Maceo funking Parker

de dwarsdoorsnede
23/03/2016
Bron/externe fotograaf
het wereldwijde web

Voor wie funk kent, is Maceo Parker een van de meest klinkende namen binnen het genre. Voor wie funk niet kent, is hij waarschijnlijk totaal onbekend. De Amerikaanse funk en soul saxofonist maakte begin jaren zestig naam door op te treden als de muzikale linkerhelft van James Brown. Die kent u wel, nietwaar?

Met verdere vermeldingen bij Funkadelic, Parliament, Ray Charles, Prince en de Red Hot Chili Peppers is het palmares van Parker een om trots op te zijn. Maar zoals dat wel vaker gaat met genres die niet binnen het pop/rock-spectrum vallen, is deze funkateer globaal bij de mensen niet zo bekend. Jammer voor die mensen, goed voor ons. Door de geringere bekendheid passeert hij grotere zalen zoals Vorst of Lotto Arena waardoor hij terecht komt in hoogstwaarschijnlijk de mooiste zaal ter wereld om funky en groovy tijden te herbeleven: de Roma.

 

Heerlijke plek de Roma, het volk is net dat tikkeltje alternatiever – al zijn ze even onvriendelijk bij het gedrum om je jas weg te hangen – en de sfeer is net dat tikkeltje uitbundiger. Mensen schamen zich hier minder om eens gek te doen of om een meer gewaagde dansmove uit hun mouw te schudden dan de alombekende ritmisch knikkende knie. Veel weet ik niet van jazz, soul of funk, maar ik ben grote fan van James Brown’s stijl en vuur.

 

Ook de gitaren in groepen als Funkadelic spraken altijd aan. Een concert waar alles omheen de saxofoon wordt gebouwd is daarentegen nieuw voor mij. Tijd om eens een stap in het onbekende te zetten. To get my funk on! En of de funk aan stond! Dat het anders ging worden dan een pop- of rockconcert was te voorzien, maar ik had me niet verwacht aan wat Maceo Parker en vrienden kwamen doen. Ik was niet bekend met de groep, dus ik ging al mooi de mist in toen de zangeres de trombonespeler aankondigde, een zwarte man in een uitzonderlijk strak pak. Ik begon als een gek te juichen tot ik doorhad dat ik een muzikant te vroeg uit mijn dak was gegaan. Wanneer Parker daadwerkelijk aantrad, ontving hij een gejuich en applaus dat in relatief volume – gezien er in de Roma misschien vierhonderd man zit – duizend keer luider was dan het onthaal van sterren als Muse of Tame Impala uit het rockgenre.

 

De man was waanzinnig populair en na een goede vijf minuten wist ik ook meteen waarom. Deze funkateer had geen greintje interesse in het feit dat hij al 73 jaar was en ging tekeer als iemand van mijn leeftijd die onder een goede portie stimulerende middelen zit. Al die jaren gespeeld en nog geen moment verval in het enthousiasme en dat werkte ontzettend aanstekelijk.

 

Er waren geregeld pauzes waarin duchtig gepraat werd met het publiek en ook mopjes getapt werden. Mopjes die vrees ik voorkennis vereisten, want ik snapte er niks van. Netto werd misschien anderhalf uur gespeeld, maar het publiek en ikzelf in het bijzonder zullen zelden in die mate onze heupspieren aan het werk gezet hebben. Ik denk dat ik meer met mijn poep geschud heb dan het gemiddelde schurende tienermeisje op een scoutsfuif. Funk is wereldmuziek, maar het gevoel dat het opwekt, het inwendige vuur, dat is buitenaards.