Je hebt vast al gehoord van de zogenaamde ‘bijzondere faciliteiten’, zoals lesopnames, extra examentijd, oordopjes tijdens examens en meer. Tot nu toe moesten studenten daarvoor een aanvraag indienen, maar vanaf academiejaar 2026-2027 zal dat niet langer voor alle faciliteiten nodig zijn. De Universiteit Antwerpen wil die maatregelen toegankelijker maken voor studenten zonder officieel gediagnosticeerde leerstoornis en tegelijk het stigma wegnemen bij studenten die wel een diagnose hebben. Tegelijkertijd zouden de gestroomlijnde faciliteiten ook docenten ontlasten – twee vliegen in één klap dus. Daarom stuurde dwars een redacteur op pad om met vicerector Onderwijs & Studentenzaken Chris Van Ginneken te praten over die uitbreiding van inclusieve onderwijsmaatregelen.
Wat was de aanleiding om de onderwijs- en examenmaatregelen uit te breiden?
"De reden daarvoor is meervoudig. Ten eerste willen we sommige faciliteiten inclusief aanbieden voor iedereen. Momenteel moet je een bepaalde diagnose hebben om faciliteiten te gebruiken, maar de wachttijden voor diagnoses lopen hoog. Bovendien zijn er ook studenten die zelf niet goed beseffen waarom het wat moeilijker loopt. We willen die drempel wegnemen: men moet niet meer met een papiertje gaan zwaaien. Dat is trouwens ook beter voor het zelfvertrouwen van die studenten. Ik denk dat dat echt grote voordelen heeft voor studenten. Maar ook voor docenten is het handig, omdat er zo een extra zorg wegvalt. Voordien moesten ze bijvoorbeeld nog monitoren wie wel of geen markeerstift mocht gebruiken."
Welke faciliteiten zullen binnenkort voor iedereen toegankelijk zijn?
"Voor bepaalde faciliteiten hoeven studenten inderdaad geen aparte aanvraag meer in te dienen. Om te bepalen welke faciliteiten dat zouden worden, keken we naar welke het vaakst werden aangevraagd en toegekend. Daarna hebben we bepaald welke faciliteiten we, zonder al te veel organisatie of budget, tot inclusieve maatregelen konden maken. Het gaat dan bijvoorbeeld over eten, drinken of medicatie innemen tijdens de les, maar ook over lesopnames en toegankelijk studiemateriaal voor de les. Sommige van die zaken zijn zo triviaal dat we dachten: ‘Moet je nu echt een faciliteit aanvragen om te mogen eten of drinken tijdens de les?’ Dat moet gewoon een evidentie zijn. Toch vinden we het belangrijk om dat expliciet te verankeren. Een aantal andere faciliteiten uit die initiële lijst waren minder evident. We merkten bijvoorbeeld dat er enorm veel vraag was naar vervroegde toegang tot het studiemateriaal. Maar een belangrijke vraag daarbij is natuurlijk: ‘Wat is vervroegd?’ Is dat de avond ervoor of al het weekend ervoor? Iemand die zijn lesmateriaal bijwerkt, doet dat misschien pas in het weekend, omdat daar dan tijd voor is. Dat hebben we dus bewust wat in het midden gelaten. Docenten kunnen er natuurlijk ook voor kiezen om het lesmateriaal van het vorige academiejaar al te delen met een disclaimer. De vuistregel is wel dat de PowerPoint voor de les beschikbaar moet zijn, zodat studenten daarin notities kunnen maken. Ook lesopnames zijn niet altijd evident. We erkennen de vrees van docenten dat studenten minder naar de les zouden komen als er opnames beschikbaar zijn, maar we weten ook dat dat niet volledig klopt. Bovendien is een lesopname niet altijd de beste manier voor bijvoorbeeld werkstudenten om zich de leerstof eigen te maken. Daarom vragen we docenten niet verplicht om lessen op te nemen, maar wel om een kwaliteitsvol alternatief beschikbaar te stellen voor studenten die een les moeten missen, de les willen herhalen of tijdens de les niet goed konden noteren omdat ze actief deelnamen aan een discussie. Dat alternatief kan een uitgeschreven cursus zijn, een kennisclip, een geannoteerde PowerPoint of bijvoorbeeld een samenvatting van de belangrijkste pro- en contrastandpunten uit een debat. Het is de bedoeling dat studenten die niet aanwezig waren – denk aan werkstudenten of zieke studenten – de les alsnog zelfstandig kunnen verwerken. Het volstaat dus niet om een discussie van drie uur te annoteren met één woord op een PowerPointslide: dat is geen kwaliteitsvol alternatief. Daarnaast moeten docenten in de cursusinformatie ook duidelijk aangeven wat ze buiten de les ter beschikking stellen."
Jullie voeren ook een examensjabloon in voor docenten. Wat houdt dat precies in?
"Het examensjabloon is een verzameling richtlijnen, gaande van aanbevelingen over lettertype en lettergrootte tot heldere formuleringen. Onderzoek wijst bijvoorbeeld uit dat een schreefloos lettertype (een lettertype zonder uitstulpseltjes, n.v.d.r.) makkelijker leesbaar is voor personen met dyslexie. Met die sjablonen willen we er ook voor zorgen dat studenten met een visuele beperking zonder problemen een examen kunnen afleggen, zonder dat docenten een aangepaste versie voor een selecte groep moeten uitprinten. Tot slot raden we docenten aan om dubbele negaties te vermijden, zodat alles toegankelijk blijft voor iedereen."
Sommige maatregelen, zoals drinken tijdens examens, een digitale klok, oordopjes en markeerstiften, mochten in mijn richting al. Is er momenteel veel verschil tussen faculteiten?
"Ik kan me inbeelden dat sommige studenten faciliteiten zoals een geprojecteerde digitale klok of drinken tijdens een examen vanzelfsprekend vinden, maar dat is zeker niet zo voor studenten uit elke faculteit. Vooral het gebruik van kladpapier en markeerstiften verschilt sterk per faculteit. Beide zullen voortaan wel voor iedereen toegestaan zijn. Die meerwaarde mag niet onderschat worden. De moeilijkheid bij die faciliteiten zit in hun fraudegevoeligheid en praktische haalbaarheid. Er bestaan bijvoorbeeld markeerstiften die vragen kunnen inscannen en vervolgens antwoorden tonen op een display. Dat betekent ook dat docenten bijkomende maatregelen moeten nemen om fraude te voorkomen. Toch denken we dat een verbod daarop niet opweegt tegen de voordelen die zulke hulpmiddelen voor sommige studenten bieden. Wat we dan weer niet voor iedereen toelaten, is het gebruik van oordopjes. Die zijn simpelweg te fraudegevoelig. Dan denk ik bijvoorbeeld aan allerlei hoorapparaatjes en slimme brillen waarmee tegenwoordig van alles mogelijk is. Daarnaast zal ook de dertig procent extra examentijd voorlopig niet voor alle studenten beschikbaar zijn. Uit een survey die we afnamen na een proeftraject bleek dat extra examentijd voor meer rust zorgde. Tegelijk merken we dat het heel moeilijk is om de juiste examentijd te bepalen. Wat is de correcte duur voor een examen? Daar vinden we eigenlijk geen eenduidig antwoord op in de literatuur."
Sommige docenten zullen misschien net examens willen afnemen onder tijdsdruk. Bestaat dan niet het risico dat examens langer of moeilijker worden gemaakt?
"Dat is inderdaad een risico. Sommige docenten worstelen daarmee en daarom is het nog te vroeg om die maatregel voor iedereen in te voeren. Het zijn trouwens niet alleen docenten die daar kritisch tegenover staan, maar ook studenten. Bij sommige studenten leeft de perceptie dat extra examentijd een oneerlijk voordeel zou opleveren. Ook daarover is de literatuur niet helemaal duidelijk. Vandaag wordt die faciliteit al toegekend aan een grote groep studenten, maar sommige onderzoeken wijzen erop dat er zelfs binnen die groep verschillen zijn in de nood aan extra tijd. Tegelijk mag je niet vergeten dat tijd op zich niet test of iemand de leerstof beheerst: die kennis heb je of heb je niet. Maar inderdaad, soms kan tijdsdruk belangrijk zijn en soms ook niet. Docenten zijn alleszins aan het denken gezet over de mogelijkheid van extra examentijd in de toekomst. Een deel van hen ging daarbij op zijn achterste poten staan, terwijl anderen het net omarmden. Hoe dan ook is die verhoogde aandacht bij docenten voor examentijd een goede zaak."
Hebben jullie nog andere feedback gekregen?
"We horen dat zowel docenten als studenten de rust waarderen die extra examentijd kan brengen. Alleen al het idee dat je vroeger dan iemand anders moet afgeven, creëert extra druk. Anderzijds waren sommige docenten kritisch over bepaalde faciliteiten. Neem bijvoorbeeld de lesopnames: daar hebben we zeer veel commentaar op gekregen. Maar door met docenten in dialoog te gaan, hebben we een betere oplossing gevonden. ‘Er hangt geen opnameapparatuur’ is nu geen excuus meer, want in dat geval moet de docent een kwaliteitsvol alternatief voorzien, bijvoorbeeld in de vorm van een kennisclip, een paper, geannoteerde slides of iets anders."
Is er ondertussen meer goodwill bij docenten om die maatregelen toe te passen?
"Dat zal volgend jaar moeten blijken. We hebben de discussies met kritische docenten alleszins kunnen gebruiken om de maatregelen verder te verbeteren."
Wordt er gecontroleerd of docenten de maatregelen naleven?
"Idealiter is iedereen mee tegen het begin van volgend academiejaar. Dat zal natuurlijk niet meteen het geval zijn, dus we zullen dat het komende jaar opvolgen via ons kwaliteitszorgsysteem (de universiteit monitort samen met docenten en studentenvertegenwoordigers de kwaliteit van haar onderwijs in werkgroepen, waar onder andere vakevaluaties worden besproken, n.v.d.r.). Vanaf 2026-2027 zullen studenten zich kunnen beroepen op de faciliteiten die in de cursusinformatie vermeld staan. Op elke regel kan een uitzondering bestaan, maar die moet dan wel grondig gemotiveerd worden."
Hebben jullie daarvoor samengewerkt met de Studentenraad?
"Stuvers zaten mee aan tafel in de werkgroep waar inclusieve maatregelen oorspronkelijk besproken werden. Daarna hebben we ook focusgroepen georganiseerd met studenten. Wanneer alles volledig uitgewerkt is, leggen we het opnieuw voor aan de Studentenraad, zodat zij nog finale feedback kunnen geven."
De Studentenraad voegt daar zelf nog aan toe tevreden te zijn dat ze konden bijdragen aan de concrete invullingen van de uitgebreide maatregelen.
Wat is voor u het droomscenario van inclusief onderwijs?
"Ik weet niet of het eigen is aan onderwijs of aan deze tijd, maar ik denk dat er te veel administratie bestaat. Iedereen moet een toelating hebben voor dit of dat, terwijl het voor iedereen beter zou zijn als er minder administratie aan te pas kwam. Het is net die ‘overreglementering’ die ervoor zorgt dat we inclusiviteit expliciet moeten waarborgen. Laat mij een voorbeeld geven: vroeger, toen ik zelf examens afnam, gaven studenten gewoon af wanneer ze klaar waren. Niemand bleef graag langer zitten dan nodig. Vandaag werken we met vaste tijdsblokken en dat creëert een bepaald verwachtingspatroon. Ik ga niet zeggen dat het vroeger beter was dan nu, maar het is voor een stuk die reglementering die uitzonderingen noodzakelijk maakt. Vandaag verwachten we dat in de cursusinformatie of bij start van een lessenreeks duidelijk vermeld wordt hoelang een examen duurt. Daar nog van afwijken is moeilijk, tenzij een docent beslist om iedereen bijvoorbeeld een halfuur extra tijd te geven. Vermoedelijk zal geen enkele student klagen omdat die extra tijd krijgt. Maar wie weet klaagt er toch iemand, simpelweg omdat het niet overeenkomt met de informatie die vooraf werd gegeven ... (lacht) We moeten natuurlijk ook niet evolueren naar totale anarchie."
- Login om te reageren