olifantenpaadje

het laatste woord

18/05/2017

Je zal het maar voorhebben: het ligt op het puntje van je tong en toch kan je er niet opkomen. Dat ene woord ontglipt je keer op keer. Dit jaar schiet dwars alle schlemielen in zulke navrante situaties onverdroten ter hulp. Maandelijks laten we ons licht schijnen op een woord waar de meest vreemde betekenis, de meest rocamboleske herkomst of de grappigste verhalen achter schuilgaan. Deze keer: olifantenpaadje.

We wijken allemaal wel eens van het rechte pad af, en voor een keer mag je dat best letterlijk nemen. We hebben het hier over ‘olifantenpaadjes', de onverharde weggetjes op grasvelden, gemaakt door fietsers en wandelaars. Als mensen verzetten we ons collectief tegen de geplaveide paden en zoeken we zelf de kortste weg om van A naar B te gaan. Want dat is wanneer olifantenpaden ontstaan: als de officiële weg voor een omweg zorgt. Praktisch ingesteld als we zijn, snijden we dwars over het grasveld de weg af om zo toch maar enkele meters minder te moeten fietsen of wandelen. Nadat enkele durvers zich tegen het systeem verzet hebben, ontstaat er door de afslijting van gras een nieuw pad. De rest volgt het nieuwe paadje daarna braafjes – de mens blijft tenslotte een kuddedier.

 

Op die manier spelen we als Jan Modaal zelf voor landschapsarchitect, soms tot groot ongenoegen van stads- en gemeentebesturen. Die proberen de binnenweggetjes in te dijken door bijvoorbeeld hekjes of grachten te voorzien. Fietsers of wandelaars zien daar geen graten in en overbruggen de hindernis gewoon, ook al doen ze er daardoor net wat langer over. Dat bewijst hoe groot het verlangen is om steeds de kortste weg te volgen – in het Engels dragen deze zelfgemaakte paadjes daarom de naam desire lines.

 

De Nederlandstalige term voor dit fenomeen, ‘olifantenpaadje', kent zijn oorsprong dan weer in de dierenwereld. Wetenschappers stelden vast dat olifanten steeds de kortste weg willen volgen, zonder rekening te houden met de aangelegde paden. Daardoor slijten er zich nieuwe wegen af in het gras, en dat gebeurt ook in de mensenwereld. Het woord werd pas echt populair in de Lage Landen toen fotograaf Jan-Dirk van der Burg in 2011 een poëtisch fotoboek uitgaf over deze onofficiële binnenweggetjes. Sinds dat jaar heeft het fenomeen dan ook een plekje in de ‘Dikke Van Dale’ veroverd.

 

Om een olifantenpad te spotten, moet je overigens helemaal niet naar de boekhandel of naar de savanne. Maak eens een wandeling in een stadspark of trek je eigen dorp in, en plots lijken er overal zo'n rebelse paadjes te liggen. Of misschien ga je zelf al jarenlang ergens van het padje af?