“Who the fuck is Billen?”

Een uit de context gerukt interview met School is Cool
25/09/2011
Bron/externe fotograaf
Jimmy Kets
🖋: 

Het gaat School is Cool voor de wind. Vorig jaar wonnen ze Humo’s Rock Rally, hun twee eerste singles werden een Hotshot op Studio Brussel en nummer één in De Afrekening. Op 1 september kwam hun derde single ‘The World Is Gonna End Tonight’ uit en die werd onvermijdelijk opnieuw StuBru's Hotshot. School is Cool is cool; zo'n grapjes zijn onvermijdelijk. Nadat ze in Berlijn, Londen en Parijs speelden, nemen zanger-gitarist Johannes Genard en percussionist Andrew Van Ostade de tijd om met dwars te praten over hun nieuw album.

Totale chaos

Jullie debuutalbum, ‘Entropology’, komt uit op 18 oktober. Die term staat niet in het woordenboek, geloof ik. Waar komt dat woord vandaan?

Johannes Genard Het is een verzonnen woord. Veel van de songs hebben een gezamenlijk onderwerp: het einde van de wereld, in elke betekenis. Na zes maanden werd dat thema heel duidelijk. Ik kwam op het idee om van entropie een wetenschappelijke discipline te maken: entropologie. Toen ik dat dan opzocht bleek het een term te zijn van Claude Lévi-Strauss, die beschreef hoe entropologie cultural levelling zou behandelen. Het vat in die zin samen hoe alle elementen in het universum of een maatschappij dezelfde temperatuur bereiken. Hierdoor is er geen hiërarchie of onderscheid. Er ontstaat kortom totale chaos. Dat vond ik cool voor songs die over het begin van het einde gaan. Onze eerste twee singles klinken heel vrolijk, alsof we een olijke bende zijn, maar die teksten gaan wel richting de apocalyps. We worden misschien te vaak gezien als die enthousiaste lolbroeken met ‘diejen dikke op z’n drums’.

Andrew Van Ostade Johannes krijgt de geeks, Mathias (Dillen, drums, nvdr.) de meisjes, Nele (Paelinck, viool, nvdr.) de jongens, en ik de grapjassen die naar me wijzen en dan gekke bekken trekken.

Genard Maar dat vind ik jammer. We hebben, hoop ik, toch meer diepgang dan dat. We proberen een evenwicht te zoeken. We willen niet te emo of intellectueel overkomen, maar ook niet te ‘herp a derp’. Het is zoals bij optredens van Arcade Fire. Men ervaart daar euforie die weinig met de teksten te maken heeft. Die blijheid is te vergelijken met de filosofie van Camus of Schopenhauer: het leven is kut en pijnlijk, maar men kan ook oprecht emoties ervaren.

 

Je zegt het zelf, er zit iets in je teksten van je filosofiestudies, maar ben je nu van plan om nog iets met je studies te doen of ga je je concentreren op de band?

Van Ostade Momenteel is het inderdaad heel hard focussen op de band. In het najaar en zeker volgend jaar zal het waanzinnig druk worden. Voor Matthias en Johannes, die nog studeren, is dat heel moeilijk. Zeker tijdens de examens ben je dan fucked.

Genard We willen nu het artiestenstatuut aanvragen, om alles gemakkelijker te maken, maar dat duurt even. Ik wil gewoon deze studies afmaken, zodat ik me niet voel alsof ik mijn tijd verspild hebt.

 

Hoe voelt het om op de universiteit de clip van ‘In Want of Something’ op te nemen?

Genard Goh, we namen het clipje hier op omdat dat we een school nodig hadden.

Van Ostade De Universiteit Antwerpen heeft ons altijd fantastisch gesteund. We hadden ook een kerk nodig, en de universiteit heeft ook meteen hun eigen kapel voorgesteld.

Genard En alle medewerkers zaten rond Antwerpen, dus dit was gewoon het handigste.

 

Het was dus niet echt een symbolische of emotionele beslissing?

Genard Oh ... neen, absoluut niet.

Van Ostade Maar het R-gebouw is wel mottig genoeg voor de sfeer van jaren '70 die we zochten.

 

Love to hate it

Jullie zijn drie keer de Hotshot bij Studio Brussel geweest en twee keer nummer één. Jullie worden dus wel een beetje verwend. Wat vinden jullie van zo’n Facebook-acties als ‘StuBeu’?

Van Ostade Ik snap dat mensen daarover klagen, dat gebeurt altijd, maar ik vind vooral dat Studio Brussel goed heeft gereageerd. StuBeu had kritiek op de uitvoering van de beleidstekst van Studio Brussel. De zender heeft daarop geantwoord dat ze over de jaren heen weinig zijn veranderd en dat die kritiek er altijd is geweest. Al begrijp ik wel dat ze zich moeten aanpassen aan hun luisteraars. Er zijn trouwens ook wel programma’s op StuBru die deftige alternatieve muziek spelen maar die zijn gewoon later op de avond of 's nachts geprogrammeerd. Tijdens de dag en het weekend verandert de zender in … (twijfelt)

Genard ... iets platter. Maar ik deins er een beetje voor terug om mij hierover uit te spreken. Wij kennen de meeste presentatoren en zij staan allemaal achter de beleidstekst van de zender. Ze doen inderdaad veel moeite. Het programma Select bijvoorbeeld speelt bijna alles wat op Pitchfork (een pseudoprofetische muziekblog, nvdr.) staat. Ik luister zelf niet veel naar de radio, het is me te hyperactief, maar ik denk dat het onmogelijk is voor een radiozender om iedereen gelukkig te maken. Ik snap dat mensen minder populaire bands willen horen of minder electro. StuBru is een staatsradio, zegt men, en ik hoor niet wat ik wil horen. Maar StuBru heeft als staatsradio ook een taak, en die vervult ze goed.

Van Ostade Ik vind het wel tof hoe het allemaal is gelopen. Mensen kloegen op Facebook, en Studio Brussel heeft geantwoord. Deze generatie heeft het heel gemakkelijk om een statement te maken.

 

Het imago van underground groepjes is ook veranderd: er zijn minder gescheurde jeansbroeken, minder rebellen enzovoorts. Jullie hebben bijvoorbeeld de reputatie nerds te zijn. Wat vinden jullie daarvan?

Genard Ik vind die gescheurde broeken niet meer nodig. Die groepjes bestaan nog wel, maar ze maken niet per se de interessantste muziek. Pop is verreweg de grootste markt, we hoeven ons niet af te zetten tegen andere genres of een soort van intellectualisme. Over het algemeen ontbreekt dat zelfs. Vroeger heerste er een sfeer van it’s cool to be ignorant, - en onze naam heeft daar niets mee te maken! We vonden dat gewoon een grappige naam voor een Myspacepagina en vervolgens wonnen we onverwacht de Rock Rally. Daar zit echt niets anders achter.

Van Ostade Ondertussen heeft die naam een love to hate it-status gekregen.

Genard Ik heb er af en toe nog spijt van, maar op andere dagen denk ik: Ja, het is leuk om onder zo’n belachelijke naam muziek uit te brengen.

 

Jullie eerste optreden van wat later School is Cool werd was zelfs nog iets heel anders. In Scheld'apen traden jullie op onder naam ‘Billen’. Herinneren jullie je dat nog?

Genard Dat was een misverstand met Scheld’apen. Ik had gezegd: “Je mag ons als School is Cool billen.” Op de bill zetten dus. Hoe kom je dan aan Billen? (lacht)

Van Ostade Die avond: “Hey, we staan niet op de flyer. Ach, we zijn toch niet bekend, maakt niet uit.”

Genard Maar iedereen dacht wel: “Who the fuck is ‘Billen’?”

Van Ostade “Die groepsnaam klinkt wel oké”, dacht ik. Waarschijnlijk één man met een loopstation en drie Casio’s ofzo. Grappig.

Genard Er staat van ons tweede optreden nog een filmpje online dat ik van Andrew niet mag verwijderen.

Van Ostade Dat is waar we vandaan komen!

Genard Maar onlangs had een journalist van Humo het filmpje gezien. Hij meldde droogjes dat we ietwat verbeterd zijn.

 

Geen fantastische muzikanten

Johannes, je had toen al twee groepjes. In Leafpeople speelde Andrew al mee en in Lions & Lambs speelde je samen met Nele. Waarom was er nood aan School is Cool?

Genard Ik had Arcade Fire en The Dodos ontdekt, en was heel enthousiast. Het was geen stijl die pastte bij Leafpeople of Lions and Lambs. Het was eclectischer. Dus begon ik op Garageband voor de lol zulke liedjes te schrijven. Ik genoot ervan om songs helemaal zelf uit te werken.

Van Ostade Als je met vijf mensen een liedje in elkaar wilt steken, lijkt het vaak alsof vijf ego’s tegen elkaar clashen. Het helpt dat alle input van één iemand komt. De rest van de groep kan dan als fan van de muziek advies geven. Maar Johannes heeft een veto.

Genard We krijgen een song af op één repetitie. Met Leafpeople deden we daar maanden over. Soms krijgt iemand een solo omdat hij er in de vorige songs geen had. Bij School is Cool kan ik zeggen: geen solo’s, nooit. Ook al omdat we geen fantastische muzikanten zijn, maar de songs zijn de basis. Daarom zijn ze vaak zo kort. Op het album staan zestien songs en die duren samen drie kwartier. Het is het Pixies-principe: alleen het noodzakelijke.

Van Ostade We hadden heel goede nummers bij Leafpeople. ‘Hiding under Bedsheets’ hebben we zelfs nog op één van onze eerste optredens gespeeld.

 

In een interview met Humo vermeldde Michiel De Vlieger dat je uitgenodigd bent om een week lang bij De Laatste Show te spelen. Kan je daar al iets over zeggen?

Genard Dat is heel spannend, hé. De eerste week van oktober is het aan ons. We moeten alvast een Belgische cover voorbereiden. Cool.

 

In datzelfde interview werden jullie genoemd als fine fleur van de Belgische muziek, samen met Absynthe Minded en Das Pop. Het gaat allemaal heel snel voor jullie. Te snel?

Van Ostade Het gaat heel snel, maar we hebben allemaal onze muzikale bagage. Met Leafpeople hebben we bijvoorbeeld vijf jaar geworsteld.

Genard We zijn ook geen zestien meer, hé.

Van Ostade Het belangrijkste is gewoon om dankbaar te blijven. Het niet vanzelfsprekend vinden.

Genard We mogen vooral niet denken dat we kunst maken als we een scheet laten.

Van Ostade We waren in Kortrijk voor een promo-evenement, en Nele grapte tegen StuBru-medewerkers: “Wow, we zijn alweer jullie Hotshot. Alsof alles wat we uitkakken een Hotshot wordt.” Dat was (wikt zijn woorden) een gênant moment, maar zo durven we zelfs niet te denken.

 

Shi-iiiit

Hoe was het om een album op te nemen? Dat is toch iets waar je, vermoed ik, al lang van droomde.

Van Ostade Amazing. De eerste keer dat we met Reinhard Vanbergen (gitarist van Das Pop, nvdr.) samenkwamen, zat hij naar zijn laptop te staren. Terwijl hij met zijn benen wiebelde, mompelde hij: “Laat maar horen.” Dus we speelden onze nummers. Hij knikte van ja, en toen we afscheid namen, gebood hij: “Volgende keer vijf nieuwe nummers.”

Genard Vijf nieuwe nummers moesten we maken, waarvan drie hits tijdens de examenperiode. Wat?! Ik had twee jaar geschreven aan de tien nummers die we hadden. Maar het is allemaal goedgekomen. Naarmate de samenwerking verder verliep, klikte het meer en meer. Hij heeft ons ongelofelijk hard geholpen. Reinhard is een gitaargod die de drums stemt op gehoor, alle instrumenten bespeelt en de knoppen naar zijn pijpen doet dansen. Dat klinkt stom, maar we waren daar heel erg van onder de indruk. Hij is ook niet vies van synesthetische aanwijzingen zoals: “ik wil dat dit net iets donkerder klinkt’, of “die galm moet groener”. Het is een gigantisch langdurig proces. In november begonnen we met preproductie en pas in maart zijn we twee weken de studio ingedoken.

 

Jullie zijn nogal charismatisch op het podium. Hebben jullie speciale outfits of kostuums?

Van Ostade (nogal droog) Ja.

Genard Andrew is niet zo ongelofelijk enthousiast.

Van Ostade Het kan altijd cooler.

Genard We hebben kostuums laten ontwerpen: we wilden echt een pak dat we konden aantrekken voor we op het podium gingen. Zo’n ritueel doet veel. We hebben een lichtman nu, een lichtshow en backdrops met slides. De mensen van Afreux (o.a. het design voor The Hickey Underworld en DAAU, nvdr.) hebben fantastische etsen gemaakt voor bij elk nummer. Het strijkkwartet hoort ook bij de nieuwe show. Normaal gezien gingen we met hen het album voorstellen op Pukkelpop, wat uiteraard niet is doorgegaan. Maar we zullen proberen hen zo vaak mee te nemen. De kostuums passen perfect in die sfeer van het album. Het is, met die entropie in het achterhoofd, een conceptalbum geworden. Dat gevoel wordt gevoed door het design.

Van Ostade We vonden het belangrijk dat het album, als voorwerp, een grote meerwaarde had. Het is nu echt een mooi ding geworden, bijna een boek.

Genard Het mag niet overkomen als gewoon een bandje dat gewoon genoeg geld had om gewoon wat liedjes op te nemen. Het is meer dan dat. Er moest een discours aan vasthangen. Tom Waits heeft bijvoorbeeld vaak prachtige boekjes. Die lezen met de muziek op de achtergrond is de perfecte luisterervaring.

 

(Op een laptop worden me de ontwerpen getoond. Ze zijn inderdaad fantastisch. De fotografe beaamt en meldt dat de etsen iets heel liturgisch hebben. Een tipje van de sluier, quoi.)

 

Kun je nu, met alles achter de rug, onder woorden brengen hoe trots je bent?

Van Ostade Fucking trots. Shi-iiiit.

 

(Na afloop vraagt Johannes me twijfelachtig of ze iemand beledigd hebben, want dat zou in ieder geval niet de bedoeling geweest zijn. “Vaak wordt wat we zeggen uit de context gerukt”, meldt hij. Lieve jongens toch, die hippe muzikanten.)