De top van de UA aan de top

01/04/2004
🖋: 
Auteur extern
De Pen

Nu alle postjes in de hoogste regionen van onze instelling eindelijk zijn ingevuld, kan er begonnen worden met het beleid. Uiteraard zullen die hoogste regionen ons maar al te duidelijk maken dat er met dat beleid helemaal niets mis is. Toch trok dwars op verkenning, gewapend met verslagen en een poging tot gezond verstand.

Het laatste wapenfeit werd gepleegd door prof. dr. Alain Verschoren, die enkele weken geleden werd verkozen tot voorzitter van de Raad van Bestuur van de UA. In dit hoogste bestuursorgaan zitten, naast de voorzitter, ook de rector, de drie vicerectoren, zes proffen, drie assistenten, drie personen van het technisch personeel, drie studenten (jawel) en afgevaardigden van de minister van onderwijs, de gouverneur en de Jezuïeten. Het nieuws van de verkiezing van Verschoren haalde zelfs de Vlaamse online-pers.

 

Enkele maanden geleden haalde Verschoren ook al diezelfde pers, maar dan in het kader van de rectorverkiezingen. Daar moest hij in de tweede ronde met zo’n twintig stemmen of vijf procent verschil de duimen leggen voor prof. dr. Francis Van Loon. Na z’n verkiezing vertelde die aan De Standaard dat “er [bij de eenmaking] geen wezenlijke dingen zijn misgelopen, maar alles is nog niet afgewerkt.” Wij hadden uiteraard liever gehoord dat eventueel “nog niet alles is afgewerkt”, maar in de pers worden woorden zo gemakkelijk verdraaid verklaard. Daar doen we dus beter niet aan mee.

 

De vice-rectoren

Nog wat feiten dan maar. Van Loon en Verschoren waren niet de enige kandidaten voor het Antwerps rectoraat. Ook prof. dr. Dirk Van Dyck en prof. dr. Karel Soudan wierpen zich in de strijd. Deze laatste is ook laatst geëindigd en vervolgens in de analen verdwenen, maar Van Dyck werd enkele weken later met een afgetekende meerderheid verkozen tot de voorzitter van de Onderzoeksraad, waardoor hij één van de drie Antwerpse vice-rectoren werd.

 

Die duidelijke meerderheid was er trouwens ook bij de verkiezing van de twee andere vicerectoren. De voorzitter van de Raad voor Wetenschappelijke en Maatschappelijke Dienstverlening, kortweg de Derde Raad, werd prof. dr. Bea Cantillon, die het ruim haalde van prof. dr. Carl Reyns, ererector van de UFSIA. In de Onderwijsraad werd prof. dr. Joke Denekens verkozen tot voorzitter, waarbij ze de drie mannelijke tegenstrevers duidelijk achter zich liet.

 

De Onderwijsraad

Van de Drie Raden is de Onderwijsraad de meest belangrijke voor de studenten, en daarbij ook ineens de enige van de drie waarin studenten vertegenwoordigd zijn. Er worden onderwerpen besproken zoals de indeling van het academiejaar, het nieuwe onderwijs- en examenreglement, een onderwijsontwikkelingsplan, het practicum- en experimentenfonds en de basisinfrastructuur onderwijs.

 

Gelukkig zit er in de Onderwijsraad van elke faculteit een student, maar gemakkelijk is anders. Die studenten worden namelijk geconfronteerd met verplichte practica en andere academische activiteiten die tijdens de vergaderingen vallen. Een lief woordje van de voorzitter lost die problemen uiteraard niet op, maar er wordt aan efficiëntere maatregelen gedacht.

 

In ieder geval voelen de assistenten zich danig ondervertegenwoordigd, want zij zijn maar met vier en de proffen met zeven en de studenten met zeven en dat is niet eerlijk. Nochtans kunnen die assistenten soms wel zinnige dingen te zeggen hebben als het op onderwijs aankomt, misschien zelfs meer dan een doorsnee prof. Of denken wij dat maar?

 

Op zo’n vergaderingen wordt er echter ook over veel geld beslist. Achter woorden zoals ‘experimentenfonds’ steken projectaanvragen uit alle hoeken van de universiteit, met daarachter proffen die hun onderwijsinitiatieven best wel waardevol genoeg vinden voor een extra zakcent. Over het verdelen van die middelen beslist de Onderwijsraad ook, maar dan in deelcommissies waar dan weer geen studenten inzitten.

 

Geen excuses meer

Alle hoge academische posten zijn voor vier jaar ingevuld. Geen excuses meer. De eenmaking kan niet blijven duren, en daarom verklaren we ze bij deze dan ook voor voltooid. Vanaf nu mag er niets meer de schuld zijn van de eenmaking, vanaf nu is het werken geblazen. Geen ‘ad interims’ meer, maar verantwoordelijkheid en vooral actie op het terrein! We wachten vol spanning.

 

 

Alle verslagen van de hoogste raden zijn publiek, interessant en te vinden op: