeo?

Laten we eerlijk zijn: of je nu diep in de technoscene zit, alleen maar naar obscure indiebands luistert of jezelf als een echte rocker beschouwt, iedereen kent de woorden van Alle Kleuren en niemand kan níét glimlachen bij Oya Lélé. De liedjes zitten verankerd in ons collectieve geheugen, ergens tussen de Teletubbies en de geur van Zwitsal-shampoo.

En weet je wat? K3 heeft me dingen geleerd. Levenslessen. Als het binnenregent in mijn kot, weet ik dat ik een emmer onder het gat moet zetten. Ik vond de perfecte omschrijving voor mijn mentale toestand tijdens de blok: ‘Blub, ik ben een vis’. Hetzelfde geldt voor de restjes in mijn koelkast: ‘Alle kleuren van de regenboog’. Jongens? Die zijn gek. En ik leerde zelfs een paar woordjes Frans. Oké, geen hogere wiskunde, maar ook niet minder waardevol dan de gemiddelde TED-talk over ‘persoonlijke groei’.

Misschien is dat net de kracht: ze doen niet alsof ze meer zijn dan wat ze zijn. Drie jonge vrouwen in glimmende outfits die zingen over dingen die je meteen begrijpt. Geen pretentie. Geen diepere laag die je pas snapt na drie essays erover te lezen. Gewoon: plezier. En dat is precies waarom het zo werkt.

Ineens drong het tot me door. Die mensen met hun tickets, die posts, dat enthousiasme — het was geen teken van slechte muzieksmaak en het was evenmin bedoeld als grap. Ze wisten gewoon al wat ik nog moest inzien: vrolijk zijn heeft geen uitleg nodig. Ze gaan een magische ervaring tegemoet.

En ik? Ik zat daar met m’n superieure paylist, m’n opgetrokken wenkbrauwen en een leeg winkelmandje. Geen ticket. Geen K3. Alleen een wachtlijst en een lesje in nederigheid.