Waarom denken we? Wat is denken eigenlijk? Is het wel zo nuttig om veel na te denken? Word je er gelukkig van? Hebben we vat op wat we denken? Want als ik zeg “denk niet aan een roze olifant”, dan dartelt die op dit moment vrolijk rond in jouw gedachten. We denken de hele dag – de ene persoon al iets meer dan de andere – maar hoe werkt dat nu exact? Denken andere mensen trouwens ook dat iedereen denkt zoals jij denkt dat iedereen denkt? En is dit nu officieel overdenken? Of heb ik gewoon koffie nodig?
Op zoek naar antwoorden gaat dwars eerst te rade bij cellulaire neurowetenschapper Tommas Ellender. Hij bestudeert vooral hoe neuronen, oftewel zenuwcellen, signalen ontvangen, verwerken en doorgeven aan andere cellen via verbindingen die synapsen heten.
Hoe zorgen die zenuwcellen ervoor dat we kunnen denken?
“Volgens mij krijgt degene die dat ontdekt en volledig kan uitleggen een Nobelprijs.”
Oké. Bedankt en tot de volgende.
“Er is gewoon nog heel veel dat we niet weten over ons brein. Ik kan je wel vertellen hoe onze onderzoeksgroep te werk gaat en wat de meest prominente theorieën zijn. Wij bestuderen vooral hoe neuronen in een gezond brein elektrisch actief zijn en hoe ze onder normale omstandigheden signalen aan elkaar doorgeven. Dat is de basis van denken.”
Hoe werkt denken nu exact?
“Denken begint bij zenuwcellen die samen actief zijn. Denk je aan een rode appel, dan werken cellen die instaan voor kleur, vorm, smaak en herinnering tegelijk samen. Zo maakt je brein een concept. Dit ding kennen we: van ‘appel’ en ‘eten’, gaan we naar ‘goed idee’ en ‘moet je vaker doen’. Je brein is eigenlijk een netwerk van kleine circuits van zenuwcellen die voortdurend input krijgen. Die informatie wordt verwerkt, gecombineerd en doorgestuurd. De ultieme output is dan een beslissing, een handeling of een plotselinge craving naar een appel.”
Hoe ziet zo’n circuit eruit?
“Als een hersencel actief is, stuurt ze een elektrisch signaal door. Aan het uiteinde van het axon geeft ze dan stofjes af die een andere hersencel kunnen activeren. Voor diegene die zich afvraagt wie Axon is: dat is de lange uitloper van een zenuwcel die signalen wegstuurt. Die cel kan het signaal daarna weer doorgeven aan de volgende. De verbindingen tussen hersencellen kunnen verzwakt of versterkt worden. Als de informatie niet belangrijk is, worden de verbindingen tussen cellen vaak minder efficiënt. Gaat het om heel belangrijke informatie, dan worden zulke verbindingen juist versterkt. De volgende keer dat je iets vergeet, kan je dus gewoon aanhalen dat het niet jouw fout is, maar dat je brein het niet relevant genoeg vond om te onthouden.”
Hoe onderzoek je zoiets?
“Veel van ons onderzoek gebeurt ex vivo. Dat betekent dat we hersenweefsel buiten het lichaam bestuderen. We maken daarvoor een dunne hersencoupe, een heel dun plakje hersenweefsel, van bijvoorbeeld een muizenbrein, of we maken een cultuur van humane zenuwcellen en plaatsen die in een elektrofysiologische set-up. Daarmee meet je de elektrische activiteit die door de zenuwcellen wordt opgewekt. Ideaal voor zulke metingen, maar veel ‘denken’ gebeurt daar waarschijnlijk niet.”
In hoeverre hebben we vat op de acties die we ondernemen?
“Volgens mij hebben we daar een stuk minder vat op dan we denken. Het idee is dat je brein constant voorspelt hoe de wereld zich gedraagt en hoe mensen reageren. Als je een paar weken iets ervaart, krijg je een goed idee over hoe je dag eruitziet en welke acties goed zijn om te ondernemen. Zo genereer je een routine en hoef je niet over alles na te denken. Je brein weet: het is ochtend, dit is koffie en je doet alsof je wakker bent. Veel dingen gebeuren op automatische piloot.”
Wanneer denken we dan ‘echt’ na?
“Wanneer er iets onverwachts gebeurt, denkt je brein: alarm! Dit is niet wat ik had voorspeld, er is iets anders aan de hand! Je moet dan aandachtig zijn om je acties bij te stellen. Om het visueel voor te stellen: door een obstakel op de weg zal je noodgedwongen de eerste afslag moeten nemen en moet je je route opnieuw berekenen om weer verder te kunnen rijden en toch op je bestemming aan te komen.”
Is er een onderscheid tussen denken, bewustzijn en vrije wil?
“Denken doe je continu: informatie verwerken, verbanden leggen, piekeren over de berichten waar je nog op moet antwoorden. Bewustzijn is het ervaren van die gedachten, gevoelens en de wereld om je heen. Vrije wil gaat erom dat jij de hoofdrol speelt in je eigen leven en dat de regisseur niemand anders heeft gecast. Daarmee kom je uiteindelijk ook uit bij grotere vragen over bewustzijn, vrije wil en verantwoordelijkheid. Hoe bepaal je in hoeverre iets iemand zijn schuld is? Welke rol speelt iemands jeugd en achtergrond? Waar stopt het denken? Waar begint de gewoonte? Waar eindigt de vrije wil? Daar heb ik zelf geen antwoord op.”
We weten nu al iets meer over het neurowetenschappelijk perspectief, maar hoe kijkt de filosofie naar ‘denken’? In het groepswerklokaal van de bib tref ik doctor Judith Martens. Haar onderzoeksdomein bevindt zich op het kruispunt tussen psychologie en filosofie.
Wat denkt de filosofie dat denken is?
“Ik denk dat het geven van één exacte definitie ofwel tot een reductie leidt, ofwel onmogelijk is. Een klassieke definitie in de filosofie stelt denken gelijk aan logisch redeneren; conclusies trekken uit gedachten die je via bepaalde regels met elkaar verbindt. Dat is zeker niet de enige vorm. Ook herkennen, reflecteren, leren, handelen en intuïtief reageren zijn vormen van denken.”
Kunnen we ons bewustzijn verklaren door de werking van neuronen, of wordt het filosofisch aspect van onze geest dan vergeten?
“Neuronen zijn belangrijk om te begrijpen hoe denken mogelijk is, maar het is niet vanzelfsprekend om over denkende neuronen te spreken. Net zoals je niet zegt dat je voet voetbalt, kan je je afvragen of denken gebeurt door losse hersencellen of door de mens als geheel.”
In hoeverre bepaalt denken ons handelen?
“Over bepaalde handelingen denken we eerst bewust na. Denk maar aan je eerste zwemles, waar je nog actief de woorden ‘kikker’, ‘vliegtuig’ en ‘potlood’ hoorde weergalmen in je hoofd. Gelukkig komen de meeste handelingen ook voort uit gewoontes of karakter, zonder dat we daar eerst bewust over nadenken. Je denkt ook niet eerst elke zin die je uitspreekt, al zouden we dat soms misschien beter wel doen.”
Denken we dan pas na over een handeling als de situatie niet loopt zoals verwacht?
“Diep nadenken wordt inderdaad vaak geactiveerd wanneer er iets botst: wanneer een verwachting niet uitkomt, een gewoonte niet meer werkt of wanneer iemand een vraag stelt. Het reflecteren zelf kan ook een gewoonte worden. Sommige mensen leren om al stil te staan bij hun denken voordat er iets misloopt. Dat is een bijzonder waardevolle vaardigheid.”
Is het dan nog nuttig om na te denken nadat er iets is misgelopen?
“Heel nuttig! Door terug te kijken op onze handelingen kunnen we beter begrijpen wat er gebeurde en wat we in de toekomst anders willen doen. Nadenken is dan meteen ook vooruitkijken.”
Is het nuttig om over emoties te reflecteren?
“Zeker, maar dan vooral als beginpunt. Als je bijvoorbeeld vaak boos wordt, heeft het weinig zin om daar telkens over na te denken en daarna toch gewoon boos te blijven. Dan kon je jezelf de moeite van ‘het nadenken’ besparen. Zulke reflectie krijgt pas waarde als het leidt tot een verandering in hoe je handelt. Die handelingen zijn doorgaans gewoontes.”
Worden we wel gelukkig van veel nadenken?
“Meer nadenken maakt mensen niet automatisch gelukkiger. Reflectie kan confronterend zijn, maar het kan je ook helpen om bewuster te leven en jezelf te begrijpen. Als jij jezelf beter begrijpt en daardoor ook een beter mens bent, wordt je omgeving daar ook gelukkiger van. Een gelukkige omgeving straalt dan weer af op jou, dus indirect worden we wellicht allemaal gelukkiger.”
In hoeverre heeft onze omgeving invloed op wat we denken?
“Onze gewoontes en karakter worden sterk gevormd door de context waarin we leven. Zo maken we onze gewoontes eigen en geven we ze door. Vaardigheden zoals kritisch nadenken zijn volgens mij ook gewoontes. Wanneer we ze niet aanleren of onvoldoende blijven oefenen, kunnen ze verzwakken. In die zin worden we niet alleen gevormd, maar soms ook ‘vervormd’ door onze omgeving, zoals Jan Bransen aanhaalde in zijn boek Gevormd of vervormd?”
Heeft u advies voor onze lezers om beter of efficiënter na te denken?
“Praat met elkaar. Zoek de kritische mensen op. Denken gebeurt niet alleen in je hoofd. Door met anderen te praten, kunnen we onze gedachten verduidelijken, aanvullen en in vraag stellen. Een echte vriend durft je ook kritisch te bevragen. Die wijst je erop dat ‘ik krijg signalen van het universum om deze jas te kopen’ misschien gewoon de pushmeldingen van Zalando zijn.”
Om af te ronden, wat is het nut van denken?
“In een complexe samenleving is denken onmisbaar om ons op een nadenkende en reflectieve manier tot die samenleving te verhouden. Als we allemaal impulsieve beslissingen nemen, is het conflict waarschijnlijk nooit ver weg. Daarnaast zijn mensen gewoontewezens. We zijn genoodzaakt om na te denken over welke gewoontes we hadden, welke we hebben en welke we zowel individueel als collectief willen ontwikkelen.”
Zo eindigt dit gesprek niet met een punt, maar met een vraagteken. Misschien zelfs met meerdere. Is dat dan het nut van denken? Dat we niet altijd meteen antwoorden vinden, maar dat we door te praten, te twijfelen, gedachten te delen en elkaar in vraag te stellen wel een heel eind verder komen? Misschien worden de beste ideeën niet alleen bedacht, maar samen ontdekt. Wat denk jij?
- Login om te reageren